Challenging Changes in Nieuwspoort

Staatssecretaris Stientje van Veldhoven spreekt bij Grondstoffenpoort over de transitie-agenda’s circulaire economie (Foto: Sophie van Kempen)

Vrolijke boekpresentatie met Staatssecretaris Stientje van Veldhoven
Ruim voor het verschijnen van Challenging Changes bespraken Jan Storm, voorzitter van de ‘Editorial Board’ en ik de plaats voor de boekpresentatie. De keuze viel op Brussel: ‘the place to be’ vanwege de medewerking van de Europese Commissie. Maar enkele aansluitende presentaties in Nederland leken ons ook wenselijk, met als opties: den Haag, omdat in Nieuwspoort destijds De kracht van de Kringloop was gepresenteerd; Nijmegen vanwege de uitverkiezing van de stad aan de Waal tot European Green Capital; en Gorkum, waar elk jaar de succesvolle Recyclingbeurs wordt gehouden. De invitaties pakten zo uit, dat ik kort na de Brusselse presentaties Challenging Changes mocht tonen aan de gasten van het BRBS-Symposium en de bezoekers van de beurs in Gorkum. De feestelijke presentatie in de Nijmeegse Raadzaal vond plaats op 18 december 2017, een maand voor de start van het European Green Capital-jaar. Nieuwspoort werd de plaats waar de reeks officiele presentaties werd afgesloten. Dat gebeurde op 23 januari 2018 tijdens de Nieuwjaarsbijeenkomst van Grondstoffenpoort, waar Stientje van Veldhoven voor het eerst haar opwachting maakte als staatssecretaris.

Ad Lansink leg uit wat Challenging Changes betekent (Foto: Sophie van Kempen)

Transitieagenda’s
Het toeval wilde, dat de bijeenkomst in Nieuwspoort een week na de start van de Week van de Circulaire Economie plaats vond. Die week was ingeluid – en dat was geen toeval – met de aanbieding van de vijf transitie-agenda’s circulaire economie aan de bewindsvrouw, die – ook dat was geen toeval – enkele dagen tevoren bij de opening van het European Green Capital jaar in de Sint Stevenskerk te Nijmegen al had laten zien uit het goede – dus duurzame – hout gesneden te zijn. De aanbieding van Challenging Changes paste wonderwel bij het thema van de transitie-agendas, belangrijke documenten die door gemengde werkgroepen zijn opgesteld op grond van het een jaar geleden door een groot aantal partijen ondertekende Grondstoffenakkoord. De gedegen, gevarieerde maar ook procedurele agendas hebben betrekking op vijf sectoren: bouw, kunststoffen, voeding en biomassa, consumentengoederen en maakindustrie.

Stientje van Veldhoven maakt reclame voor Challenging Changes (Foto: Sophie van Kempen)

Stientje van Veldhoven
nam Challenging Changes met een gulle lach in ontvangst. Na lezing zal zij ongetwijfeld vaststellen, dat een reeks thema’s uit de transitie-agenda’s ook in het boek aan de orde komen, inclusief aanbevelingen over het voorkomen en dichten van wat ik lekken in de systematiek van de circulaire economie noem. Ook een heldere stellingname inzake de dilemma’s lijkt geboden, wil de transitie goed op gang komen. In haar toespraak bij Grondstoffenpoort wees de actieve en enthousiaste bewindsvrouw terecht op de noodzaak van teamwork: de gezamenlijke inspanning van bedrijfsleven, waaronder de afval- en recyclingsector, overheid en samenleving voor het welslagen van de transitie naar de op kringlopen georiënteerde economie. De kabinetsreactie op de transitie-agenda’s wordt – als onderdeel van de uitwerking van de klimaatagenda – nog voor de zomer gepubliceerd, inclusief de doelstellingen voor de kabinetsperiode 2018-2020. Hopelijk vinden Stientje van Veldhoven en haar departementsstaf uitdaging, aanmoediging en inspiratie in Challenging Changes, het boek over de connectie tussen de afvalhierarchie en circulaire economie.

