Tagarchief: Sculptuur

Het ene jaar is het andere niet

Hoe herinneringen aan Kerstmis 1944 de blijde boodschap van 2021 maken tot een bundel trefwoorden voor 2022
Kerstgroep: houtsnijwerk uit Oberammergau (Duitsland), vanaf 1968 geleidelijk aan verzameld en toe in Kevelaer een figuur aan te schaffen. De groep is sinds 2000 compleet

Tijdens de Kerstdagen van 2021 dacht ik af en toe terug aan Kerstmis 1944. De afstand tussen toen en nu bedraagt zeven-en-zeventig jaar, toevallig zeven maal elf, twee getallen met meer dan een symbolische betekenis. Kunstenaar Han Klinkhamer leerde mij ooit, dat toeval niet bestaat, maar genade wel. Zal ik het dus maar op genade houden, dat in 2022 bijna alles goed komt, zoals dat in 1945 ook het geval was? Toegegeven: het ene jaar is nooit het andere, en evenmin het betere.  Van de in meer opzichten donkere dagen van Kerstmis 1944 herinner ik me het tekort aan voedsel, de angst voor razzia’s, de thuislessen door mijn ouders. Ik herinner me ook – het was mijn elfde levensjaar – de lange voettocht naar de Nachtmis in de Sint Franciscus Xaveriuskerk in Amersfoort, waar ons gezin na de evacuatie uit Arnhem beland was. Kaarsen opsteken, kerstliederen zingen, de liturgie vieren: dat kon in 1944 wel, maar nu niet. Want de pandemie hield ook de kerken in haar greep, juist nu meer mensen behoefte hebben aan gezamenlijke vieringen. 

Bronzen Kerstgroep uit Benin, enkele jaren geleden verworven in het Afrika Museum in Berg en Dal

Avond- en nacht-missen waren nu onmogelijk, en dagmissen spaarzaam. In Nijmegen-Noord – het vroegere Lent – waren de kerkdeuren zelfs alle dagen en uren gesloten. Aartsbisschop Wim Eijck had alle missen verboden, volgens Eduard Kimman SJ een vorm van pastoraal stalinisme. De Bossche bisschop Gerard de Korte liet zijn parochies enige vrijheid. Is het toeval dat de Waal de grens van de bisdommen is of is het een vorm van historische of geografische genade? Hoe het ook zij: Nijmegenaren konden in de Petrus Canisiuskerk kiezen uit Eucharistievieringen om 9:30, 10:30 en 11:30 uur, met inachtneming van de strenge coronaregels, maar ook met muziek en zang. De kerkgangers merkten tot hun verwondering, dat ook binnen drie kwartier een even ingetogen als feestelijke Kerst-dagmis mogelijk was. In zijn preek ging pastoor Eduard Kimman ook in op de overeenkomst tussen de vrijheidsbeperking in de oorlogsjaren, in het bijzonder 1944 en de belemmeringen in het sociale verkeer, zoals die nu veroorzaakt worden door de overigens noodzakelijke coronamaatregelen.

De verkondiging van de ‘vreugdevolle boodschap, die bestemd is voor het hele volk: heden is u een Redder geboren’ bood een goed aanknopingspunt voor de pastorale oproep om vreugde en verdriet te delen, verantwoordelijkheid te ervaren als een gezamenlijk opdracht, en de vreugdevolle boodschap door te geven, in navolging van beeldhouwers, schilders, grafici schrijvers, dichters en niet te vergeten beoefenaren van de volkskunst, waar ook ter wereld. Het Kerstevangelie volgens Lucas 2, 1-14 begint overigens met de volkstelling, waartoe keizer Augustianus besloten had, en waaraan Jozef met Maria zijn zwangere verloofde, gehoor gaf. Ongetwijfeld zal ook toen het keizerlijk besluit verzet hebben opgeroepen, zoals nu het coronabeleid de samenleving verdeeld houdt. Of destijds ook sprake was van polarisatie en tweedracht valt uit de Heilige Schrift niet op te maken. Maar de passage Hemelse heerschare Eer aan God in den hoge en op aarde vrede onder de mensen in wie Hij welbehagen heeft sterkt mij in de overtuiging, dat de verkondiging van de vrede de kern van het Kerstgebeuren is. Opvallend genoeg riepen Paus Franciscus en Koning Willem Alexander in hun Kerstboodschappen ook op tot een echte dialoog, tot onderlinge verbondenhed en tot het slechten van tegenstellingen (die overigens al voor de pandemie voel- en zichtbaar waren). 

