Categoriearchief: Nieuws

Rondje Hatertse Vennen

Met de Drompvent-genoten aan de wandel op een lente-achtige winterdag van 2019

Detail van Kaart ontleend aan vouwblad van IVN-Grave (ivn.nl)

Wie meer dan vijf jaar niet meer in de Hatertse Vennen is geweest, kijkt zijn ogen uit in het nu open landschap. De verbossing van het uitgestrekte vennengebied had in de vorige eeuw zoveel verdroging veroorzaakt dat een forse ingreep noodzakelijk was. De overal opgeschoten bomen hadden zo veel water onttrokken aan de met heide bedekte bodem, dat sommige vennen bijna geheel dicht waren gegroeid. De herstelplannen van de Provincie Gelderland en Staatbosbeheer kregen eerst nogal wat kritiek te verwerken. Die kritiek verstomde toen het aanvankelijk voorgenomen plan om 70 hectare bos te kappen werd teruggebracht tot 36 hectare. Daarmee wisselde in de loop van 2013 11 procent van het bosareaal in heidegrond. Bovendien werden 4 dichtgegroeide vennen uitgebaggerd. Ook werd op sommige plaatsen landbouwgrond teruggegeven aan de natuur.

Doorkijk vanaf het voetpad naar het Uiversnest, een van de grote Hatertse Vennen

De harde kern van wat destijds ZOW- en later QZ-veterinnen waren treft elkaar jaarlijks tijdens een zomerreünie in het buitenverblijf van de familie Heikens in de Frans buurtschap Drompvent, niet ver van de befaamde wijnstad Macon. Aan de op zich al mooie reeks bijeenkomsten is enige tijd geleden een Nijmeegse winterreünie toegevoegd, om oude herinneringen op te halen, een nieuwe ‘Franse’ week te plannen en om van elkaars gedeelde kookkunsten te genieten. Tussen de bedrijven door komen ook ‘wereldse’ vraagstukken langs: natuurlijk Trump, Brexit en Europa, maar ook Nederland en Nijmegen. Tussen de koffie met gebak en de uren van drank, hapjes en diner, wordt er op 16 februari 2019 stevig gewandeld. De zonnige tocht voert de reünisten door de Hatertse en Overasseltse Vennen, onder de rook van Nijmegen, en niet ver van de plek, waar de hedendaagse leden van QZ op een behoorlijk niveau de hockeysport beoefenen

Alle Drompvent-genoten (zonder fotograaf Ad en zonder Fifi)) op een rij. Van links naar rechts: Lonneke, Els, Puck, Yolande, Kees, Jeanette, Ans, Gertjan en Wim.

De parkeerplaats vlak bij Landwinkel – vroeger Kaasboerderij – De Diervoort is een goede startplaats voor een rondwandeling van ongeveer 6 km, eerst ten westen van de Sint Walrickweg, de doorgaande weg van Nijmegen naar Overasselt. Via een geel-rood gemarkeerde route passeren de wandelaars het kleine Gagelven, en vervolgens het veel grotere Uiversnest. Dan volgt in de verte het Kersjesven. Aangekomen op een kleine heuvel, kort voor het fietspad naar Sint Walrick, boeit het uitzicht op het Eendenven, een van de grotere waterpartijen. De route gaat verder in de richting van de Sint Walrick Kapel en de Lapjesboom, vlak bij het kampeertrein van Scouting Nederland. Autogeluiden leren, dat Restaurant Sint Walrick – het levenswerk van uitbater Hennie van Hout en keerpunt van het ‘Rondje Hatertse Vennen’ – op gehoorafstand ligt

Onderweg: vrije sparren bij een van de kleine Hatertse vennen

De Drompvent-genoten zijn wel wat gewend. Zij kiezen dus niet voor de snelle terugtocht over het fietspad langs de Sint Walrickweg, maar volgen op een kleine 200 meter vanaf de viersprong de omweg van de geel-gemarkeerde route tussen het Schietven en het Meeuwenven door. Op de viersprong van wandelpaden kan gekozen worden uit drie varianten. Linksaf wenkt op een heuvel een bank om te genieten van het uitzicht op het Botersnijderven. Rechtsaf voert de route naar het kantoor van Staatsbosbeheer: een omweg langs de Rietvennen, het Roelofsven en het Bijven. De zon zakt al wat weg: daarom wordt gekozen voor een snelle ‘bypass’: rechtdoor om ten oosten van Botensnijder de wandeling voort te zetten.

Langeven-Zuid: met Aangeven Zuidde langste waterpartij van de Haterse Vennen

Via een langgerekte bocht om het terecht geheten Langenven bereiken de wandelaars de Parkse Steeg – de verharde weg naar Malden – en de Sint Walrickweg. Na het oversteken van die weg volgt vrij snel een pittige klim – een voorbeeld van de hoge en droge stuifzandruggen, waaraan de Hatertse Vennen rijk zijn – waarna het Talingerven met zijn vreemde vorm in beeld komt. Het ook weer zichtbare Uiversnest maakt duidelijk, dat de parkeerplaats niet ver weg meer kan zijn. Intussen hebben de wandelaars kunnen genieten van het even geaccidenteerde als afwisselende landschap: een uniek natuurgebied, zelfs in het winterse jaargetijde, waarin flora en fauna nog tot leven moeten komen.

Zicht op het Langeven-Noord, terwijl de middagzon het landschap kleurt

De Drompvent-genoten kunnen zich nauwelijks voorstellen, dat destijds – bij het bekendmaken van het plan om iets te doen aan de verdroging van de Hatertse vennen – nogal wat bezwaren bestonden tegen het kappen en rooien van zoveel bomen. Intussen zijn ook de criticasters van toen bekeerd tot aanhangers van de stevig vernieuwde Hatertse Vennen. Opnieuw bleek, dat niet alle menselijke ingrepen verfoeilijk zijn, integendeel.  Soms moet de natuur een handje geholpen worden bij de instelling van een nieuw, duurzaam evenwicht. Dat het zelfs halverwege februari goed toeven en wandelen was, is waarschijnlijk te danken aan de al dan niet van klimaatverandering bevangen weergoden.

Herinneringen aan Boy Raaijmakers (1944 – 2018)

Het Willem Breuker Kollektief in de oertijd van haar bestaan: Boy Raaijmakers zonder instrument op de eerste rij van een typisch vervoermiddel

‘Zijn muziek was zijn leven’
Kort na de jaarwisseling las ik in de Volkskrant het overlijdensbericht van Boy Raaymakers, de befaamde Nijmeegse jazzmusicus, die ik begin jaren zeventig in de City Bar van Jo Samson had leren kennen. Daar kwam ik te weten, dat hij ook buiten Nijmegen bekend stond als een kundig en enthousiaste muzikant, die met eigen jazz combo’s zijn muziek aan het vinyl had toevertrouwd. Na zijn opleiding aan het Arnhems conservatorium had hij zich snel ontpopt als een professionele trompettist, die ook in kleinere orkesten regelmatig zijn improvisatietalent liet horen. Ik noem het Free Music Quintet van Pierre Courbois en Peter van der Locht, en niet te vergeten het Kwartet en Kwintet Boy Raaijmakers – zie afbeelding – en het Sextet van Michiel Braam en Greetje Bijma. In de jaren zestig was hij overigens een van de gangmakers van de Nijmeegse jazzscene, onder meer als lid van de Charles Town Jazz Band. ‘Zijn muziek was zijn leven’, aldus zijn familie in het onverwachte overlijdensbericht. 

Hoes van Kwintet Boy Raaijmakers – In een van de silhouetten is Boy Raaijmakers te herkennen

Willem Breuker Kollektief
Sinds de oprichting in 1974 maakte Boy Raaijmakers deel van het beroemde Willem Breuker Kollektief. Zou het aantal opnames, registraties en producties maatgevend zijn, dan scoort het orkest van Willem Breuker ongetwijfeld het hoogst op de persoonlijke hitlijst van Boy Raaijmakers. Hij was tientallen jaren – tot 2007 – lid van het wereldwijd bekende jazz-orkest van de man, die al zijn bandleden tot hun recht liet komen. Het Willem Breuker Kollektief was meer dan de som van de delen, meer dan een gezelschap loutere solisten. Wie de onnavolgbare ‘sound van de in 2010 overleden Willem Breker en zijn musici – muzikanten zou geen recht doen aan hun  kwaliteiten – wil beluisteren, wijs ik op ‘Out of the Box’: de verzameling van 11 CD’s met boek, uitgebracht door BV Haast in 2017. Ook de video ’30 Years of History’ uit 2005 toont de veelzijdigheid van het Willem Breuker Kollektief, dat improvisatie tot een kunst apart maakte.

