Dick Tasma – schilderdier en Bourgondier

Tasma Ontmoeting
Dick Tasma – Ontmoeting (2007)
Olieverf op linnen

Archeoloog van de ziel – Een jaar geleden besteedde ik vele uren aan het schrijven van ‘Beeldspraak’, een boek waarin ik een reeks gesprekken met kunstenaars uit het Rijk van Nijmegen bundelde. Afleiding zocht ik soms in de tuin: het gras en de bloemen vroegen ook aandacht. Maar ik was zo met dat boek bezig, dat ik niet kon nalaten mijn buurman Joost Muskens deelgenoot te maken van mijn inspanningen om kunstenaars met hun eigen woorden en beelden te portretteren. Komt die blozende kunstenaar ook aan het woord, vroeg Joost. Wie bedoel je vroeg ik? De naam schoot hem zo gauw niet te binnen, de kleur van zijn gezicht en het tekort aan hoofdhaar wel. Dat Bourgondisch type zei Joost: een hele goede kunstenaar. Ineens wist ik wie hij bedoelde: Dick Tasma. Kort tevoren had ik opgetekend, dat Dick een schilderende Bourgondier wordt genoemd. Een aardige typering. Maar ‘archeoloog van de ziel’  snijdt meer hout. Die aanduiding komt van Liesbeth Grotenhuis, conservator van de Kunstcollectie van de Gasunie. Zij omschreef het werk van Dick als archeologie van de ziel. Het is de metafoor voor het ontrafelen van de echte en vermeende werkelijkheid. Wanneer een toeschouwer bereid is om dieper in zichzelf te kijken, dan moet hij mijn doeken kunnen herkennen. En zich eigen kunnen maken, aldus Dick, die mij probeerde duidelijk te maken, dat hij al schilderend soms heel diep in de verf zit, ook met zijn ogen.

Dick Tasma - Sculptuur (2007)
Brons

Leven op liefde – Diep in de verf: Dick Tasma ziet beelden, die zich in zijn onderbewustzijn genesteld hebben. Die beelden geeft hij weer met zijn eigen iconen en symbolen, een figuurlijke woordenschat als het ware. Het opdiepen van universele beelden en het schilderen in lagen: dat is de archeologie voor – of van? – de ziel. De iconen zijn universeel. Stieren stralen kracht uit, en vogels verbeelden vrijheid. Een groep mensen verbondenheid. Praten met Dick Tasma over zijn schilderijen is overigens een belevenis apart. Toen we spraken over saamhorigheid en teamwork, herinnerde  de kunstenaar mij aan kluizenaars,  die uit liefde geboren zijn, maar eenzaam, zonder liefde gestorven. De mens leeft op liefde, zegt Dick, en hij heeft gelijk. Leven op liefde: schreef ik onmiddellijk op. Ik voelde meteen, dat ik een mooie titel had voor het verhaal over ons gesprek. Liefde: jawel, maar voor wie en wat, waar en wanneer? Wel: op de eerste plaats liefde voor mens en dier. De beelden – ook vandaag – bewijzen dat ten overvloede. Maar ook liefde voor de verf en alles wat Dick Tasma daarmee kan doen. Hij vindt het niet erg, wanneer hij een schilderende Bourgondier wordt genoemd – genieten hoort bij zijn leven – en nog minder erg wanneer de term schilderdier wordt gebezigd. Schilderen is zijn lust en zijn leven, liefst op grote doeken. Want dan heeft hij de ruimte, vaak ook voor meer taferelen. Op een groot formaat kan ik meer bewegen. Ik kan ook meer invalshoeken kwijt dan op een klein paneel, aldus Dick die af en toe de tijd neemt  om kleinere schilderijen te maken met andere penselen, en soms ook een andere ondergrond. Zijn bewegingen komen dan uit de pols, niet uit de schouder. Ander verschil: een doekje kun je niet op zijn donder geven. Heel wat doeken, hier in Emmen, hebben er waarschijnlijk flink van langs gekregen.

Neosymbolisme – Dick Tasma is een schilderdier,  beeldend kunstenaar in meer opzichten, gewaardeerd om zijn vakmanschap, originaliteit en zijn vermogen om kijkers aan het denken te zetten. Niet belerende, maar wel stimulerend. Ontdek wat ik heb willen verbeelden, of ga zelf op ontdekkingsreis: dat is de boodschap van de kunstenaar, die geen moeite heeft met het etiket van het neosymbolisme.  De dingen, die ik schilder, staan niet voor wat ze zijn. Ze zijn het symbool voor iets anders, een diepere en overdrachtelijke betekenis, aldus Dick, die als voorbeeld de schaal noemt: symbool van het geven en delen. Het is geen symbolisme van de vorige eeuw, wel van en in het hier en nu. De betekenis, die Dick Tasma aan zijn doeken wil meegeven bevindt zich achter, op of onder de voorstelling. Hij heeft wel een bedoeling. Hij schildert de stier niet voor het mooie  plaatje, maar als verbeelding van kracht en mannelijkheid, vaderlijke zorg en bescherming, zelfs jeugdige groei. Al die aspecten zijn in het doek met de stier te vinden, hopelijk ook voor de kijker, desnoods na enige gewenning.  Zijn ‘Tekens aan de wand’ staan letterlijk en figuurlijk symbool voor al wat het leven – liefst op liefde – inhoud geeft.