Houten Kerstgroep uit Afrika, waarschijnlijk Zimbabwe, verkregen van het Afrika Museum in Berg en Dal

Overigens maakte op eerste Kerstdag vooral de eerste lezing uit de profeet Jesaja vonken van ontroering bij mij los, door de inhoud en de woordkeus. 

Het volk dat wandelt in de duisternis, ziet een helder licht: een glans straalt over hen, die wonen in het land van de dood. Gij hebt hun blijdschap vermeerderd, hun vreugde vergroot. Voor uw aanschijn zijn zij vrolijk als mensen die opgewekt zijn bij de oogst, of jubelen bij het verdelen van de buit. Want het juk dat zwaar op hem drukt, het blok dat ligt op zijn nek, en de stok van zijn drijver hebt Gij stuk gebroken als in de dagen van Midjan. Want een kind is ons geboren, een zoon werd ons geschonken: hem wordt de macht op de schouders gelegd, en men noemt hem: wonderbare raadsman, goddelijke held, eeuwige vader, vredevorst.

Jesaja bood een vooruitblik op wat in de Kerstnacht te gebeuren stond met Joseph en Maria, voor wie geen plaats was in de herberg. Daarom legde zij haar eerstgeborene in een kribbe. Die eenvoudige, maar tegelijk verstrekkende gebeurtenis is intussen ontelbare malen verbeeld, veelal gemodelleerd naar de lokale komaf van de (volks)kunstenaar, of opdrachtgever, in enkelvoud en veelvoud, van allerhande materialen, in alle tijden. De kerstkribbe heeft niet voor niets decennia en eeuwen overleefd, en houdt de gedachte aan de oorsprong van het christendom levend. 

Kerstgroep in de Antonius Abtkerk in Nijmegen: afsluiting van de Kerstkribbe-route Hees

Een rondtocht door het gevarieerde Rijk van Nijmegen leerde, dat tijdens de Kerstdagen van 2021 heel wat kerken de deuren hadden geopend om de door de lockdownn geknotte samenleving de gelegenheid te bieden door een blik op de Kerstgroep blijde boodschap te ervaren en door te geven. Het bezoek aan de inmiddels ook buiten ijmegen befaamde Kribjesroute Hees leerde, dat nog altijd veel mensen het Kerstverhaal en de daaraan verbonden trefwoorden tot zich willen nemen, inclusief de trefwoorden, die voor mij aan de blijde boodschap zijn verbonden. Ik denk aan vrede, vreugde en vriendschap; vervolgens aan liefde, verbondenheid en genegenheid; ook aan zorgzaamheid, barmhartigheid en goedertierenheid; en tenslotte noem ik rechtvaardigheid en saamhorigheid. Laten we elkaar vasthouden in goede en minder goede tijden, met deze bundel trefwoorden. Zij blijven gelden niet alleen de komende dagen en weken, maar ook in 2022, na een jaarwisseling waarin een in meer opzichten bewogen jaar wordt afgesloten.

Magische constructies van Coen Vernooij

Coen 1
‘Tall Object’ (2010) van Coen Vernooij: Willem Schiffstraat 3 Nijmegen [Foto: Coen Vernooij]
Enkele jaren geleden ontdekte ik tijdens een van mijn wandelingen over de Groesbeekseweg in Nijmegen in de tuin van kunstenares Nel Linssen een eenvoudige  maar opvallende metalen constructie. Het beeld – want zo was het bedoeld – trok met enige regelmaat mijn aandacht door de veranderende vorm bij het voorbijgaan. Enige tijd later trof ik bij een bezoek aan Galerie Agnes Raben in Vorden een drietal soortgelijke maar toch – ook onderling – verschillende sculpturen van Coen Vernooij, een Nijmeegs kunstenaar, die ik bij mijn omzwervingen in het artistieke Rijk van Nijmegen nog niet had ontmoet. De wit-metalen constructies lieten mij niet los, waarschijnlijk door de combinatie van de strakke vorm en de wisselende indruk, afhankelijk van de plaats van waaruit het ’tall object’ bekeken wordt.