Stientje van Veldhoven, Ad Lansink en Marieke van der Werf, moderator van Grondstoffenpoort (Foto: Sophie van Kempen)

Grondstoffenpoort
is overigens een voortzetting van Milieupoort, de netwerkborrel voor bedrijfsleven, beleidsambtenaren, milieubeweging en politici, met name leden van Eerste en Tweede Kamer en bewindpersonen. In 1993 heb ik die formule bedacht samen met Jules Wilhelmus, die ook nu aanwezig was. Nieuwspoort kent inmiddels meer dan 20 ‘Poorten’, vrijwel allemaal volgens dezelfde formule. Verrassend genoeg waren drie leden van de ‘Editorial Board’ van Challenging Changes aanwezig: Jan Storm, Hannet de Vries – in ‘t Veld en Ton Holtkamp. Met de ook aanwezige vormgeefster Sophie van Kempen konden zij ervaren, dat de belangstelling en waardering voor het boek groot is, zowel waar het de inhoud als de vormgeving betreft: een mooie stimulans om ook in de komende tijd verder te werken aan wat een grote uitdaging blijft: de transitie naar een circulaire, aanzienlijk duurzamer economie. De bestellingen uit een grote reeks landen – in Europa, maar ook daarbuiten = leren, dat de overgang naar de kringloop-economie ook buiten Nederland sterk leeft.

Groene preek in Petrus Canisiuskerk 

Toren van de Petrus Canisiuskerk aan de Molenstraat in Nijmegen (Foto: Ad Lansink)

Nijmegen is op initiatief van de Europese Commissie verkozen tot European Green Capital 2018. Pater Eduard Kimman SJ, pastoor van de Petrus Canisiuskerk, wil bijdragen aan het waarmaken van deze eretitel, onder meer met het verzoek aan enkele leken om met een ‘groene verkondiging’ hun visie te geven op duurzame ontwikkeling. De publicatie van mijn boek Challenging Changes was voor hem aanleiding mij uit te nodigen om de spits af te bijten. Ik preekte in het weekend, waarin de Groene Hoofdstad van Europa door Eurocommisaris Karmenu Vella werd geproclameerd. Diverse kerkgangers wilden de tekst nog eens rustig nalezen, ook vanwege de (te) bondige samenvatting: Van onthaasten en ontzaken naar ontdekken en ontmoeten.

De zware westerstorm
die onlangs over Nederland raasde, slachtoffers eiste en schade toebracht, deed mij denken aan woorden van Wubbo Ockels. Ik ontmoette de ruimtevaarder in Delft, toen ik met hem in 2006 een proefschrift over afvalbeheer mocht beoordelen. De natuur heeft altijd gelijk: zei hij. Hij doelde op de wetten van de natuur, maar was ook bezorgd over de vervuiling van de aarde. Zijn aandacht voor de natuur en zijn zorgen over het milieu deel ik al een halve eeuw. De natuur, de Schepping: wie brachten mij dat onmetelijke en toch tastbare begrip bij? Wel: op de eerste plaats mijn ouders. Oorlog en geldgebrek maakten reizen onmogelijk. Maar de omgeving van Arnhem bood de kans om de natuur te ontdekken; bossen, heidevelden, rivieren. Was ik in Nijmegen geboren, dan zouden de stadsparken, het Heumensoord en de Ooijpolder  doel van de zondagse tochten zijn geweest.