Reunie 2007 bij het Kroegtafereel, in 1977 geschilderd voor Jo Samson van de City Bar in de Houtstraat Nijmegen, door Rob Terwindt, links vooraan

Theatrale effecten
Willem Breuker maakte van zijn Kollektief een muzikaal genootschap met een eigen geluid en stijl en met een ongedachte veelzijdigheid. Het veelkleurige repertoire bestond uit jazz, improvisatiemuziek, nieuwe composities, film- en theatermuziek, en mengvormen. Bij de live-optredens werden theatrale effecten niet vermeden, zoals ik zelf bij optredens tijdens het North Sea Jazz Festivak in den Haag heb kunnen waarnemen. Met gepaste trots zag ik toen, hoe Boy Raaijmakers met zijn trompet mooie en pittige bijdragen leverde aan de onvergetelijke muziek van het Willem Breuker Kollektief. Met trompettist Andy Altenfelder was Boy ook gemakkelijk te porren voor acrobatische toeren of onverwachte acts, zoals die van de gearmde Troubadours, die al walsend hun rol blijven vervullen, terwijl Willem Breuker met zijn mannen en vrouwen doorspelen alsof er niets aan de hand is. 

Reünie 2007: Boy Raaijmakers, Marie-Josee Ceulemans en Rob Hoogveld; op de achtergrond het Kroegtafereel met in de hoek Jan van Teeffelen en Ad Lansink

Perplex staan
Soms deed Boy Raaijmakers ook in de City Bar onverwachte dingen. Ik doel niet zozeer op een plotselinge trompetsolo, wel op een minder plezierig voorval, ergens in 1975. Rob Hoogveld had mij een langspeelplaat uitgeleend met carnavalsmuziek voor een superacht film over de Knotsenburgse optocht. Toen Jo Samson mij de plaat aanreikte, rukte Boy de schijf uit mijn handen, zette zijn been op een stoel en brak de LP doormidden. Ik stond even perplex. Sommige stamgasten lachten besmuikt, anderen hadden met mij en de LP te doen, ook Boy’s broer Kees, die uiteindelijk de gemoederen suste. Boy moest kennelijk niets hebben van carnavalsmuziek. Ik ontdekte jaren later, dat het Willem Breuker Kollektief soms vlotte circusmuziek speelde, met groot plezier, ook van Boy, met wie ik later weer in gesprek raakte over politieke en andere zaken. Voor Rob Hoogveld vond ik gelukkig in den Bosch een ander exemplaar met de ‘verscheurde‘ carnavalsschlagers.

Reünie 2007: Annemiek van Woerden en Jo Samson zijn goed zichtbaar, boven en achter Duc Brinkhoff, Harrie van Kuyk en Boy Raaijmakers

Kroegtafereel City Bar
Boy Raaijmakers was in de bloeitijd van de City Bar een van de stamgasten, die door zijn muzikale talenten ook buiten Nederland zeer bekend was. Het lag daarom voor de hand, dat hij een van de karakteristieke figuren was op het Kroegtafereeel, dat Rob Terwindt voor Jo Samson in 1976 en 1977 schilderde. Toen ik als laatste stamgast in het atelier van de kunstenaar aan het Pijkegas mocht poseren voor een plaats in de rechterbenedenhoek van het doek, pal onder stadsfotograaf Jan vanTeeffelen, draaide Rob Terwindt – al dan niet toevallig –  een LP met muziek van Boy Raaijmakers. Het Kroegtafereel werd op 30 mei 1977 onthuld, de verjaardag van Jo Samson. In 1987 besloot de befaamde uitbater zijn café van de hand te doen, tot verdriet van zijn stamgasten, die voor een deel verkasten naar Café Goossens op de Grote Markt. Ook het Kroegtafereel vond daar onderdak, na eerst enkele jaren een wand van Cafe Biessels te hebben verfraaid. 

Reünie 2012: Stamgasten van de City Bar bij en achter het Kroegtafereel, voor de deur van Jo Samson aan de Waalkade. Boy Raaijmakers staat uiterst rechts, zijn broer Kee op bovenste rij rechts.

Reunies: einde van een tijdperk
Na de verhuizing van het Kroegtafereel naar de Grote Markt besloot Jo Samsom elke vijf jaar een reünie te organiseren met alle stamgasten, die door Rob Terwindt vereeuwigd waren. De eerste reünie vond plaats in 1992, bij Cafe Biessels, de volgende reünies in 1997, 2002 en 2007; alle drie in Cafe Goossens, waarbij het steeds een kunst was om de stamgasten te fotograferen volgens de opstelling van het Kroegtafereel. Het tableau de la troupe was evenmin elke keer compleet, aanvankelijk door toevallige afwezigheid, later als gevolg van overlijden. Boy Raaijmakers was in 2007 aanwezig, en ook in 2012 toen het schilderij verhuisd was naar de woonkamer van Jo Samson aan de Waalkade. Het zou ook de laatste reünie van de stamgasten zijn. Jo Samson en Annemiek van Woerden overleden namelijk in 2014 en 2011. De groep mannen en vrouwen van het Kroegtafereel wordt kleiner en kleiner. Het leven is eindig, muziek niet, woorden en beelden evenmin. Vandaar deze herinneringen aan een bijzonder mens. 

Tijd voor verandering

Overhandiging van ‘Challenging Changes’ aan Minister of State for Administrative Reform, Anya Ezzeddine in Beirut  (27-09-2018)

Het ene jaar is het andere niet,

zo schreef ik op de laatste dag van 2017 boven een terugblik op het jaar, dat getekend werd door twee afzonderlijke maar toch met elkaar verbonden gebeurtenissen: de geslaagde open-hart-operatie, en de verschijning van Challenging Changes: mijn Engelse boek over de relatie tussen afvalhierarchie en circulaire economie. Beide gebeurtenissen lieten ook in 2018 hun overkomelijke, zelfs vreugdevolle sporen na. Overkomelijk was de nodige medicatie om de met vijf bypasses weer goed werkende kransslagader te behoeden voor nieuw ongerief. De na de revalidatie voorgeschreven trainingsuren waren moeilijker vol te houden. Vandaar de heuse belofte aan mezelf voor 2019: opnieuw beginnen met dagelijks trainen aan de ‘hand’ van hometrainer Fit Bike en software Kinomap. Met enig geduld en veel doorzettingsvermogen moet dat lukken.

 

Boegbeelden delen kennis in Libanon: van links naar rechts Derk Greedy, Arne Ragossnig, Ad Lansink en Antonis Mavropoulos in de Parliament Library Hall te Beirut

Vreugdevol: dat woord betreft de follow-up van Challenging Changes, ook blijvend maar van andere orde: aflevering van boeken dichtbij huis maar veraf, tot in Australië en Zuid Amerika toe; presentaties voor uiteen lopende gezelschappen, ook buiten Nederland, met als uitschieters Stockholm, Beirut, Johannesburg en Kuala Lumpur; en nadenken over een ebook-versie van Challenging Changes. Tussen de bedrijven leverde ik via een lang videogesprek een bijdrage aan Global Dialoque on Waste: de jaarlijkse reeks webinars van de toonaangevende website Bewastewise, opgericht door afval- en recycling-kenner Ranjith Anepu. Het in 2014 vooral door inspirator Jan Storm beoogde doel – internationale verspreiding van de Ladder van Lansink als routemap voor circulaire economie – werd in 2018 echt werkelijkheid.

 

Ad Lansink in Kuala Lumpur: It’s time for change, all over the world, let’s do it together

Absolute hoogtepunten waren de toekenning van de ISWA Publication Award tijdens het ISWA World Congress 2018 in Kuala Lumpur, en kort daarvoor de invitatie voor WasteCon 2018 in Johannesburg: de 24e tweejaarlijkse conferentie van het Institute of Waste Management of Southern Africa, waar ik de openingsvoordracht mocht verzorgen, en tijdens twee workshops presentaties mocht geven. Johannesburg blijft mij bij door de ontroering bij het gezamenlijk zingen van het Afrikaanse, meertalige volkslied, en door de oprechte en inhoudelijke  interesse voor de lijnen, die ik in Challenging Changes heb uit(een)gezet. De discussies Johannesburg maar ook in Stockholm, Beirut en Kuala Lumpur sterken mij in de overtuiging, dat alle politici en beleidmakers, de noodzaak van internationale samenwerking moeten erkennen. Zoeken naar wat verbindt, en vinden van universele waarden daar gaat het om: It’s time for change, all over the world.

 

Ook Christoff De letter en zijn echtgenote zijn blij met Challenging Changes

Een dag na de terugkeer uit Kuala Lumpur mocht ik de tentoonstelling van Harrie Gerritz openen, bij Galerie Wim de Natris in Nijmegen. De titel van de expositie met fotowerken –  Onderweg – sloot  goed aan bij de trips naar plaatsen en continenten, waar ik nooit eerder was geweest. Vliegangst en vliegschaamte – een van de trefwoorden van 2018 – maakten plaats voor nieuws- en leergierigheid, ook in het ooit verdeelde Beirut, waar na de burgeroorlog de weg naar broederschap is teruggevonden, met vallen en opstaan maar toch. Onderweg naar (h)echte broederschap: dat zou een hartewens kunnen zijn voor een in meer opzichten ‘schappelijke’ samenleving in 2019: vriendschap, broederschap, gemeenschap: kortom maatschappelijk. Of dat lukt valt evenmin te voorspellen als de beurskoersen. Maar de inzet is meer dan de moeite waard nu de wereld op meer plaatsen in onzekerheid verkeert. Politieke moed en een heldere lange termijn visie zijn meer dan ooit geboden.