tn__MG_6928b
Vijf maal het ‘Tall Object’ van Coen Vernooi in de tuin achter het atelier van de kunstenaar, die ook Small en Flat Objects maakt. De hoogte van het tuinbeeld ts 220 cm, de lengte en breedte 40 cm[Foto’s: Coen Vernooij].
tn__MG_6921b tn__MG_6922b tn__MG_6924b tn__MG_6927b ‘Tall objects’: zo noemt Coen Vernooij zijn meer dan menshoge titelloze tuinbeelden, die menig kijker zullen verrassen. Een titel zou volgens de kunstenaar teveel afleiden, kleur ook.  Wat op het eerste gezicht een eenvoudig raamwerk lijkt, roept bij nader in- en omzien tal van associaties op. De open constructies van aan elkaar gelaste en  wit gepoedercoate metalen staven veranderen bij een gewijzigd perspectief in even ongedachte als onverwachte sculpturen. De vraag, of de term sculptuur past bij de beelden van Coen Vernooij, doet eigenlijk niet terzake. Wat wel telt, is de bijzondere wisselwerking met de omgeving, en ook met het licht. Die interactie pakt anders uit dan bij houten of stenen sculpturen, waarbij de omgeving een andere, soms ondergeschikte rol speelt.

20150425_161746 (1)
De omgeving telt mee bij de sculpturen van Coen Vernooij [Foto: Ad Lansink
De beeldend kunstenaar uit Nijmegen koppelt eenvoud aan zeggingskracht, en roept daarmee  verwondering en bewondering op. De in letterlijke en figuurlijke zin transparante beelden blijken veelal gecompliceerde constructies, die vanuit allerlei hoeken bekeken moeten worden om doorzien en begrepen te worden. Wie zou denken dergelijke verrassende constructies zelf te kunnen bedenken, komt na een rondgang om en een zorgvuldige beschouwing van de beelden snel tot het besef, dat dat niet het geval is. Een goede verbinding van creativiteit en vernuft is niet ieder mens gegeven,  de rationele vertaling van spontane of langzaam opkomende gevoelens in (weer) een verrassende constructie evenmin. Coen Vernooij kan dat wel, en doet dat op onnavolgbare wijze in zijn abstracte en tegelijk magische constructies: tijdloze sculpturen met een uniek karakter, dat aanzet tot reflectie. Dat is een mooie opgave in een tijd, waarin bezinning geboden lijkt.

 

 

 

 

Potscherf van Andreas Hetfeld

20150301_155501
Artefact 289-1: Canonkunstproject van Andreas Hetfeld te Bathmen Kunststof op rode baksteen 

Canonvenster van Arkelsteen en Sallandse Landweer

Wie  binnendoor van Holten naar Bathmen wandelt, fietst of rijdt ziet even na de buurtschap Loo in de verte een op het eerste gezicht abstract kunstwerk. Dichterbij gekomen ontwaart de voorbijganger de contouren van een immense Potscherf, vastgezet op een grote sokkel van rode baksteen. Het is een opvallend kunstwerk van Andreas Hetfeld, de Nijmeegse kunstenaar, die al eerder mooie stalen – staaltje past niet in dit verband – van omgevingskunst heeft verwezenlijkt. Denk maar aan zijn Nesten in Antwerpen, Deventer en Berlijn of de Zonneboom in Nijmegen.

20150301_154438
Andreas Hetfeld toont functie van Potscherf. Op de achtergrond: Land van Roeterdink

Zijn schepping in Bathmen, vlak bij de Oude Schipbeek, draagt de prozaïsche naam Canonkunstwerk Artefact 289-1. Het forse beeld maakt deel uit van het Canonkunstproject: een reeks van vijftien kunstwerken van het project Kunst en Ruimte van de Ijsselacademie en het Kunstenlab. De deelnemende kunstenaars kregen de vrije hand bij de verbeelding van onderwerpen uit de Canon van Overijssel. Te oordelen naar Artefact 289-1 is zulk een gedeeltelijk vrije opdracht – alleen het thema staat vast – een mooie uitdaging, ook voor Andreas Hetfeld die het verleden evenmin schuwt als de toekomst.