Pater Picard,
de godsdienstleraar van het KG, bewees eind jaren veertig op heldere wijze het bestaan van God en Schepping. Hij verdiepte daarmee het geloof, dat mijn ouders hadden doorgegeven. Voor twijfel was geen plaats en geen tijd, omdat het leven in de breedte toen al begon. Want de actieve rector haalde mij ook bij de toneelclub, zij het als souffleur. De natuur kreeg nog meer betekenis, toen ik in Utrecht bij Veritas Dries van Melsen ontmoette. De befaamde Nijmeegse hoogleraar leerde in de Domstad het dispuut De Pyramide de beginselen van de natuurfilosofie. In 1964 kwam ik hem weer tegen bij mijn eigen promotie. Toen Dries van Melsen bestuursvoorzitter van de KU was, reden we soms samen in zijn fraaie Rover naar den Haag. De wisselwerking tussen wetenschap en geloof was dan een dankbaar gespreksthema.

Eurocommissaris Karmenu Vella proclameert in de Sint Stevenskerk Nijmegen European Green Capital 2018 (Foto: Ad Lansink)

De geschiedenis van de natuurwetenschappen
kwam op mijn pad via de colleges van Dijksterhuis, schrijver van de Mechanisering van het Wereldbeeld. Het plan om bij hem te promoveren viel in duigen door een slecht tentamen. Gevolg was wel, dat ik tot vreugde van mijn ouders in Nijmegen belandde. Toen ik hier aan een fysisch-chemisch proefschrift werkte, groeide het besef, dat wetenschap het geloof eerder verdiept dan ondermijnt. Tijdens mijn baan in het Radboudziekenhuis kreeg ik belangstelling voor politiek en wat dichtbij en veraf in de samenleving en de natuur gebeurt. Klimaatverandering was in 1979 nog geen thema, maar het dreigende tekort aan grondstoffen en signalen van ernstige milieuvervuiling maakten de politiek wakker. Als lid van de Tweede Kamer voelde ik wat mij te doen stond: beleid controleren maar ook vormgeven, wanneer dat nodig en mogelijk was. Achteraf bleek, dat mijn bijdrage aan de milieubegroting in 1979 een lijn heeft opgeleverd, die al bijna 40 jaar bepalend is voor de afvalwetgeving. Ik doel op de Ladder van Lansink, ook wel de afvalhierarchie genoemd, nu kader voor en wegwijzer naar de circulaire economie. Het leven zelf is lineair, en dus eindig. Maar de stof waartoe mens en natuur weerkeren blijft in enigerlei vorm bestaan. De afvalhierarchie – preventie, scheiding bij de bron, scheiding achteraf, verbranding en desnoods storten – is gemeengoed geworden, de kringloopfilosofie nog niet.

Ad Lansink achter de kansel in de Petrus Canisiuskerk; Joop van Banning SJ ziet met genoegen toe (Foto: Sophie van Kempen)

Rentmeesterschap
is het Bijbels begrip, waarmee ik in politieke zin ben opgegroeid. Eduard Kimman zei me: Gebruik tuinman van de aarde, om de ecologie, en niet de economie te benadrukken. God maakte de mens een zorgzame beheerder en geen verkwister, geen overheerser, zoals enkelingen wellicht opmaken uit Genesis 1: En God zegende hen, en God zeide tot hen: Weest vruchtbaar, en vermenigvuldigt, en vervult de aarde, en onderwerpt haar, en hebt heerschappij over de vissen der zee, en over het gevogelte des hemels, en over al het gedierte, dat op de aarde kruipt! Rentmeesterschap – gast in eigen huis, zoals Pieter Winsemius zei – houdt erkenning van de intrinsieke waarde in, zorg voor ongeschonden overdracht van de aarde aan toekomstige generaties. Psalm 24 zegt in andere woorden: De aarde is niet van ons: Van de Heer is de aarde en alles wat daar leeft, de wereld en wie haar bewonen Hij heeft haar op de zeeën gegrondvest, op de stromen heeft hij haar verankerd. De aarde kan zichzelf niet beschermen, niet tegen onuitwisbare natuurrampen en evenmin tegen menselijke ingrepen, die vaak niet omkeerbaar zijn. Voeg daarbij de gevolgen voor volkeren, die niet in staat zijn om zich te weren tegen onheil en onrecht, en duidelijk wordt waarom Paus Franciscus in de encycliek Laudato Si gerechtigheid en duurzaamheid op een lijn zet. Zijn opriep heeft terecht wereldwijd een grote indruk gemaakt.