 

ISWA-President Antonis Mavropoulos kijkt met zelfvertrouwen naar 2019

Wereldreiziger, zo riepen vrienden onlangs tegen me. Inderdaad, in het jaar waarin Nijmegen de eretitel Green Capital Europe 2018 mocht dragen, legde ik met KLM, Air France en Emirates meer kilometers af dan ooit tevoren: een kleine 40.000 km, zo’n beetje de hele wereld rond. Het was een groot voorrecht om oude en nieuwe internationale gangmakers te ontmoeten. Boegbeelden van de afval- en recyclingwereld – om een term uit Nijmeegs bestuurlijke woordenboek te gebruiken – zoals Antonis Mavropoulos uit Griekenland en Derk Greedy uit Engeland (beide actief bij ISWA), Leon Grobbelaar en Linda Godfrey (beide betrokken bij IMWSA (Zuid Afrika), en niet te vergeten Par Larshans van de Ragn Sells Group in Stockholm. Ervaringen uitwisselend, pratend en discussiërend kwamen we steeds en overal tot de conclusie, dat de transitie naar een rechtvaardige en duurzame samenleving moeilijk maar noodzakelijk is. Wederzijdse bemoediging en ondersteuning bleven niet uit, integendeel. 

 

Op naar een voorspoedig 2019, niet met vuurwerk maar met het veelkleurig licht van Kuala Lumpur

De transitie wordt een pittige opgave nu de verrechtsing van de samenleving lijkt door te zetten. Wanneer liegen en bedriegen – zie het verkeerde rolmodel Trump – het nieuwe normaal wordt, dan dreigt een verdere uitholling van broederschap en gemeenschap, met alle nadelige gevolgen van dien. Het wordt tijd, dat politici met oog voor de universele waarden zich teweer stellen tegen de predikers van angst, en tegen de – soms zelfs professorale betweters – die klimaatverandering ontkennen en egotripperij verheerlijken. De gesprekken tijdens de onvergetelijke trips naar Beirut, Johannesburg en Kuala Lumpur – notabene stuk voor stuk opkomende landen = hebben mij gesterkt in de overtuiging, dat 2019 en 2020 een ommekeer kunnen betekenen, in overeenstemming met de lijnen van Laudato Si, de encycliek, waarin Paus Fransiscus de verbinding legt tussen gerechtigheid en duurzaamheid.

 

Gerard Mathot’s kerstgroep terug in Nijmegen

Kerststal van Gerard Mathot, Nebo, Nijmegen. Afbeelding uit: Gerard Mathot, edemptorist en kunstenaar, door Leo Ewals, Kemper Conseil Publishing (2003)

Van Nebo via Petrus Canisiuskerk en Klooster Wittem naar Stevenskerk
Redemptorist en kunstenaar Gerard Mathot c.s.s.r maakte ruim vijftig jaar geleden een bijzondere kerstgroep voor de Gerardus Majella-kerk, onderdeel van het Nebo-kloostercomplex aan de Nijmeegse baan. De kerstgroep was elk jaar rond de kerstdagen te bewonderen, achterin de kerk, waar net genoeg ruimte was om de figuren een mooie plaats te geven. Na de sluiting van de Nebo-kerk gaven de redemptoristen de kerstgroep van Gerard Mathot (en Paula Swenker, die de kleding had ontworpen) in bruikleen aan de Petrus Canisiuskerk. De kerstgroepen Wim van Woerkom en Gerard Mathot trokken veel aandacht van  parochianen en voorbijgangers. In de loop van 2017 wilden de redemptoristen hun eigen kerstgroep terug hebben voor de expositie in Klooster Wittem, de bakermat van de orde. Decor en figuren verhuisden dus naar Zuid Limburg.

Kerstgroep van Gerard Mathot c.s.s.r in Stevenskerk tijdens Kerstmanifestatie 2028 (Foto: Ad Lansink)

Kerstmis 2018
Enkele maanden geleden vroeg Heleen Wijgers, directeur van de Stevenskerk of ik een ruimte wist voor de opslag van de kerstgroep van pater Mathot. De redemptoristen hadden de beelden en het decor aangeboden aan de Stevenskerk op voorwaarde, dat ook de huisvesting van de figuren geregeld zou worden. Heleen Wijgers kwam bij mij terecht via mijn bericht uit 2015 over het ontstaan en de betekenis van Gerard Mathot’s kerstgroep. De vraag naar een geschikte ruimte verraste mij, omdat ik dacht dat de redemptoristen de kerstgroep definitief terug wilden hebben. Kennelijk was de situatie gewijzigd, misschien door de gedeeltelijke verkoop van Klooster Wittem. Ik stelde voor na te gaan of in het Nebocomplex ruimte was te vinden. Opslag in de kelder van de Petrus Canisiuskerk – zoals enkele jaren gebruikelijk was geweest – zou waarschijnlijk op praktische bezwaren stuiten temeer waneer de bruikleen over zou gaan naar de Stevenskerk.

Kameel, drijver en ‘koetsier: grootste figuur uit Gerard Mathot’s kerstgroep

Stevenskerk
Kennelijk is een oplossing gevonden voor de overblijfplaats van de beeldengroep. Gerard Mathot’s kerstgroep is namelijk nu te bewonderen in de Stevenskerk, als een belangrijk onderdeel van de Kerstmanifestatie 2018. Ook Museum Orientalis heeft daarvoor een reeks kleinere kerstgroepen en kerststallen tijdelijk afgestaan, De bezoekers van de Kerstmanifestatie vinden op het voormalige priesterkoor de kerstgroep van Gerard Mathot en in de omgang de overige kerststallen. De kerstfiguren van de bevlogen priester-kunstenaar en ook het originele decor – verbeelding van de Barbarossa-kapel – krijgen in de Stevenskerk volop de ruimte, zozeer zelfs, dat het intieme karakter van het Kerstgebeuren nu minder tot haar recht komt dan op de vroegere locaties. Daar staat tegenover dat de beelden nu goed te bekijken zijn, zonder afleiding door andere zaken.

Kerstgroep van Gerard Mathot c.s.s.r in de Petrus Canisiuskerk, Nijmegen:, Kerstmis 2015 (Foto: Ad Lansink(

Opstelling
Dat de plaatsing van de figuren en de ruimtelijke inpassing van het decor van invloed zijn op de beleving van het kerstgebeuren, wordt duidelijk na vergelijking van de afbeeldingen. In de Nebo-kerk had Gerard Mathot destijds weinig ruimte tot zijn beschikking. De technische ploeg van de Petrus Canisiuskerk had meer vrijheid bij de opstelling van de beelden. Het decor werd daar tegen de zijmuur geplaatst. In de Stevenskerk staat de kerstgroep in de vrije ruimte, op twee Perzische tapijten: een combinatie, die bij bezoekers waarschijnlijk vragen over de samenhang met het kersttafereel oproept. Niettemin is een bezoek aan de Stevenskerk meer dan de moeite waard, al was het alleen al om het beeldend vermogen van Gerard Mathot te bewonderen en uiteraard om de universele betekenis van het Kerstfeest te ondergaan.

Kerststal van Wim van Woerkom in de Petrus Canisiuskerk, Nijmegen. Kerstmis 2015, (Foto: Ad Lansink)

Wim van Woerkom
De Petrus Canisiuskerk toont in 2018 opnieuw de kleurrijke kerstgroep van Wim van Woerkom, de Nijmeegse kunstenaar, die voor die stadskerk de moderne Kruisweg schilderde en de opmerkelijke glas in beton ramen maakte. De vrijwilligers van de Molenstraatkerk plaatsten in de voorhal van de kerk een kerststal met heel wat figuren, niet om de grootste kerststal van Europa in Museum Orientalis concurrentie aan te doen, maar wel om te laten zien, dat Kerstmis een onuitputtelijke bron van inspiratie is, voor professionele en volkskunstenaars.

Kerstgroep Wim van Woerkom – Detail

Intussen bewijst het grote aantal brandende kaarsen en aangestoken lichtjes, dat veel voorbijgangers de weg naar de tijdloze verbeelding van Kerstmis hebben weten te vinden. De kleurrijke figuren van Wim van Woerkom met hun karakteristieke gezichten drukken een en al verwondering uit, en roepen tegelijk bewondering op.