20150301_154348
Onthulling van de Potscherf – Op de rug gezien Suus Baltussen, die met Andreas Hetfeld het beeld had ingepakt

De Potscherf is de artistieke verbeelding van het canonvenster’ Arkelstein en de Sallandse landweer. Het kunstwerk van Andreas Hetfeld verwijst naar het vroegere Kasteel Arkelstein, dat tussen 1360 en 1560 de stedelijke en bisschoppelijke handelsbelangen moest bewaken, als onderdeel van de befaamde Sallandse landweer. Na het verlies van de bisschoppelijke zeggenschap in 1528  verviel het kasteel geleidelijk aan tot in 1576 nog slechts een ruine resteerde. In 1646 besloot het gemeentebestuur van Deventer om Arkelstein volledig te slopen. Wat restte was een leeg landschap.

De wethouder van Deventer is beretrots op de aanwinst in zijn gemeente
De wethouder van Deventer is beretrots op de aanwinst in zijn gemeente

Onzichtbare elementen van het vroeg gesloopte kasteel liggen achter de boerderij van de Familie Roeterdink. In 1870 had een voorouder het terrein van maar liefst 30 ha verworven. Een klein deel van het weiland is afgestaan voor de oprichting van het opvallende kunstwerk. Andreas Hetfeld heeft zich laten inspireren door een van de scherven, die op het terrein van de Famlie Roterdink zijn gevonden. Samen met de bakstenen sokkel vormt de Potscherf een bijzondere verwijzing naar vroegere tijden, toen het kasteel en de landweer bescherming boden tegen roof- en plundertochten.

Andreas Hetfeld legt aan de grote schare gasten uit hoe en waarom hij Arkelstein in de Potscherf heeft verbeeld
Andreas Hetfeld legt aan de grote schare gasten uit hoe en waarom hij Arkelstein in de Potscherf heeft verbeeld

Een kleine honderd mensen waren op de winderige maar mooie zondag van 1 maart 2015 getuige van de feestelijke onthulling van het Canonkunstwerk ‘Arkelstein en de Sallandse landweer’. Andreas Hetfeld en zijn partner Suzanne Baltussen hadden in eendrachtige samenwerking de hele winter besteed aan het spectaculaire project.  Aan het uitpakken kwamen heel wat handen te pas, vooral van mensen die ook bij de bouw betrokken waren geweest. Insiders zoals de wethouder van Deventer, outsiders zoals ik zelf en toevallige voorbijgangers staken hun bewondering niet onder stoelen of banken. Latere passanten, die zich waarschijnlijk afvragen, wat die opvallende Potscherf daar langs de Looweg tussen Holten en Bathmen doet, krijgen op een informatiebord uitleg over het roemrijke verleden van Arkelsteinn, en zijn bouwer: vorst-bisschop Jan van Arkel uit Utrecht.

Open Atelierdagen 2014 in de Kraijenhoffkazerne

Bij het licht van Marion Timmerman
Bijgelicht door Marion Timmerman

De Open Atelierdagen in de Nijmeegse Krayenhoffkazerne zijn onder kunstliefhebbers maar ook daarbuiten een begrip geworden. De kunstenaars mochten op de dag van de opening – 31 oktober 2014 – veel gasten begroeten in de met fakkels en vuurkorven verlichte en verwarmde binnentuin, waar het door het rustige herfstweer en de wijn goed toeven was. Jeroen Kurpershoek verraste de bezoekers met ingetogen en toch vrolijke muziek op zijn basgitaar. Zijn indrukwekkende songs stemden tot nadenken. Maar veel tijd hadden de gasten daarvoor niet, want na Jeroen’s slotakkoord mocht ik van ‘oppergastvrouw’ Karin Elfrink in een ongekend feestelijke ambiance de Open Atelierdagen 2014 openen, achter een opvallende installatie van Ria Roerdink en uitstekend bijgelicht door Marion Timmerman.