Schilderende Bourgondier – Dick Tasma wordt ook wel de schilderende Bourgondier genoemd. Met dat etiket heeft hij evenmin moeite als met de aanduiding ‘archeoloog voor de ziel’. Dick houdt van het leven. Hij probeert daar volop van te genieten, ook en vooral met schilderen. Ik ben geen strijdend schilder. Hoewel de verf soms weerbarstig is, bind ik geen strijd aan met onderwerpen, die mij steeds weer boeien. Genieten: daar hoort inderdaad het schilderen helemaal bij. Er gaat wel eens een doek fout. Wat zeg ik: wel eens? Een korte vloek volstaat om mij weer aan het werk te krijgen. Bij mislukkingen moet je niet te lang stilstaan. Tot zover Dick, die een waarheid als een stier uitspreekt, zolang het aantal mislukkingen niet de pan uitrijst. Het genieten houdt voor Dick trouwens nog iets in: de blijdschap over ieder doek, dat af is.  Hij krijgt steeds weer een geluksgevoel, wanneer een schilderij de toets van zijn eigen kritiek kan doorstaan. Ik voel me keer op keer gelukkig, wanneer een schilderij af en goed is. Het lijkt net of je iets cadeau hebt gekregen. Dat fijne gevoel. Je hebt het helemaal zelf gemaakt, en toch denk ik: dat doek is mij gewoon gegeven. Het is geen valse bescheidenheid maar de eerlijke overtuiging van een man, die echt zijn kunstenaarschap tegelijk als gave en opgave ziet.

Tasma Vogel
Dick Tasma – Vogel (2009)
Olieverf op linnen

Doeken schilderen zichzelf – Mensen en dieren hebben Dick’s voorkeur : echtparen, clowns, een leraar of een ruiter, een stier, vissen, een bijzondere vogel. Toen ik hem vroeg, laat je komen wat komt, was zijn openhartige antwoord:  Daar komt het wel zo ongeveer op neer. Doeken schilderen eigenlijk zichzelf. Het is een kunstenaarscliché, maar het is wel waar. Wanneer je aan het werk bent – stevig in de weer met doek en verf – dan herken je vanzelf de beelden en vormen waar je naar op zoek bent, of je nu abstract werkt of figuratief. Met mensen en dieren kan ik mijn verhaal het best vertellen, en mijn achterliggende bedoelingen zichtbaar maken. Maar ook het schilderen zelf telt: teruglopen, kijken, verf ‘lezen’, overschilderen, kritisch blijven. In de versmelting van onderwerp en verfstructuren ligt meestal de kracht van het uiteindelijke beeld.

Eigen signatuur – Binnen- en buitenstaanders zijn het er over eens, dat Dick Tasma vakmanschap paart aan creativiteit, en professionaliteit aan originaliteit. En dan te bedenken, dat de Limburgse jongen, die heel graag kunstenaar wilde worden in 1970 niet toegelaten werd tot de Kunstacademie in den Haag. Bij het toelatingsexamen vroegen Haagse docenten: wat komt een jongen uit Heerlen hier in godsnaam doen. Zij zagen hun Randstedelijke opleiding liever bevolkt met studenten uit eigen stad of streek. In Tilburg, waar Dick van harte welkom was, trof hij docenten als Nico Molenkamp, Gérard Princée en Ru van Rossem, van wie hij veel heeft geleerd. Toch beschouwt Dick zich niet als een volgeling. Integendeel, zoals vrijwel iedere kunstenaar groeide hij door naar een eigen kunstenaarschap, een eigen signatuur. Je moet je leermeesters eerst kwijt raken om ze later weer een plek te geven, aldus Dick Tasma, die er wel wat jaren voor nodig had om goed op gang te komen. Aanvankelijk riep het leraarsambt hem ,het befaamde Canisiuscollege te Nijmegen. Vanaf 1985 is hij kunstenaar van professie. De omweg van een tam, nogal aards kleurgebruik was nodig om tot een eigen signatuur te komen. Tot mensen tegen hem  zeiden: Dick, je bent een vrolijke man, maar je doeken niet. Toen wist hij:  als mijn doeken niet zijn wie ik ben, dan schilder ik niet eerlijk.

Tekens aan de wand – Dick Tasma is een blijmoedige Limburger, die na zijn studie in Tilburg in Nijmegen zijn artistieke bestemming vond, een zelfverklaard schilderdier, dat  creativiteit paart aan werklust, vormentaal aan schildervreugde en neo-symbolisme aan zeggenschap. Een bestendige wisselwerking tussen een abstracte en figuratieve inzet levert verrassende voorstellingen op, waaraan de gelaagdheid een extra dimensie toevoegt. Archeologie voor de ziel: zo worden de schilderkundige bedoelingen, die Dick Tasma in vele variaties op het doek tovert, wel geduid. Mensen en dieren spelen daarbij vrijwel altijd een rol, soms afzonderlijk, vaak ook interactief om aan te geven, dat de liefde niet van een kant hoeft te komen. Schilderen als een vorm van genieten: dat is de Bourgondische boodschap, die Dick Tasma aan de toeschouwers wil overbrengen, in de verwachting, dat zij met de kunstenaar het genoegen delen van zijn tekens aan de wand.

AL/Nijmegen, 21 juni 2008/Opening van de zomertentoonstelling ‘Tekens aan de wand’ van Dick Tasma in de Grote Kerk te Emmen op 22 juni 2008

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De Ladder van Lansink en andere topics

Translate »