Nineveh – Hoofdstad van een wereldrijk, geschenk van Eduard Kimman SJ voor ‘Groenprediker’ Ad Lansink

Toeval of niet:
de lezingen van zondag 21 januari 2018 bieden rake aanknopingspunten voor een ‘groene verkondiging’. Kunstenaar Han Klinkhamer leerde mij overigens, dat toeval niet bestaat, genade wel. Is het misschien Gods genade, dat volgens de eerste lezing Jona in het woord des Heren een stevige opdracht ziet: ‘Begeeft u op weg naar Nineveh, de grote stad en verkondig haar de boodschap, die Ik u zal ingeven’, waarna hij waarschuwde ‘Nog veertig dagen en Nineveh zal vergaan’Voorkwam Jona een natuurramp of zou Nineveh ten onder gaan door milieuvervuiling of losbandigheid? Hoe het ook zij: De mensen van Nineveh geloofden het woord van God, zij riepen een vasten af en deden van groot tot klein het boetekleed aan. En God: hij voerde zijn dreiging niet uit. In 612 voor Christus ging Nineveh alsnog te gronde als gevolg van de verovering door een naburig Rijk. Waarschijnlijk konden de decadente (?) inwoners zich niet meer verdedigen.

Deel van het portaal van de Petrus Canisiuskerk (Foto: Ad Lansink)

De oproep van Jona
samengevat in slechts twee woorden ‘Bekeert u’ is ook de kern van de Evangelielezing (Marcus 1, 14-20), wanneer Jezus door Galilea trekt om Gods Blijde Boodschap te verkondigen met de woorden: De tijd is vervuld en het Rijk Gods is nabij: bekeert u en gelooft in de Blijde Boodschap. De vissers lieten alles in de steek om vissers van mensen te worden. Het bekeert u ging dus heel ver. Ook vandaag wordt ons gevraagd nogal wat in de steek te laten. Of beter: achter ons te laten. Afzien van verworvenheden, vermindering van dingen waaraan we gewend zijn. De geschiedenis leert. dat dat niet eenvoudig is. Kijk maar naar het vraagstuk van de mobiliteit, met als blikvanger het vliegverkeer. Of denk aan het consumentisme: de zucht naar meer, beter, nieuwer. Passen op de plaats zijn al moeilijk genoeg, laat staan stappen terug om natuur en Schepping door te geven aan de generaties na ons. Toch moet er wat gebeuren, in de geest van wat Paus Franciscus ons in Laudato Si voorhoudt in het snijvlak van gerechtigheid en duurzaamheid. Mag ik de oneliner ‘Bekeert u’ eigentijds vertalen imet de oproep: Onthaasten en ontzaken om te onderzoeken en te ontdekken wat bewaard en doorgegeven moet worden. Onthaasten en ontzaken om onrecht uit te bannen en onheil te bestrijden, om vervolgens uit te komen bij geloof, dat inspireert; bij hoop, die levend maakt en bij liefde, die verbindt.

 

Voorbij de littekens

Hoofdingang RadboudUMC: de plaats waar de spannende maanden begonnen

Terugblik op een spannend begin van 2017 met een onverwachte samenloop van gebeurtenissen