Titel
Spandoek met verwijzing naar website

Het besluit om alle kunstenaars – het zijn er maar liefst 34 – met twee zinnen artistiek te typeren pakte, gelet op de enthousiaste reacties na afloop goed uit. De dag voor de opening had de immer goedlachse Karin mij door het fraaie complex geleid. Aan de aanwezige kunstenaars had ik trefwoorden gevraagd, omdat mijn toespraak niet te lang mocht worden. Dat zij soms meer vertelden hinderde natuurlijk niet. De ontbrekende informatie was gelukkig te vinden op de nieuwe (en fraaie) website, die alle kunstenaars de nodige individuele ruimte biedt en toch de kracht van het collectief uitstraalt. Veelzijdigheid in verbondenheid, eigenheid naast saamhorigheid: woorden die in mijn toespraak ook terug te vinden zijn.

Een en al aandacht voor Jeroen Kurpershoek
Een en al aandacht voor Jeroen Kurpershoek

Na de achteraf niet te lange reeks van 34 minischetsen heb ik twee kunstenaars met de aanbieding van ‘Volg de zon en vang het licht’ – het boek over Andreas Hetfeld’s Zonneboom – van een eervolle vermelding voorzien. Lucy Besson en Karin Elfrink verdienden om andere dan artistieke redenen een extra pluim (en applaus) voor hun organisatorische activiteiten en voor de kans, die ze mij geboden hebben om weer een aantal kunstenaars te mogen ontmoeten en te leren kennen. De openingsavond van de Open Atelierdagen 2014 werd een sfeerrijke en onvergetelijke gebeurtenis, ook door de ontmoetingen en gesprekken in de ateliers. Dat de deur van de Kazerne pas ver na het officiële sluitingsuur op slot ging, laat zich raden.

Klaas Gubbels, Harrie Gerritz en Ilse Vermeulen in Skagen’s M.galleri

Het bijzondere logo met de M van Marin
Het bijzondere logo met de M van Marin

De expositie van Klaas Gubbels, Harrie Gerritz en Ilse Vermeulen in Skagen, in het hoge noorden van Denemarken, was aanleiding voor een mooi reisdoel: de befaamde Deense vissersplaats, die al lang een artistieke naam weet hoog te houden. De uitnodiging van Harrie Gerritz voor de opening van de expositie in de M.galleri bleek de opmaat voor een boeiende dag in de noordelijke punt van Jutland. De M staat voor Marin Karstensen, kundig verzamelaar maar ook galeriehoudster met een voorliefde voor eigentijdse kunst, voor wie nationale grenzen niet bestaan. Haar man Knud, eigenaar van Karstensen’s Skibsvaerf leerde het bouwen van schepen o.m. in Monnikendam, terwijl Marin geboren is in Ijsland: vandaar wellicht hun internationale oriëntatie. Jenny Gerritz keek verrast op toen ze ons zag op het zonnige binnenerf van M.Galleri: een wit gepleisterd complex langs de weg naar Kandested, vlak bij Rabjerg Mile Camping, waar we ons bivak hadden opgeslagen. Marin, die we de avond tevoren op zoek naar de galerie al hadden ontmoet bij haar fraaie huis aan de Lundholmvej had op ons verzoek onze komst voor zich gehouden.

Binnenplaats van M.galleri in Skagen
Binnenplaats van M.galleri in Skagen

Harrie Gerritz was net zo verrast als zijn echtgenote, toen de vriendelijke en spontane eigenaresse van M.galleri ons mee naar binnen nam, waar Harrie en Ilse  – Klaas Gubbels was in Frankrijk  –  in gesprek waren met Joan Court. De  ‘tweede man’ van de Nederlandse ambassade zou later de tentoonstelling met welgekozen woorden openen. Het werk van de Nederlandse kunstenaars – fraai tentoongesteld in afzonderlijke ruimten, naast een gemeenschappelijk middendeel – werd door de gasten van M.galleri enthousiast ontvangen, te oordelen naar de geanimeerde gesprekken na de korte maar krachtige opening. Hoewel het ook buiten goed toeven was met zon, wijn en groene bonen raakten heel wat gasten aan de praat met beide kunstenaars.