Klimaat: woord en daad aan Kabinet en Kamer

Ongevraagd advies voor premier Rutte en de coalitie, op weg naar haalbaar klimaatbeleid

Sturing blijft noodzakelijk

De krantenkoppen spreken duidelijke taal: ‘Nederlandse CO2-uitstoot in 2020 veel hoger dan aangenomen’ kopt NRC op 5 december. Een dag later: ‘Wereldwijde CO2-uitstoot piekt in weerwil van Parijs-akkoord’, aldus het FD. Kyoto, Kopenhagen, Parijs: protocollen en akkoorden, het blijven woorden zonder lading, breed gedragen begrippen maar vrijwel inhoudsloos. Politici en beleidmakers hollen achter de feiten aan zonder de werkelijkheid in te halen. Het is nog geen race tegen de klok, wel tegen een verdeelde samenleving , die gewend is aan een forse welvaart en verwend met allerhande technologische ontwikkelingen. Rijd in het spitsuur op autosnelwegen of bezoek de vertrekhal van Schiphol om te beseffen wat mobiliteit beteken. Wandel langs verwarmde terrassen of bezie de verlengde openingstijden in winkelcentra om met eigen ogen het consumentisme te zien. Tussen de woorden van het klimaatbeleid en het menselijk gedrag gaapt een kloof, versterkt door de onvrede van mensen, aan wie de welvaart voorbij is gegaan. De politici zijn een (te?) gemakkelijke kop van jut. Onbegrijpelijk is dat niet, want marktwerkingt is nog altijd het parool, terwijl sturing geboden lijkt. De vrije markt kent schaduwzijden en globalisering is onvermijdelijk.

Regeren is vooruitzien, met of zonder akkoorden

Hoe de clash tussen woord en daad te voorkomen: dat is de bange vraag van politici, die niet de waan van de dag tot uitgangspunt van hun denken en doen willen maken. ‘Coalitie mort over ‘duur’ Klimaatakkoord’, aldus het AD, dat de lezer herinnert aan het zelfbenoemde ‘groenste Regeerakkoord’. Het ene akkoord is het andere niet. Zoveel is intussen duidelijke. Mag ik – terug bij het klimaatbeleid – een bescheiden poging doen om een advies te schrijven voor premier Rutte. Hij kent immers de stevige plaats van het klimaatbeleid in het Regeerakkoord, en sprak hopelijk niet voor niets klare taal in zijn spraakmakend interview voor CNN. Bijgestaan door minister Wiebes en enkele mensen met verstand van zaken dient de premier een even beknopt als helder document ten schrijven met dank aan de klimaattafels, en zonder inschakeling van het kennelijk verlammend ‘cockpitsberaad’. Dat document zou hij vervolgens aan het kabinet moeten voorleggen, met de boodschap ‘take it or leave it’. Wijzen zijn collega’s zijn aanpak af, dan is het einde van het verhaal. Een soortgelijke boodschap heeft premier Rutte voor het parlement. Is de meerderheid overtuigd van de noodzaak van actie, en bereid over de eigen schaduw heen te springen, dan vallen er zaken te doen, ook met de samenleving. Vandaar mijn advies:

Bron: Hans Custers: Geen pauze, geen versnelling: de opwarming van de aarde gaat in gestaag tempo door. klimaatverandering.wordpress.com (29 april 2017)

1 Zorgplicht vergt actief klimaatbeleid

Mijn advies op hoofdlijnen omvat negen uitgangs- en actiepunten en een extra aandachtspunt. Dat het samen tien punten zijn geworden berust op toeval, de inhoud niet. Die inhoud begint met de aanvaarding van de noodzaak van een actief klimaatbeleid.  Kijk naar de oplopende temperatuur, en lees alle IPCC-rapporten. De zorgplicht van de overheid dwingt tot actief klimaatbeleid, het (wellicht veiliger) voorzorgbeginsel ook. Dat beginsel was ruim 20 jaar geleden de eensgezinde opvatting van de parlementaire onderzoekcommissie klimaatbeleid. Discussie over dit uitgangspunt lijkt ook overbodig, gelet op het Regeerakkoord 2017.

2 Klimaatbeleid vergt coherente aanpak op basis van kernwaarden

De e  vier kernwaarden, waarop het klimaatbeleid gestoeld moet worden zijn universele uitgangspunten met een ook internationale strekking:  achtereenvolgens gerechtigheid, rentmeesterschap (duurzaamheid), solidariteit en gedeelde verantwoordelijkheid. Beleid dat gestoeld wordt op deze waarden zal bij een groot deel van de samenleving onvrede wegnemen, in materiële en immateriële zin, temeer wanneer de samenhang tussen de achtergronden van de onvrede en van de maatregelen zichtbaar wordt gemaakt. 

3 Financiering klimaatbeleid deels uit algemene middelen

De materiële vertaling leidt tot de hoofdlijn, dat voor de oplossing van grote maatschappelijke vraagstukken de sterkste schouders de zwaarste lasten moeten dragen. Gerechtigheid vereist, dat bij klimaatbeleid niet volstaan wordt met de vervuiler betaalt. Een faire lastenverdeling vergt, dat een groot deel (50 %?) van de kosten van klimaatbeleid betaald wordt uit de algemene middelen, gevoed door het draagkrachtbeginsel, dus volgens progressief tarief. Het vervuiler betaalt principe is vervolgens de grondslag voor CO2-beprijzing, energie-belasting, accijnzen en rekeningrijden.

4 Meersporen-aanpak via besparing en ruime diversificatie

Verduurzaming van energie moet krachtig worden voortgezet. Wind, zon en water vormen – indien beschikbaar – onuitputtelijke bronnen waarmee op termijn de energievraag grotendeels kan worden gedekt. Maar discontinuiteit vereist wel tijdige ontwikkeling van opslagsystemen. Waar fysieke opslag van windenergie via waterbekkens moeilijk realiseerbaar is, resteren opties als directe omvorming tot en tijdelijke opslag van waterstof, en opslag van zonne-energie in de accu’s van het geëlektrificeerde wagenpark. Voorkomen moet worden, dat hernieuwbare energie  andere waarden schaad. Denk aan verlies van biodiversiteit en van groene ruimte door aanleg van grote zonne-energievelden

5 Koppel  duurzame bronnen aan opslagsystemen

Wind, zon en water vormen – indien beschikbaar – onuitputtelijke bronnen waarmee op termijn een groot deel van de energievraag kan worden gedekt. Maar discontinuiteit vereist wel tijdige ontwikkeling van opslagsystemen. Waar fysieke opslag van windenergie via waterbekkens moeilijk realiseerbaar is, resteren opties als directe omvorming tot en tijdelijke opslag van waterstof, en opslag van zonne-energie in de accu’s van het geëlektrificeerde wagenpark. Voorkomen moet worden, dat hernieuwbare energie  andere waarden schaad. Denk aan verlies van biodiversiteit en van groene ruimte door aanleg van grote zonne-energievelden

6 Leveringszekerheid vergt moderne kolen (of kern)centrales

In de relatief dichtbevolkte West-Europese landen, ook in Nederland, is  continue elektrisch vermogen noodzakelijk. Waar de beschikbaarheid van kolen- en gasvermogen afneemt, blijft kernenergie de enige mogelijkheid om voldoende basisvermogen te leveren. Deze optie moet overwogen worden, wanneer opslag van CO2 via CCS onmogelijk blijft en de moderne kolencentrales toch moeten sluiten. Bovendien dienen enkele gascentrales beschikbaar te blijven om pieken in de energievraag op te vangen.

7 Behoud voor gasinfrastructuur voor waterstof en biogas

De gasinfrastructuur inclusief enkele gascentrales blijft van betekenis, ook na beëindiging van de gasproductie in Groningen. Noors en Russisch gas is een goede transitie-brandstof, ook om thermodynamische redenen. Daarnaast is het gasnet van waarde voor de waterstof-economie en de inzet van biogas, verkregen uit de verwerking van groen-afval. De omzetting van de overschotten aan duurzame elektriciteit bij een te groot aanbod van zon- en windenergie in waterstof dient een meervoudig doel: opslag en transport van energiedrager, grondstof voor industrieel processen, en brandstof voor mobiliteit. Marktwaardeverliezen van zon- en windenergie worden daarmee voorkomen.

8 Inzet biomassa blijft even omstreden als noodzakelijk

De inzet van biomassa – vooralsnog een van de meest belangrijke bronnen voor hernieuwbare energie – roept welvraagtekens op door de komaf van de bijgestookt materialen. Hoogwaardiger toepassingen verdienen inderdaad voorrang boven massale inzet voor stroomproductie. Moderne afvalverbranders kunnen wel een forse bijdrage blleveren aan de productie van elektriciteit en warmte. Via de afzet van  CO2 dragen zij bij aan de agrobusiness van tuinbouwbedrijven.

