Categorie archief: Afval

Een verrassende ‘dummy’

Logo Challenging Changes (Ontwerp: Sophie van Kempen)

Prelaunch Challenging Changes
Geïnspireerd door een werkbezoek dat ik in 2015 met Jan Storm aan AVR (Rijnmond) bracht, begon ik op initiatief van de oud-directeur van Nedvang aan Challenging Changes, een boek over de relatie tussen circulaire economie en afvalhiërarchie. Reacties uit de recyclingsector en bijdragen aan websites in UK en USA hadden al eerder laten zien, dat nogal wat mensen uit de afval- en recyclingwereld – ook buiten Nederland – geïnteresseerd waren in een Engelstalig vervolg op De Kracht van de Kringloop. Dat boek over de geschiedenis en toekomst van de Ladder van Lansink had ik in 2010 met Hannet de Vries- in ’t Veld gepubliceerd. Het besef dat preventie, hergebruik en recycling essentieel zijn voor de transitie naar circulaire economie vormt de rode draad voor Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy. Die rode draad heb ik vastgelegd in de volgende hoofdstukken

  • Linear waste and circular resource management
  • Waste hierarchy: a challenging framework
  • Transition aspects
  • Closing different and difficult loops
  • Exemplary resource flows
  • Waste management and climate policy
  • Need for (international) legislation
  • Changes for circular economy
  • Finally – het afsluitende hoofdstuk – met als afzonderlijke onderdelen: Main lines for circular economy, Commentary, Outlook, Recommendations.
Voorzijde boekomslag Challenging Changes naar een ontwerp van Sophie van Kempen

Opzet
De rode draad – een uitgewerkte opzet van de negen hoofdstukken, elk bestaande uit zes paragrafen – heb ik tegen het einde van 2015 voorgelegd aan een klankbordgroep, die door Jan Storm intussen was geformeerd. Sindsdien staat die groep insiders (Hannet de Vries – in ’t Veld, Bart de Bruin, Ton Holtkamp, Jan Storm en Dick Zwaveling) mij met raad en daad terzijde bij de totstandkoming van het manuscript en de productie van het boek. Jan Storm nam, ook met steun van de klankbordgroep, in de loop van 2016 de fondsenwerving ter hand. Al vrij snel werd duidelijk, dat voldoende middelen bijeengebracht konden worden voor het nieuwe boek. Het echte denk- en schrijfwerk kon beginnen, naast het vergaren van documentatie en de bestudering van nieuwe ontwikkelingen in afvalbeheer en circulaire economie. Het bleek opnieuw een forse maar ook dankbare klus. De klankbordgroep werd geleidelijk een ‘Editorial Board’, die mij mondeling in enkele bijeenkomsten en schriftelijk via het onmisbare emailverkeer behulpzaam was.

Sophie van Kempen en Ad Lansink bekijken het resultaat van de proefdruk. Op de achtergrond de digitale HP Galaxy 8000 voor de waarop de dummy van Challenging Changes gedrukt is (Foto: Leo Schrijver, DPN)

Dummy
Boekontwerpers en drukkers werken graag met dummy’s: een of twee exemplaren van een boek met enkele gevulde en verder zoveel lege pagina’s, dat het resultaat overeenkomt met de vorm en omvang van het uiteindelijke boek. De ontwerper kan zien of de lay out aan de verwachtingen voldoet en de drukker kan nagaan of het druksel de toets van de kritiek kan doorstaan. Klopt de gekozen papiersoort, hoe houdt de inkt zich op het papier, deugt de druktechniek? Boekontwerper  en drukker kunnen ook vaststellen of de rugdikte genoeg ruimte biedt voor de titel van het boek en de naam van de auteur. De schrijver kijkt – wanneer hij de kans krijgt – natuurlijk graag mee, al was het alleen al om zich te laten verrassen met het resultaat van zijn denk- en schrijfwerk.  Het aanbod van Leo Schrijver – senior accountmanager van DPN Rikken Print Nijmegen – om de productie van enkele dummy’s mee te maken was dan ook niet tegen dovemansoren gezegd. Integendeel. Met boekontwerpster Sophie van Kempen begaf ik me onlangs naar het fraaie pand van DPN om de ‘prelaunch’, een soort voorgeboorte, van Challenging Changes te beleven.

Sophie van Kempen en Ad Lansink met de door de boekontwerpster uitgedachte boekomslag. Op de achtergrond de vierkleuren offset pers waarop Challenging Changes eind augustus 2017 gedrukt gaat worden (Foto: Leo Schrijver, DPN)