Aankondiging in Skagen Onsdag
Aankondiging in Skagen Onsdag

Engels bleek in het verre Skagen een prima voertaal, ook ‘s avonds tijdens het erediner in het fraaie huis van Marin en Knud Karstensen, waar we naast mooie schilderijen ook een bronzen beeld van Harrie Gerritz aantroffen. Daar mochten we met de kunstenaars in kleine kring ervaren, dat kunst en gastvrijheid hand in hand gaan. Onze dank en waardering voor de spontane invitatie van het kunstzinnige echtpaar heb ik als ‘mystery guest’ proberen te verwoorden. Wat blijft zijn  de herinneringen aan een bijzondere dag,  ver van Nijmegen maar dichtbij waar het de vriendschap en verbondenheid met kunst en kunstenaars betreft. Die herinnering blijft levend in een kleine ‘slide show’ op deze pagina. De afbeeldingen spreken waarschijnlijk voor zich, mede dank zij de hoofdrolspelers: Marin Karstensen, ambassadesecretaris Joan Coert, Harrie (en Jenny) Gerritz, Ilse Vermeulen en – afwezig maar met zijn doeken erbij  – Klaas Gubbels: drie bekende Nederlandse kunstenaars die gedurende enkele weken hun werk in Denemarken mochten tonen. Wie nog meer beelden wil zien, klikt op deze link: Memories of a beautiful exhibition at M.galleri (Skagen), met Engelse toelichting.

[easymedia-slider-one med=”1903″ size=”300,430″]

 

Interart 25 Jaar: Vier de verbeelding, met o.m. Alexander Bobkin

Alexander2
Alexander Bobkin voor twee van zijn grote doeken in Galerie Interart bij de opening van de combinatietentoonstelling op 31 augustus 2014
Foto: Ad Lansink

Dank zij de uitnodiging van Alexander Bobkin voor de opening van een combinatietentoonstelling bij Interart in Heeswijk-Dinther ontdekte ik, dat de befaamde Galerie en Beeldentuin al weer 25 jaar bestaat. Ik herinner me als de dag van gisteren, dat ik in 1991 de expositie van beeldend kunstenaar Robert Terwindt en beeldhouwer Piet Slegers mocht openen, toen nog in het oude gemeentehuis, waar de galerie vanaf 1989 was gevestigd. Van de fraaie beeldentuin had ik wel gehoord, maar ik was er nog nooit geweest. Ook de duurzame galerie, waarmee Astrid en Dick Rakhorst enkele jaren geleden hun fraaie beeldentuin hadden verrijkt, had ik nog niet kunnen bewonderen. De deelname van Alexander Bobkin aan de expositie, waarmee Interart het jubileumjaar 2014 afsluit, was een mooie aanleiding om een bezoek te brengen aan wat waarschijnlijk de mooiste beeldentuin van Nederland is.

as-en-dick-2014.jpg-klll
Astrid en Dick Rakhorst in hun duurzame, indrukwekkende galerie
Bron: www.interart.nl

Beeldentuin
De tijdelijke parkeerplaats – een weide naast het terrein van Interart – leerde al snel, dat veel kunstliefhebbers de weg naar het artistieke domein van Astrid en Dick Rakhorst hadden weten te vinden. De even enthousiaste als ondernemende galerie-eigenaren maken – zo blijkt uit de immense beeldenverzameling – het motto van het jubileumjaar ‘Vier de Verbeelding’ in alle opzichten waar. De bezoekers van de even omvangrijke als gevarieerde beeldentuin kijken hun ogen uit. Grote en middelgrote beelden en sculpturen in staal, brons, hout, keramiek, graniet, glas of kunststof van een reeks befaamde kunstenaars bieden een goed zicht op de actuele beeldhouwkunst. De opstelling in de open, groene ruimte geeft de kunstliefhebber een mooie indruk van wat hij of zij bij plaatsing in eigen tuin mag verwachten. Terug naar de (voor 2014) slottentoonstelling in de galerie: een combinatie van bekende en nieuwe kunstenaars. De Belgische kunstenares Jenny Verplanke toont  opvallende,  en toch ingetogen schilderijen, de Iraanse Chahab Tayefeh-Mohajer bijzonder kleurrijke  schilderijen en gravures en de uit Rusland afkomstige, maar al jaren in Wychen en Nijmegen actieve Alexander Bobkin zijn mysterieuze, tegelijk boeiende schilderijen. Interart presenteert verder – binnen en buiten – het werk van  Carlos Mata en Harry de Leeuw, twee gerenommeerde beeldhouwers, die al langer deel uitmaken van de collectie.