9 Beperk mobiliteit, hoe moeilijk te verkopen ook

Verkeer en vervoer zijn tot op heden ontzien, ondanks de forse bijdrage aan de CO2-emissies. De verruiming van de maximum-snelheid staat zelfs haaks op de visie inzake energiebesparing. Datzelfde geldt voor de welwillendheid, waarmee de luchtvaart tegemoet is getreden. De wisselvalligheid bij de stimulering van de elektrificatie van het wagenpark is evenmin bevorderlijk voor actief klimaatbeleid. Rekeningrijden mag daarom niet langer uitgesteld worden, en de luchtvaart behoeft niet langer meer te worden ontzien.

Extra aandachtspunt : bevestig de relatie met circulaire economie

De onmiskenbare relatie tussen het klimaatbeleid en circulaire economie blijkt uit de forse vermindering van CO2-uitstoot, die gerealiseerd kan worden bij de transitie naar circulariteit. Een tot nu toe vergeten invalshoek bij het klimaatbeleid. Denk bij voorbeeld aan het hergebruik van Co2 in bouwmaterialen en andere vormen van COLees Challenging Changes: de uitdaging voor overheid, consumenten en producenten. Hergebruik van producten en materialen levert een pittige bijdrage door de energie, die opgeslagen ligt in materialen als aluminium, staal, beton en kunststoffen. Afstemming en coördinatie zijn geboden, ook om industriepolitieke redenen. Een evenwichtig systeem van CO2-beprijzing biedt uitkomst, wanneer in internationaal verband afspraken kunnen worden gemaakt. Consistentie vereist wel, dat de BTW niet wordt verhoogd op diensten, die verlenging van levensduur (reparatie, renovatie) faciliteren.

Cover Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy



Hoogtepunten Kuala Lumpur

ISWA President Antonis Mavropoulos overhandigt Ad Lansink de ISWA Publication Award 2018

Feestelijke uitreiking ISWA Publication Award 2018 voor Challenging Changes
Wie had ooit gedacht, dat ik met de Ladder van Lansink – bijna 40 jaar nadat ik die voorkeursvolgorde voor het afvalbeheer bedacht – de befaamde Petronas Towers in Kuala Lumpur zou beklimmen. In figuurlijke zin dan. Want de tocht naar de hoogste verdieping van de iconische tweelingtorens vereist natuurlijk snelle liften. En het bezoek aan de top en aan de brug – halverwege de beide torengebouwen – was de afsluiting van vijf onvergetelijke dagen in Kuala Lumpur, rond het echte hoogtepunt: de overhandiging van de prestigieuze ISWA Publication Award 2018, die ik met Challenging Changes in de wacht had gesleept. Een onafhankelijke jury had enkele maanden eerder mijn boek over de onmiskenbare relatie tussen afvalhierarchie en circulaire economie gekozen uit 15 genomineerde publicaties.

Dubai, met Emirates naar Kuala Lumpur

Van Afrika naar Azie
De reis naar de grootste stad van Maleisië was op zichzelf al een belevenis. WasteCon 2018, het tweejaarlijkse congres van IMWSA in Johannesburg, en het ISWA World Congress 2018 in Kuala Lumpur lagen zo dicht bij elkaar, dat een rechtstreekse vlucht van het ene (Afrika) naar het andere continent (Azie) voor de hand lag, zij het via Dubai, dat we slechts uit de lucht hebben kunnen bekijken. De luchthaven van Dubai mag er trouwens ook zijn: een en al luxe zoals te verwachten was in de rijke woestijnstad. Van Johannesburg naar Kuala Lumpur: dat betekent een kleine twintig uur onderweg, in de redelijk gevulde vliegtuigen van Emirates. Het is een aardige bijkomstigheid: begrippen, die bekend zijn van de sponsoring van sportmanifestaties en clubs, komen in de lucht tot leven: Petronas en Emirates.

Kuala Lumpur om 23.00 uur, met Petronas Towers

KLCC
De nachtelijke aankomst biedt meteen een verrassend zicht op Kuala Lumpur, de Aziatische stad waar de tijd niet heeft stilgestaan. De verlichte torengebouwen roepen een futuristische sfeer op, zakelijk en toch sprookjesachtig. Het Kuala Lumpur Convention Centre – kortweg KLCC – ligt midden in het zakencentrum, vlak bij de Petronas Towers en het immense Suria KLCC winkelcentrum. Hotel Impiana staat niet ver van het fraaie KLCC, dat met voetgangersbruggen en tunnels snel te bereiken is. Bij de eerste verkenning kijken we – echtgenote Ans, boekontwerper Sophie van Kempen en ik – onze ogen uit. We vallen van de ene verbazing in de andere, in het van liften en roltrappen voorziene winkelcentrum, maar ook in het mooie KLCC-park: een groene oase tussen de talloze torengebouwen. Binnen een halve dag voelen we ons thuis in die uitzonderlijke omgeving.

Opening van het ISWA World Congress 2018, met links Antonis Mavropoulos

Tromgeroffel
De boeiende gebeurtenissen, op weg naar de uitreiking van de ISWA Publication Award 2018, volgen elkaar in hoog tempo op, te beginnen met de borrel en maaltijd met de delegaties van de NVRD en de gemeente Rotterdam, die de toekomstige vestiging van ISWA in Rotterdam vieren: een genoeglijke bijeenkomst, temeer waar de NVRD, voor Nederland lid van ISWA, mijn boek had genomineerd voor de ISWA Award. De ceremoniële opening van het ISWA 2018 World Congress in de immense congreszaal van het KLCC zal ik evenmin vergeten. Ruim  1200 gasten luisterden ingetogen naar het Maleisische volkslied, en zagen na een opwindende show, hoe ISWA President Antonis Mavropoulos, Dr Ho, zijn Maleisische collega en een hoge overheidsdienaar met tromgeroffel het congres voor geopend verklaarden. In het KLCC was intussen de ‘Exhibition’ begonnen, terwijl in de ruime wandelgangen de gasten een grote variatie van dranken en hapjes aantroffen.

Ans en Ad Lansink met Sophie van Kempen voor WOWKL!,bij de ISWA Welcome Reception

Kennisdeling alom
Parallelle workshops op het uitgebreide terrein van afvalbeheer en circulaire economie leerden de congresgangers, dat er heel wat te doen valt om de transitie naar een duurzame samenleving waar te maken. Aan het enthousiasme van de sprekers zal het niet liggen, en aan de inzet van de kennis beluste deelnemers evenmin. De moeilijkheid zit hem natuurlijk in de vertaling van ideeën en plannen in de harde werkelijkheid van alledag, temeer – ook dat werd in Kuala Lumpur duidelijk – vanwege de grote verschillen in welvaart, kennis en middelen. Tegen die achtergrond is kennisdeling van grote betekenis. De uitwisseling van ervaring en de overdracht van technologie vergemakkelijkt de transitie naar circulariteit. Dat daarbij ook de sociale en culturele aspecten een rol spelen, bleek tijdens de enerverende Welcome Reception, op zijn Maleisisch.

Het onvergetelijke hoogtepunt

Hoogtepunt
Nog onvergetelijker was de uitreiking van de ISWA Publication Award 2018 tijdens het ISWA Gala Diner in de met honderden gasten gevulde Ballroom van het KLCC. Op het podium speelde een Maleisische band regionale muziek, zij het met een westerse klankkleur. Aan een ontelbaar aantal ronde tafels genoten de gasten van een acht-gangen-diner naar Oosterse snit. De feestelijke muziek werd af en toe onderbroken voor mededelingen en voor de overhandiging van de Award. Na de aankondiging door ISWA President Antonis liep ik gespannen naar het podium. Daar maakte de nervositeit plaats voor blijdschap en ook trots. Deze waardering had ik in 1979 en de jaren daarna niet kunnen voorzien, ook niet in october 2017, toen ik in Brussel Challenging Changes presenteerde. Vandaar ook mijn welgemeende dankwoorden, in het bijzonder aan het ‘home team’: Jan Storm en de ‘editorial board’, Cobie Jolink, en de gelukkig in het KLCC aanwezige Ans Lansink en Sophie van Kempen.

Dankwoord van Ad Lansink

It’s time for change
Het besluit om de verre reis naar Kuala Lumpur te ondernemen om de oorkonde zelf in ontvangst te nemen, heeft ons – ook Ans en Sophie – onvergetelijke dagen bezorgd, niet alleen om het bezoek aan een land en stad, waar we nog nooit geweest waren, maar ook en vooral door de  hartelijke en inhoudsvolle ontmoetingen en gesprekken: met de staf en leden van de wereldwijde ISWA-gemeenschap, en met congresgangers, die verrast waren door de aanwezigheid van ‘the father of waste hierarchy’. De verbazing dat achter het begrip ‘Ladder van Lansink’ een levend iemand schuil gaat wekte verbazing en waardering. Het was daarom niet moeilijk om na de ontvangst van de Award het volgende slotwoord uit te spreken: ‘It’s time for change, let’s do it together, all over the world’. Wereldwijd: in Kuala Lumpur, in Nijmegen en elders. Want uiteindelijk zijn hoogtepunten niet gebonden aan plaats of tijd.

