Speelveldtoets

De demissionaire status van het kabinet Schoof valt nauwelijks op. Toch dwalen de overgebleven bewindslieden van het rompkabinet al enkele maanden rond in een politiek niemansland. ‘Business as usual’ lijkt op het parool, zowel voor het geamputeerde kabinet als voor de gepolariseerde Kamer. Maar wie wat verder kijkt dan de waan van de dag, ziet besluiteloosheid. Het stilstofdossier vormt het bewijs, net zoals het klimaatbeleid, hoewel de toezegging van twee euro miljard voor de vergroening van Tata Steel een ferme daad lijkt. Vergeleken met dat bedrag is de in het Belastingplan ingeboekte aanslag jaarlijkse van 567 miljoen euro voor de afvalsector een vrijwel zekere maar tegelijk discutabele zaak. Eenmalige subsidies vergt een andere beoordeling dan structurele lastenverzwaringen. Oorzaak van deze inmiddels door de Vereniging Afvalbwdrijven en de NVRD bestreden verhoging van de verbrandingsbelasting is het schrappen van de in de Voorjaarsnota 2025 voorziene plastictaks: een belasting op nieuwe plastics om het prijsverschil met gerecycleerde plastics te verkleinen, waardoor de verpakkingswereld meer recyclaat zou kunnen inzetten. De plasticrecycling zou na de recente faillissementen dan weer kunnen opbloeien. Zover kwam het niet: de plastic taks – om circulaire redenen een goed idee – werd door de industrie uit vrees voor internationale concurrentie voortijdig afgeschoten. De minister vroeg de Plastictafel – een bont gezelschap met o.m. VA en NVRD maar ook VNO, Verpact, NRK, Urgenda en Natuur & Milieu – alternatieve voorstellen om het begrotingsgat te dichten. Die uitdaging liep op niets uit, hoewel het rapport van de Plastictafel aanknopingspunten biedt voor nieuwe circulaire routes. De Plastictafel formuleerde daartoe een reeks essentiële randvoorwaarden. Een goede heffing moet duurzame en circulaire oplossingen stimuleren, ook om burgers en bedrijfsleven te activeren. De marktwerking moet worden bevorderd, naast het verdienmodel voor circulariteit. Oneerlijke speelvelden en weglek- en waterbedeffecten moeten worden voorkomen. Heffingen moeten zoveel mogelijk aansluiten bij de Europese regelgeving. Het ‘vervuiler betaalt’ principe en praktische uitvoerbaarheid spreken voor zichzelf. Het uitblijven van een oplossing betekent overigens, dat de uitwijk van het demissionaire kabinet naar de belasting van de afvalsector vooralsnog overeind blijft. Reden genoeg voor de VA om PwC Strategy& de gevolgen voor de afval- en recyclingsector te laten onderzoeken via een ‘speelveldtoets’, een nieuw bestuurlijk begrip. De uitslag ligt voor de hand: de fiscale maatregelen werken averechts, een te verwachte conclusie, wanneer het dogma van het gelijke speelveld leidend is. Zouden circulariteit en duurzaamheid de belangrijkste randvoorwaarden zijn, dan pakt de ‘speelveldtoets’ waarschijnlijk anders uit. (Column RMB 2025.7 – oct-nov 2025)