Boekomslag
De Kracht van Duurzaam Veranderen: het boek van Anne-Marie Rakhorst, waarvan in maart 2013 de 2e druk verscheen
Uitgave: Search Knowledge – Scriptum
ISBN 9 789055 942244

Astrid en Dick Rakhorst
De hartelijke ontmoeting met Alexander en Ludmilla Bobkin leidde vanzelf tot de, achteraf hernieuwde kennismaking met Astrid Rakhorst, die vrijwel meteen haar echtgenoot inlichtte over de opening in 1991, toen de galerie pas kort bestond.  Dick Rakhorst herinnerde zich mijn naam, maar in ander verband. Via zijn dochter Anne-Marie – oprichter en tot voor kort eigenaar van het toonaangevende adviesbureau Search – was de link naar de Ladder van Lansink, C2C en Michael Braungart snel gelegd. Wat begon met een boeiend bezoek aan de jubileumexpositie van Interart, met Alexander Bobkin als mediator, eindigde met een verrassend gesprek over wat Anne-Marie Rakhorst in de afgelopen jaren heeft meegemaakt, over haar te vroeg gestorven echtgenoot Eugene Janssen, en over de wijze waarop zij de tegenslagen te boven is gekomen. Ik kreeg in ruil voor het boek ‘De Kracht van de Kringloop’ haar nieuwste boek mee, een herinnering aan een bijzondere dag in Heeswijk-Dinther, waar de verbeelding gevierd kan worden tot en met 12 oktober 2014. De galerie en beeldentuin van Interart zijn een bezoek ten volle waard.

Niemandsland: een bijzondere installatie van Andreas Hetfeld

IMG_0617
Niemandsland: installatie van Andreas Hetfeld
in het Nijmeegs stadhuis
September – Oktober 2013

Bezoekers van het Nijmeegse Stadhuis, die de zij-ingang via de Mariekenstraat verkiezen boven de hoofdingang naast het oude, monumentale gebouw aan de Burchtstraat, komen vanzelf langs een glazenwand: feitelijk een langwerpige etalage, die kennelijk bedacht is om aandacht te vragen voor gemeentelijke voorwerpen uit een oud of recent verleden. Sinds 2009 biedt deze ruimte onder de naam ‘De Nieuwe Kamer’ kunstenaars de gelegenheid om hun verbeelding van de werkelijkheid aan toevallige voorbijgangers of bewuste bezoekers te tonen. De ‘curatoren’ van De Nieuwe Kamer (www.denieuwekamer.nl)  – Geertjan van Ostende en Marcel Blom – nodigden onlangs Andreas Hetfeld, de schepper van de in 2012 bij Station Heyendael opgerichte Zonneboom, uit om in een bijzondere installatie het verband tussen mens, natuur en techniek zichtbaar te maken. De mens is volgens de kunstenaar een kleine schakel in een veel groter geheel. Verval is de kiem voor nieuw leven, zoals zich dat bij voorbeeld ontwikkelt in de berenklauw. Enkele aspecten van ‘Niemandsland’, de titel van de even verrassende als spectaculaire installatie – de stam waarop de berenklauw rust, maar ook het ne(s)twerk, dat uit de ter aarde gevallen mens voortspruit – verwijzen naar de Zonneboom (www.zonneboom.info): het innovatieve kunstwerk, waarin natuur en techniek met elkaar versmelten. ‘Niemandsland’ is de moeite van een tocht naar of (korte) omweg door het Nijmeegs stadhuis meer dan waard.