Trap niet in te mooie prijs

De brutaliteit van phishing lieden kent geen grenzen, zo schreef ik eerder na zelf bijna het slachtoffer te zijn geworden van bedenkers van nep aanbiedingen, plotseling gewonnen prijzen en ander (on)gerief. Mededelingen van de eigen (of een andere) bank worden nog steeds nagemaakt, en nog professioneel ook zodat ze niet van echt zijn te onderscheiden. Intussen verlokt het uitzicht op een gewonnen prijs veel mensen, die voor minder dan een dubbeltje graag op de eerst rij gaan zitten. Neem bijvoorbeeld de volgende lok-berichten met een vrijwel gelijke inhoud, maar verstuurd onder een wisselende kop:

  • Gefeliciteerd, je bent geselecteerd als klant van de maand. De beloning? Een Samsung Galaxy S9/9+ voor €1 in plaats van €899. Of een iPhone X voor slechts €1,50;
  • Of: welkom bij Samsung Services:  Uw account is nu geactiveerd. Klik op ‘Start’ om te ontdekken welke diensten voor u beschikbaar zijn met uw nieuwe Samsung Account (dat ik niet besteld heb)
  • Afzender ‘Sorteren en Bezorgen’ meldt dat ik de gewonnen prijs – opnieuw  een Samsung Galaxy S9 – binnen een werkdag moet claimen. Zo niet dan gaat de prijs naar een ander. Een uur eerder kreeg ik een identiek bericht van afzender ‘Bestellen en Aflevering’;
  • De webshop of wat er voor door mag gaan kent ook de kracht van alliteratie: een dag voor het berichten van ‘Bestellen en Aflevering’ kreeg ik twee identieke berichten, met als afzenders Bestellen en Bevestigen en Pakketten en Post. 

Trap er niet in. Voor niets gaat de zon op. De mededeling dat je zo maar een Samsung Galaxy S9 hebt gewonnen, is natuurlijk te mooi om waar te zijn. Handige lieden hebben valse win-acties bedacht om geld van impulsieve of onachtzame mensen in de wacht te slepen. Zij hebben het op adressen gemunt, en zo mogelijk op bankrekeningen of creditcards. Hun follow up kent diverse varianten: voortzetting met een abonnement dat een paar  dagen gratis is, waarna tenminste een heel jaar het volle pond betaald moet worden voor een bedrag dat hoger uitpakt dan bij de bekende providers. Ook kan het gebeuren, dat de telefoon niet wordt afgeleverd, nadat al wel kosten zijn betaald. Nog beroerder pakt het uit, wanneer de ‘account-phishers’ je rekeningnummer en wachtwoord in handen krijgen. Goede raad is in dit geval niet duur, wel kort: trap er niet in. De Samsung Galaxy S9 is een uitstekend toestel, en de iPhone X10 ook, de moeite van een weloverwogen aanschaf alleszins waard. Maar sleep de berichten over de gratis smartphone meteen naar de prullenbak om andere smarten te voorkomen.

Die Galaxy blijkt overigens een populaire en dus gewilde smartfoon. In de eerste weken van 2019 tref ik in de Email-box al drie keer een bericht van Pakketbezorgdiensten Nederland, een verder onbekende firma. Ik hoef slechts mijn adres in te vullen en €2 over te maken om zogenaamd gratis de nieuwe Galaxy S9 te ontvangen. De afzender biedt ook nog in kleine letters de mogelijkheid om het bericht als spam te markeren. Niet doen dus, want elke klik kan nare gevolgen hebben. Een gewaarschuwd mens telt voor twee (of meer).

Jong ondernemerschap en circulaire economie

Johnny Kerkhof begroet de eerste gasten bij de start van RebelSpaces

Negen aansporingen bij opening van RebelSpaces op het Honig-complex
Opvallend dat jonge ondernemers een bijna stokoude niet-ondernemer vragen enkele woorden te spreken bij de opening van RebelSpaces op 12 september 2018, een circulair ontworpen ‘workspace voor een community of changemakers’: ‘thinking and rethinking aan refubished tables’ met bladen van koffiezakjes, op ecodesign stoelen van geupcycelde legerkleding. Afgezien van de verengelsing van de taal spreekt het concept mij aan. Dank ik de vraag naar enkele openingswoorden aan Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy, mijn boek over de betekenis van de afvalhierarchie voor circulaire economie? Of garandeert de naam van (de Ladder van) Lansink bij voorbaat zinnigeuitspraken over het spanningsveld van ecologie en economie? Ik sluit dat laatste niet uit gelet op recente uitnodigingen voor bezoeken aan en voordrachten in Beirut, Johannesburg en Kuala Lumpur. Er wachten drukke weken.

Ad Lansink geeft een toelichting op zijn negen aansporingen

Ondernemend
Over jeugdig ondernemerschap gesproken: ik was zelf eigenlijk wel ondernemend, op school en later ook naast de collegebanken. In Utrecht kwam ik in het kroegbestuur van Veritas terecht, en tegelijk bij een natuurfilosofisch dispuut. Maar ik was en werd geen ondernemer, laat staan een jeugdige versie, in tegenstelling tot mijn broer die vliegers en modelvliegtuigjes bouwde en voor grof geld verkocht aan onhandige vaders om hun even onhandige zoontjes te plezieren. Over vaders gesproken: mijn vader was wel een jong ondernemer, en zijn vader ook, zij het in de tijd dat van circulariteit geen sprake was. Het waren de dertiger – toen ook onzekere – jaren, waarin mijn vader zijn textielwinkel moest sluiten om als ambtenaar de kost voor zijn gezin te gaan verdienen. Eenmaal met pensioen werd hij weer ondernemer, met het motto ‘zo scherp als een zeis calculeren wij onze prijs’: een slogan die zijn klanten – familie, vrienden en bekenden – wel aansprak. Wat ik van mijn vader wel heb geleerd is doorgaan, ook na de pensionering, en doorzettingsvermogen: mijn eerste aansporing voor jeugdige ondernemers.

Next Generation Design van Planq: meubels uit secundaire grondstoffen

Lengte breedte en diepte
Mijn tweede aansporing luidt: leef in de breedtewant de lengte van je leven heb je niet in de hand. De diepte tot op zekere hoogte dan weer wel, maar dat terzijde. Gebruik de tijd dus goed, en verdiep je in meer onderwerpen: zoek een balans tussen generalisatie en specialisatie, en ga af en toe de diepte in zonder de weg kwijt te raken. Want koersvastheid – mijn derde aansporing – is hoe dan ook een vereiste voor jonge ondernemers. Enkele dagen geleden vroeg iemand mij, nadat andere personen uit ons gezelschap hadden verhaald over hun creativiteit, of ik ook creatief was. Ik antwoordde – achteraf te vlug – nee, helemaal niet. Ik kan schilderen, tekenen noch beeldhouwen en helaas ook geen muziek maken. Een van mijn tafelgenoten riep meteen: maar schrijven kun je wel, en praten ook. Ik moest toegeven, dat creativiteit zich ook langs niet-artistieke weg kan uiten. Denk aan de Ladder van Lansink, maar ook aan mijn voorstel voor studiefinanciering of voor de financiering van ziekenhuizen, die door milieubewuste en energiebesparende bouw en inrichting verlaging van de exploitatielasten konden realiseren.

Functionele creativiteit: fles van bioplastic uit suikerriet. Damir Perkic www.beobottle.com

Waardecreatie
De creativiteit leidde soms tot ongedachte en onverwachte sweeping statements zoals zwangerschap is geen ziekte en de pil dus geen geneesmiddel tijdens een discussie over het pakket van de basisverzekering; de uitloger liegt bij een debat over uitloging van zware metalen; en – van heel andere orde – beter een stuk in de kraag dan tien in de krant, mijn vertaling van de Nieuwspoortcode, toen de nieuwbouw van de Tweede Kamer werd geopend. Aan deze reeks voeg ik vandaag toe: RebelSpaces, of all places, een positief bedoelde uitspraak om de voordelen van de unieke ‘workspace for changemakers’ naar waarde te schatten.Waarde-creatie  is tegelijk een van de uitdagingen van de circulaire economie. Het trefwoord creativiteit brengt mij bij de vierde aansporing: probeer als jonge ondernemer creatief te zijn. Combineer vorm en inhoud in de producten en diensten, die je wilt maken of aanbieden, en geef kleur aan het ondernemerschap door kijkers en kopers te verrassen met bijzondere ideeen of effecten, overigens zonder in allerhande marketing trucs te vervallen. Reclamebureaus en mediatrainers zullen deze bijzin liever vergeten, en de politici van vandaag ook. Maar ik houd staande dat inhoud meestal wint vorm. Ontwerpers doe ik daarmee hopelijk niet tekort.