Rond de jaarwisseling verwachtte ik een spannend 2017. De vraag of na ‘brexit’ en ‘Trump’ de verkiezingen in Nederland, Frankrijk en Duitsland ook onverwachte uitslagen zouden opleveren hield me bezig, Ook vroeg ik me af of NEC zich – al dan niet met moeite –  in de Eredivisie zou handhaven.  Zelf ging ik een spannend jaar tegemoet met de publicatie van Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy. Halverwege 2015 was ik op aansporing van Jan Storm, oud-directeur van Nedvang, nu voorzitter van Wecycle en president-commissaris van de Dar, begonnen aan het boek over de relatie tussen de Ladder van Lansink en de circulaire economie. Bij een gezamenlijk werkbezoek aan AVR in Rotterdam wist de enthousiaste gangmaker mij te overtuigen van het nut van een inhoudelijke, Engelstalige follow up van ‘De Kracht van de Kringloop’. Hij boorde financieringsbronnen aan, en regelde ook een ‘editorial board’, die mij met raad en daad terzijde zou staan. Tegen het einde van 2016 was het manuscript grotendeels klaar, inclusief interviews met insiders als Eurocommissaris Karmenu Vella, Eunomia CEO Dominic Hogg en ISWA-chairman Antonis Mavropoulos. Het eerste kwartaal van 2017 had ik gereserveerd voor schema’s, afbeeldingen, tabellen en eindredactie, plus de controle van de vertaling. Vormgeefster Sophie van Kempen was intussen begonnen aan de lay out en de vormgeving van schema’s en figuren.

De man van de Ladder met schaatskampioenen op de voorpagina van de Gelderlander – 13 februari 2017

Het werk aan Challenging Changes vorderde zo goed, dat ik soms wat losliet over mijn poging om afvalhiërarchie en circulaire economie –  al enige tijd trending topic – met elkaar te verbinden. De Gelderlander zag plotseling aanknopingspunten voor een artikel over de intussen bijna veertig jaar oude Ladder van Lansink. Ik stemde toe. Enige publiciteit leek van belang, ook omdat de gemeente Nijmegen en de DAR meewerken aan het project, financieel en inhoudelijk via een interview met wethouder Harriet Tiemens en Dar-topman Pieter Balth Linders. Toevallig vond het gesprek met de Gelderlander plaats, kort voor mijn bezoek aan Dr Camaro, interventie-cardioloog van UMC Radboud. De huisarts had mij naar hem verwezen vanwege aanhoudende hoge bloeddruk en forse borstpijn na pittige inspanningen. Op de dag waarop ik te horen kreeg, dat hartkatheterisatie noodzakelijk was, stuurde Sjors Molenaar mij de foutloze tekst van zijn interview voor De Gelderlander. En een dag voor duidelijk werd, dat ik met spoed een open-hart-operatie moest ondergaan, verscheen het uitgebreide verhaal over de Ladder van Lansink in de krant, met een aankondiging op de voorpagina. Geen wonder dus, dat een verpleegkundige van de afdeling hartkatheterisatie kort voor het onderzoek zei: kijk nou eens wie we op de afdeling hebben.

Leven als nooit tevoren: dat was nog maar de vraag, vlak voor de hartkatheterisatie op 14 februari 2017. In het interview de eerste aankondiging van ‘Challenging Changes’, het boek dat in het najaar van 2017 verschijnt

De uitkomst van de hartkatheterisatie was duidelijk. Een dotterbehandeling was te riskant. Om verder onheil te voorkomen was een snelle bypassoperatie noodzakelijk. Na een angstige avond en nacht op de afdeling hartbewaking was het zover: een operatie, waar ik vaak over had gehoord, zou ik zelf ‘aan den lijve’ meemaken. De verzekering van de cardiochirurg, dat in het overgrote deel van de gevallen de ingreep slaagt, gaf mij voldoende vertrouwen in een goede afloop. Achteraf is de operatie mij geweldig meegevallen. De nachtelijke uren op de intensive care vlogen voorbij, ook al hield pijn mij uit de slaap. De regelmatige controles, de toediening van medicijnen en de maaltijden vormden een dankbare afwisseling in het rustige post-operatie-ritme. Na de overbrenging naar de verpleegafdeling veranderde eigenlijk weinig, behalve dan de kennismaking met patiënten, die al eerder geopereerd waren. Opnieuw begon een verpleegster over het interview in De Gelderlander. De gedwongen rugligging viel niet mee, de pijn wel dankzij de toediening van pijnstillers. Toen eenmaal drains, infuus en urinekatheter verwijderd waren, werd het verblijf in het ziekenhuis nog dragelijker, ook dankzij de voortreffelijke inzet van de verpleegkundigen, die dag en nacht klaar staan voor hun patiënten.