 

Boeiende ‘Mindscapes’ van Frank Vanhooren in Brugge

P1030566
Frank Vanhooren
Droombeeld van een eenzame

Op doortocht van Cayeux sur Mer naar Nijmegen blijkt – zoals te verwachten was – Brugge een geschikte plaats voor een toevallige tussenstop. Het Vlaamse pronkjuweel op Unesco-lijst van Werelderfgoed trekt talloze bezoekers, uiteraard op de Grote Markt maar ook in de kerken en musea. Na het bezoek aan het beroemde Belfort en het fraaie Stadhuis treffen we – ook bij toeval – de expositie ‘Mindscapes van de Vlaamse keramist Frank Vanhooren: enkele tientallen minibustes van oude(re), meestal in diep gepeins verzonken mannen. Een deel van de figuren doet, ook door de zwartgrijze kleur, nogal somber aan. Een ander kleurrijker deel spreekt, hoewel vrolijkheid ver te zoeken lijkt, sterk tot de verbeelding, ook door de soms mysterieuze titel, die de kunstenaar op de sokkel van de beelden heeft geplakt. De beelden drukken kennelijk uit, wat de kunstenaar in zijn omgeving waarneemt. Frank Vanhooren legt ons zelf de kleurverschillen uit. De zwart-grijze beelden zin bij hogere temperatuur gebakken om weer en wind te kunnen doorstaan. De figuren met de meestal aardse kleuren – gebakken bij ruim 1000 graden – zijn bedoeld voor binnen: stille en eenvoudige ‘critineske’ beelden, waarin de kunstenaar de ziel van de mens probeert bloot te leggen. ‘Droombeeld van een eenzame’ gaat mee naar Nijmegen, herinnering aan een bijzondere ontmoeting met een bevlogen kunstenaar, die de samenleving anno 2013 met eigen ogen beziet en weergeeft. Wie een indruk wil krijgen van Frank Vanhooren’s werk hoeft niet naar Brugge of Desselgem: zijn website biedt een boeiende kijk op de keramische figuren van Frank Vanhooren.

De Karavaan van Peter Hiemstra en Henk Slomp

Hiemstra 2

Museum Martena in Franeker beleefde op 15 maart 2013 een bijzondere artistieke en literaire gebeurtenis: opening van de expositie ‘De Karavaan’. Op een 14 meter lange tafel staan merkwaardige, fantasierijke uitgevoerde wagens in een lange bizarre optocht, die samen een  echte karavaan verbeelden. De gedetailleerde, vaak ook kleurrijke berijders en vaak merkwaardige voertuigen komen voort uit de synergie tussen Peter Hiemstra en Henk Slomp. Dichteres Lisette Leenstra draagt een fraai gedicht voor, een heldenepos, dat treffend de even vreemde als fraaie stoet figuren en voertuigen duidt. De kunstenaars zijn volgens de in grote getale opgekomen bezoekers er in geslaagd om de toeschouwers aan het raden, denken en fantaseren te zetten.

Hiemstra-jan11-3Voorop gaat ‘De Verkenner’, die de merkwaardige stoet op zijn Segway avant la lettre de weg wijst. Op zijn snel wendbare vervoermiddel kan hij volgens de kunstenaar alle kanten op en elk terrein bedwingen. Meteen achter de verkenner rijdt de wagen, getiteld ‘M. BOYD is coming to town’. De naam staat voor Mothers, Beware Of Your Daughters’. Met gebalde vuisten houdt de koetsier de teugels vast. De geslepen  avonturier houdt – zo gaat het verhaal – vooral van vrouwelijk schoon, vandaar zijn opvallende naam. Enkele andere wagens waren al eerder te zien op exposities van Peter Hiemstra, onder meer bij de ook aanwezige Bianca Landgraaf, de galeriehoudster uit Laren, bij wie ik in 2011 de Wolvenman kocht.

De Wolvenman trof ik op de REAL-expositie in Amsterdam. Hij viel op door door zijn sokkel: een echte stalen ladder met een plateau, van waaraf hij de omgeving goed kon overzienen. Toen ik de galeriehoudster vroeg of in de prijs van het kunstwerk ook de ladder  was begrepen, zei ze na enig zoekwerk: ja, maar voegde daar meteen aan toe: U kunt het werk ook zonder ladder kopen. Mijn reactie – het gaat mij eigenlijk ook om de ladder – riep terecht enige verbazing op.  Reden genoeg om bij het afhalen van het beeld in Laren een exemplaar van ‘De Kracht van de Kringloop’ mee te nemen.  Een tegenprestatie, die door Bianca Landgraaf zeer werd gewaardeerd.