Overview van RebelSpaces

Organisatie
Terug naar de waarde-creatie: het trefwoord van de circulaire economie, dat niet zomaar waar te maken is. Niet voor niets wordt veel en vaak gesproken over businessmodellen in de circulaire economie. Ik verwijs o.m. naar het recente boek van Jan Jonker, getiteld: Werkboek circulair organiseren voor het ontwikkelen van een circulair businessmodel’. De term organiseren verwijst naar de wisselwerking met ketenpartners. De ontwikkeling van circulaire producten en diensten is vrijwel nooit eenmanswerk, integendeel. In vrijwel alle gevallen zijn meer personen en instellingen betrokken. Dat vergt een stevige organisatie en goede afspraken, ook over de voortgangscontrole en de evaluatie. Besteed daarom tijdig aandacht aan alle organisatorische aspecten: mijn vijfde aanbeveling voor (jeugdige) ondernemers.

Upcycling: hergebruik van textielvezels (Frankenhuis) voor tafelbladen en stoelzittingen door Planq

Dilemma’s
Bij de ontwikkeling van circulaire producten en diensten weten de ketenpartners – dus ook de jeugdige ondernemers zich gesteld voor een reeks dilemma’s:

  • Sturing door de overheid tegenover producentenverantwoordelijkheid
  • Acceptatie van belastingregimes of pleidooien voor een vrije markt
  • Aanvaarding van bindende richtlijnen of vrijheid van design
  • Samenwerking op nationaal of internationaal vlak
  • Schaalgrootte: lokaal, regionaal, nationaal, globaal
  • Type van de businessmodellen
  • Lease society of recht op eigendom

Ik pak er twee punten uit, die voor startende ondernemers van grote betekenis zijn: de schaalgrootte, en de lease society, waarvan RebelSpaces natuurlijk een fraai voorbeeld is: een perfecte vorm van circulaire dienstverlening, tegelijk een voorbeeld voor andere ondernemers, die afnemers voor korte of (liefst) langere tijd aan zich willen binden. Mijn zesde aansporing luidt daarom: onderzoek de mogelijkheden voor circulaire dienstverlening en productverhuur.

Schaalgrootte
De schaalgrootte is een punt van andere orde, met een ingebouwde tegenstelling, wanneer het gaat om haalbare businessmodellen. De economische haalbaarheid van een product vergt een zekere schaalgrootte, en dus ook financieringsbehoefte. Bovendien neemt het aantal ketenpartners toe. Maar een gezonde productontwikkeling is gebaat bij een kleine, overzienbare schaal, waardoor ook bijsturen gemakkelijker wordt. Van jeugdige ondernemers mag onbevangenheid worden verwacht, naast spontaniteit en creativiteit. Daarnaast moeten zij oog hebben voor valkuilen en tegenslagen kunnen overwinnen. Vandaar het streven naar een overzienbare schaalgrootte, mijn zevende aansporing.

Een foto van de negenaansporingen

Lokaal en regionaal
De ervaring leert – kijk naar de activiteiten binnen De Smeltkroes in Nijmegen of in Blue City in Rotterdam – dat vernieuwing van denken en doen gebaat is met een (vooralsnog) kleine schaal. Vandaar mijn achtste aanbeveling: begin op lokale of regionale schaal, en sla pas daarna de vleugels uit. Denk aan de innovators in de ICT, met het spreekwoordelijke begin in de garagebox van hun ouders of vrienden. Het woord ‘box’ brengt mij bij het z.g. out-of-the box-denken: een negende aansporing voor veelal jonge vernieuwers met een andere ‘mind-set’ dan die van traditionele ondernemers. Klassieke ondernemers durven vaak gebaande wegen niet te verlaten. Hun angst is soms terecht, soms ook niet. Ik haast me overigens op te merken, dat de leeftijd er vaak niet toe doet, wel de instelling waarmee uitdagingen worden opgepakt. Op een andere, zelfs op voorhand ongedachte manier kijken naar mechanismen en systemen: dat is volgens mij de grondslag voor innovatie, die op korte of lange termijn hout snijdt.

Negen aansporingen
Ter afsluiting zet ik mijn negen aansporingen – een forse maar niet uitputtende lijst – op een rij, in de vorm van bondige uitspraken:

  • Toon doorzettingsvermogen
  • Leef in de breedte
  • Blijf koersvast
  • Wees creatief
  • Werk aan organisatie
  • Verleen circulaire diensten
  • Kies overzienbare schaal
  • Begin local of regional
  • Denk out-of-the box

Johnny Kerkhof en zijn vrienden hebben met de realisering van RebelSpaces deze aansporingen al geheel of gedeeltelijk ter harte genomen. Niettemin wens ik hem en alle jonge ondernemers veel succes op de weg die voor hen ligt. Rebellen nemen en verdienen de ruimte. Of niet soms?

Zo kom je nog eens ergens

Arnhemse afvalcoaches met Laura Thuis en Maaike Kuyvenhoven, de bedenkers van het Ad Lansink Ladderspel

Spreekbeurt
is een wat schools woord, dat in mijn politiek actieve jaren vaak werd gebruikt voor toespraken in eigen of zelfs andermans kring. Uitleg geven en verantwoording afleggen, dat waren meestal dankbare aangelegenheden ondanks ook gehoorde kritiek. Ik moet de laatste tijd vaak terugdenken aan die spreekbeurten en autoritten, vaak ver van den Haag of Nijmegen. Want de publicatie van Challenging Changes – mijn nieuwe boek over de relatie tussen de afvalhierarchie en circulaire economie – heeft geleid tot allerlei verzoeken om presentaties over de oorsprong en toekomst van de Ladder van Lansink: de bijna 40 jaar oude voorkeursvolgorde voor afvalbeheer. En opnieuw zeg op de terugreis tegen mezelf: zo kom je nog eens ergens.

Cover Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy

Leiden – Profburgwijk
Neem bij voorbeeld de spreekbeurt voor de Profburgwijk in Leiden, een zeer geïnteresseerd gezelschap van jonge en oude 65-plussers dat na een suggestie van wijkgenoot Herman Lansink wel eens wilden weten, waarom een gepensioneerd politicus en wetenschapper nog een boek moest schrijven over de betekenis van zijn ladder voor het sluiten van kringlopen. De talloze vragen – merendeels to the point – toonden de inhoudelijke betrokkenheid van het gemêleerde gezelschap. Dat de organisatoren ook nog een digitale doventolk hadden ingeschakeld was een positief, niet eerder beleefd teken aan de wand met mooie verrassingen.

Jong geleerd, oud gedaan: kleuters op de bovenste trede van de ladder

Arnhem – Stadsboerderij Presikhaaf
De ene spreekbeurt is de andere niet, zo bleek een week later, toen ik op verzoek van de organisatoren van de Arnhemse Afvalkaravaan tijdens het Lentefeest bij de Stadsboerderij in het Park Presikhaaf het Ad Lansink Ladderspel mocht onthullen en toelichten. De uiterst nieuwsgierige ouders en kinderen luisterden aandachtig naar de uitvinder van de afvalhierchie. Ik probeerde in zo eenvoudig mogelijke maar met jeugdherinneringen doorspekte woorden de treden van de ladder uit te leggen. De ontwerper en maker van de groot uitgevallen maar fraaie keukentrap had de laagste trede terecht weggelaten. De uit afvalhout gemaakte trap had immers de bodem nodig om overeind te blijven. De moeilijkste vraag kwam van een moeder, die vroeg waarom en hoe een Arnhemmer in Nijmegen terecht kon komen. Dat een van de afvalcoaches een echte Vitesse-fan was, deerde mij minder.

Workshop Ieders Pakkie An van RTA Recycling bij Coolrec in Dordrecht

Dordrecht – RCA Workshop
Een dag later trok ik naar Dordrecht om een groot aantal leden en gasten van RTA toe te spreken tijdens een workshop over recycling van veelal hoogwaardige technologische apparatuur zoals laboratorium-instrumenten en allerhande ICT-spullen. Na een sterk betoog van Miele-topman Stefan Verhoeven mocht ik naast het zicht op ‘lekken’ in circulaire systemen vertellen, waartoe producenten verantwoordelijkheid kan en moet leiden: een van de circulaire dilemma’s zoals verwoord in Challenging Changes. De impressie op RTA-website verraste mij. Onder de kop ‘Profetisch inzicht’ lees ik: Hij bestaat echt! De niet brood etende profeet van de duurzaamheid,  die zich niet ijdeltuiterig opdringt aan de meest betalende would be-congresorganisator en hypemedia. Zijn naam is Ad Lansink, 83 jaar inmiddels.

Demontage van afgedankte koelkasten bij Coolrec in Dordrecht (Foto: Ad Lansink)

Dordrecht – Coolrec
De onverwachte lof gaat verder: Zijn profetische inzicht stamt uit 1979. De ‘Ladder van Lansink’ wordt nu internationaal omarmd, dankzij zijn Engelstalige boek over het connecten van ‘Waste Hierarchy and Circular Economy’. Wat een voorrecht was het om hem bij ons, Stichting RTA, Recycling Technologische Apparatuur, te hebben, op 12 april 2018 in Dordrecht, in onze voeten-op-de-grond workshop ‘Ieders Pakkie An’, over Waardeketens, Afvalketens en de Overheid. De rondleiding door de de-assemblage-plant van Coolrec maakte duidelijk, dat aan demontage van koelkasten nog stevige handen te pas komen voordat de shredders hun tanden in de afgedankte apparaten kunnen zetten.