Welkomstboeketten van de buren, Ds Visscherfonds, Energiepoort, Prinsenconvent, Volvo Nijmegen, Familie,  Editorial Board Challenging Changes en Nijmeegs Ondernemerscafe als teken aan betrokkenheid en meeleven.

Drie dagen na de operatie kon ik al zelfstandig douchen, met moeite maar toch. De maaltijden gingen steeds beter smaken.  De bezoekers – die tussen 15 en 20 uur welkom waren – troffen op de afdeling cardiochirurgie patiënten, die zonder uitzondering uitkeken naar de dag waarop zij naar huis of naar hun eigen ziekenhuis – Rijnstate in Arnhem of CWZ in Nijmegen – mochten terugkeren. Dat gold ook voor mij: precies zes volle dagen na de operatie werd ik ontslagen, gewapend met een medicijnenpaspoort en een recente hartfilm. De fysiotherapeut had al vastgesteld, dat traplopen weer mogelijk was. De artsen, aan wie ik was toevertrouwd – interventiecardioloog dokter Camaro en cardiochirurg doctor Geuzebroek – hadden mij intussen bezocht en teruggekeken op de geslaagde katheterisatie en omleidingsoperatie. Voortgeduwd door echtgenote Ans bracht een verrijdbare stoel mij naar de hoofdingang van het RadboudUMC. Boekontwerpster Sophie van Kempen, die op de middag van het ontslag op ziekenbezoek kwam reed mij naar huis, waar net het eerste boeket werd afgeleverd. Een week na de katheterisatie, waarmee de onverwachte ziekenhuisopname begon, was ik weer thuis. Dat ik een week later een vijftal uren op de Spoedeisende Hulp zou belanden, was even onverwacht als de toename van de pijn na de thuiskomst.

RadboudUMC op Dekkerswald: de plek van de hartrevalidatie

Pijnstillers bleven noodzakelijk, naast de medicijnen die voortaan tot het vaste inname-ritueel behoren. Met de woorden ‘eenmaal hartpatiënt, altijd hartpatiënt’ valt natuurlijk te leven, zeker waar de forse ingreep ook een ‘wake up call’ was. De zichtbare littekens op de borst en het rechterbeen herinneren voortaan aan de geslaagde ingreep. Ik bewaar ook goede herinneringen aan het verblijf in het RadboudUMC, aan de voortreffelijke zorg van staf en verpleging van de afdelingen cardiologie en cardiochirurgie en aan familieleden, vrienden en kennissen, die mij letterlijk en figuurlijk een hart onder de riem hebben gestoken. Het oude hart is vernieuwd, met hergebruik van eigen lichaamsmateriaal. Met dat begrip is ook de cirkel naar ‘Challenging Changes’ weer rond. De dag voor het ontslag kwam ik op de gang Fred Bouman tegen, ook achter een rollator. ‘Pas nog in de krant’, zei hij verbaasd, ‘en nu hier’. Tijdens de hartrevalidatie-middagen op Dekkerswald – tot eind mei ben ik daar bezig – ontmoeten we elkaar opnieuw. Een paar dagen geleden kwam de Ladder van Lansink toevallig weer ter sprake. Ook die cirkel was dus rond. Ik kon Fred en de andere, even sympathieke lotgenoten van de hartrevalidatie melden, dat de publicatie van ‘Challenging Changes’ doorgaat, in het najaar van 2017: een jaar met onverwachte gebeurtenissen. En de andere potentiele littekens: de Tweede Kamerverkiezingen vielen mee, Frankrijk koos voor Europa, en NEC blijft voorlopig in de Eredivisie.