Nijmegen en Vlaardingen
Zo kom je nog eens ergens: die uitdrukking blijft ook in het voorjaar van 2018 actueel, nu de volgende ‘spreekbeurten’ voor de deur staan, notabene op dezelfde dag. Op donderdag 17 mei 2018 mag ik in eigen omgeving tijdens het Circulaire Economie Festival te Nijmegen laten zien en horen, welke Challenging Changes ons te wachten staan, en hoe we met die uitdagingen om moeten gaan. Een vijftal uren later, en 120 km verder mag ik met bij de opening van de Groen Gas Installatie van het Hoogheemraadschap Delfland met de presentatie Biomassa: bouw- en brandstof bij de transitie naar circulaire economie aangeven, of en zo ja hoe de biologische kringloop van biomassa past in de transitie naar circulaire economie. Na afloop zal opnieuw blijken, dat ‘ergens komen’ ook ‘weer wat leren’ inhoudt.

 

Het ene jaar is het andere niet

Omzien en vooruitkijken op de grens van 2017 en 2018

Grote Markt in Brussel: in 2017 ‘lieu de memoire’: enthousiaste barman wilde ook het Stadhuis op de foto

Saamhorigheid telt: zo luidde een jaar geleden mijn Nieuwjaarswens, toen niet wetend, dat een goede gezondheid de ‘beste-wensen-lijst’ had moeten aanvoeren. Nog geen maand na de jaarwisseling voelde ik na luttele inspanningen korte, soms ook langere borstpijnen. Op andere ogenblikken sloeg moeheid toe, zonder aanwijsbare redenen. Een onverwacht kantelpunt. Had ik te veel tijd besteed aan Challenging Changes, het boek waaraan ik vanaf september 2015 was gaan werken? Sprak misschien de leeftijd een woordje mee, ondanks de oneliner allemachtig, allebei tachtig’? De bloeddrukmeter gaf met bovennormale waarden het begin van een antwoord. Bestrijding met de gebruikelijke geneesmiddelen hielp nauwelijks. Na een week slikken en meten volgde de verwijzing naar de cardioloog, die na bestudering van de hartfilm een snelle katheterisatie voorstelde. Dotteren bleek niet verantwoord, een in alle opzichten geslaagde open-hart-operatie wel.

Bloemen van het Prinsenconvent Knotsenburg bij de terugkeer uit het ziekenhuis (Foto: Ans Lansink)

Sinds 15 februari 2017 zorgen een viertal omleggingen van de kransslagader voor een opmerkelijk herstel. Wel was een langdurige hartrevalidatie nodig om het ritme van alledag weer eigen te maken. Pijnstillers behoorden in de eerste maanden na de operatie tot de dagelijkse levensbehoefte, net zoals allerlei lichaamsbewegingen:  lopen, fietsen en zelfs armtrainingen. Knotsenburg – carnaval in Nijmegen – moest ik in 2017 laten voor wat het was en zal blijven: een festijn voor de echte liefhebbers, die van dweilen en bier houden. Het bestuur van het Prinsenconvent had tijdens de Carnavalsvierdaagse wel aan mij en aan de andere zieke leden (Wiet I, Piet I, Jos I, Ronald III) gedacht, getuige de fraaie bos rozen, kort na de – achteraf snelle – thuiskomst uit het UMC Radboud.

Ans ziet uit over het Friese land, in de buurt van het Lauwersmeer (Foto: Ad Lansink)

Een trektocht met de Roadscout door Midden- en Oost-Europa zoals in 2014 en 2015 schoot er ook bij in. Gelukkig bleek een niet te lange tocht door Noord-Frankrijk wel haalbaar, naast een onverwacht geslaagd verblijf in het Friese Kollum, vlak bij het onvolprezen Lauwersmeer. Aanleiding was een duo-expositie van Marena Seeling en Coen Vernooij, die wij met een onverwacht bezoek wilden verrassen. De minicamping, even buiten het dorp (of is het een stad) bleek een mooi uitgangspunt voor fietsen in een omgeving, waar we nooit eerder geweest waren. Ans slaagde er wonderwel in met de vouwfiets zonder accu een behoorlijk grote afstand te overbruggen.

Sophie van Kempen en Ad Lansink bekijken drukproef van boekomslag (Foto: Leo Schrijver)

Met Challenging Changes kon ik in april 2017 weer verder Het leeuwendeel van het schrijfwerk was gelukkig klaar toen de hartklachten zich aandienden. Maar de afbeeldingen, figuren, tabellen, schema’s en noten vergden toch nog veel werk. Datzelfde gold voor de correctie van de vertaling en de eindredactie. Intussen zag ik met boekontwerpster Sophie van Kempen – steun en toeverlaat ook na mijn ziekte – de omvang van het boek groeien van de aanvankelijk geraamde 320 pagina’s naar 400 bladzijden. Dankzij de tijdige inschakeling van drukker DPN Rikken Print – in de persoon van Leo Schrijver – en boekbinderij Van der Burg kon Challenging Changes op de geplande datum van 11 oktober 2017 in Brussel worden gepresenteerd: na de geslaagde bypasses het tweede hoogtepunt voor 2017.

Ovedrbrengen van Ted Felen’s mozaïek naar het gebouw van Aqua Viva (Foto: Ad Lansink)

Van andere orde is een gebeurtenis, die ook de krant haalde: de verhuizing van Ted Felen’s immense mozaïek Nosos – Diagnosis – Therapeusis – Sanatio van de Hazenkamp naar Aqua Viva, het nieuwe zorgcentrum van de Jezuïeten aan de Heyendaelseweg in Nijmegen. Phoebe Felen vroeg mij na mijn operatie of ik een geschikte plaats wist voor het kunstwerk van haar vader na  de sloop van het Gezondheidscentrum aan de Vossenlaan. De gemeente zou de verhuiskosten betalen, wanneer het mozaïek in Nijmegen zichtbaar zou blijven. Na ampel beraad bleek plaatsing in Aqua Viva mogelijk. Dat de verhuizing niet zonder slag en stoot ging, laat zich raden. Dat ik voor het erfgoed van mijn oude vriend Ted Felen een plek wist te hebben, dank ik aan Ben Frie SJ, Eduard Kimman SJ en Tjeerd Jansen SJ.

Dankwoorden aan Jan Storm, inspirator van Challenging Changes (Foto: Sophie van Kempen)

Het ene jaar is inderdaad het andere niet. De uitlevering van Challenging Changes is vanzelfsprekend niet in enkele maanden beklonken. Ook het werk aan de gekoppelde website gaat gewoon door net zoals de boekpromotie in Nederland en daarbuiten. Nijmegen European Capital 2018 begint op 20 januari 2018 met een officiële plechtigheid in de Sint Stevenskerk, terwijl op 18 mei 2018 een groots ‘circulaire economie festival’ plaats vindt op het Honig Complex. Eduard Kimman SJ betrekt ook de Petrus Canisiuskerk in het Green Capital Project met een maandelijkse ‘groene preek’. Dat ik in die reeks de spits mag afbijten, geeft te (na)denken en te doen. Want preken is geen schrijven. Waarschijnlijk  bieden het Oude en Nieuwe Testament voldoende aanknopingspunten. Wat te denken van de boodschap van Jona, dat Ninive zou (kunnen) vergaan?

Ans Lansink-van Dam en Sophie van Kempen in het Kroondomein bij Uddel (Foto: Ad Lansink)

Het ene jaar is inderdaad het andere niet. Die open deur geldt ongetwijfeld ook voor het jaar, dat nu (bijna) verleden tijd is, en voor het jaar dat opnieuw met een (te grote?) vracht vuurwerk is ingeluid. De welgemeende goede wensen voor 2018 verbind ik met mijn grote dank aan alle vrienden en bekenden, die in 2017 inhoud hebben gegeven aan het elkaar vasthouden in goede en slechte tijden. Ik denk daarbij in het bijzonder aan de staf en medewerkers van de afdelingen cardiologie en cardiochirurgie van UMC Radboud, en aan  de hele ploeg mensen, die Challenging Changes mede mogelijk hebben gemaakt: Jan Storm en de ‘Editorial Board’, Bart de Bruin en Michelle Kluiver (Dar), Leo Schrijver (DPN Rikken Print), boekbinderij van den Berg en tenslotte, maar niet op de laatste plaats: Sophie van Kempen en Ans Lansink-van Dam, die het ‘thuiswerk’ soms inruilden voor de buitenlucht.  Kortom: vriendschap en verbondenheid alom.