Eerste indruk
DPN beschikt over een fraaie HP Indigo 7800, een digitale drukpers, waarmee snel kwalitatief uitstekend drukwerk kan worden geproduceerd. Challenging Changes zal later op een vierkleuren-offset-pers worden gedrukt. Maar voor een dummy is de digitale pers het aangewezen instrument. De in technologisch opzicht fabelachtige machine produceert in zeer korte tijd een uiterst hoogwaardig druksel. De eerste twee hoofdstukken van Challenging Changes en twee interviews waren voor de ‘prelaunch’ tekst- en print-klaar: totaal 92 pagina’s, ongeveer een kwart van de te verwachten omvang van het boek. Aanvulling met lege pagina’s tot de geraamde 360 pagina’s bood de gelegenheid om de waarschijnlijk definitieve rugdikte vast te stellen. Aangezien ook het ontwerp van de omslag gereed was inclusief de flaptekst op de achterzijde, zou de dummy al een goede indruk geven van het te verwachten eindresultaat. Na enkele instellingen kwamen in een hoog tempo de drukvellen uit de machine. Enkele handelingen en minuten later waren de dummy’s klaar: een verrassing op zichzelf. Wie niet beter weet, waant zich het volledige boek rijker. Auteur en boekontwerpster zien met ingehouden trots het (eerste) resultaat van hun inspanningen. Het is tegelijk een stimulans om met gepaste spoed verder te werken aan wat – zo nu al lijkt vast te staan – een fraai eindresultaat zal opleveren.

 

 

 

Chinese Ladder

Ruim een jaar geleden schreef Hugo von Meijenfeldt, in de jaren 80 beleidsmedewerker op het ministerie van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer, mij dat de Ladder van Lansink nog springlevend was. Hij lichtte dat toe met de volgende anekdote: “Whatever happened to the famous Ladder Van Lansink?”, vroeg gouverneur Jerry Brown van Californië mij in mijn vorige functie als Consul-Generaal in San Francisco. Ik was stomverbaasd dat hij die 35 jaar oude ladder uit het kleine Nederland kende. Jerry Brown legde uit dat hij in de jaren tachtig, na zijn eerste twee termijnen, door Europa was gaan reizen en in Nederland onder de indruk was geraakt van het eerste Nationaal Milieu Beleidsplan ter wereld en de daarin verklonken afvalhiërarchie’. Zelf had ik via bijdragen aan Environmental Blog Isonomia, contacten met de staf van Eunomia en medewerking aan de website van Bewastewise gemerkt, dat de oorsprong van de ‘waste hierarchy’ in England en de Verenigde Staten inderdaad bekend was. 

Uit de talrijke hits – tegenwoordig ruim 42.000 – die de ‘Ladder van Lansink’ inmiddels scoort bij een zoektocht via Google blijkt, dat de voorkeursvolgorde van het afvalbeheer ook in andere landen veel aandacht krijgt van bewuste (na)volgers en toevallige passanten. Na Nederland bezetten de Verenigde Staten de tweede plaats op de ‘hitlijst’, nog voor België, UK en Duitsland. Volgens de statistiek van WordPress besloeg de totale lijst in 2016 maar liefst 58 landen. Voor 2017 staat de teller op 43 landen. Vragen o.m. uit Oekraïne, Filippijnen, Brazilië en India onderstrepen de wereldwijde bekendheid. Uit een recente link, toegestuurd door Gerard Nijssen, blijkt dat in China een vertaling van de ladder bestaat. Of de vertaling klopt, kunnen kenners van de Chinese taal en tekens misschien beoordelen. Zou ik ooit nog moeten denken aan een vertaling van Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy, het boek dat najaar 2017 verschijnt?

Afvalhiërarchie in India

Afvalpiramide met preventie aan de basis Bron: Still van TEDxMITID
Mr Anurak Chandak aan het woord
Bron: Still van TEDxMITID presentatie

Toeval bestaat niet, zo leerde ik van kunstenaar Han Klinkhamer die meer voelde voor genade, van waar dan ook. Was het dus geen toeval, dat ik tijdens het werk aan ‘Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy’ een emailbericht ontving over de promotie van de afvalhiërarchie in India? Ik was net bezig met een paragraaf over de invloed van globalisering op landen als Brazilië, China en India. Het bericht was afkomstig van Peter Wiers, een consultant, die in het voorjaar van 2014 een tiental in afvalbeheer en waterzuivering geinteresseerde managers uit India kennis wilde laten maken met het Nederlandse afvalbeleid. Ter voorbereiding van zijn rondtocht langs instellingen en bedrijven had hij mij gevraagd, wat in het programma kon of moest worden opgenomen. Twee uur brainstormen in Nijmegen leidde tot diverse suggesties, onder meer over werkbezoeken, en tot een uiteenzetting over de Ladder van Lansink.

Afvalpiramide van Chandak met 'Disposal' an de top (Bron: Still van TEDxMITID-presentatie)
Afvalpiramide van Chandak met ‘Disposal’ an de top (Bron: Still van TEDxMITID-presentatie)

Vandaag – ruim twee jaar later dus – schreef Peter Wiers: ‘Zoals u weet, heb ik in 2014 een team van Indiase afval en energie-experts rondgeleid in Nederland. Misschien vindt u het leuk om te zien hoe de zoon van een van hen nu de Ladder van Lansink actief gebruikt om de situatie in India te verbeteren’. Hij voegde een link toe naar de TEDxMITID-presentatie van Mr. Anurag Chandak over de aanpak van de afvalproblematiek in India. Zijn even heldere als inspirerende presentatie, waarin de afval hiërarchie een prominente plaats heeft, is te vinden op https://youtu.be/1TAR9skA6VA. De toehoorders luisteren vol aandacht naar de man, die van de afvalhiërarchie een piramide maakt, met preventie (reduce) aan de basis en verwijdering (disposal) aan de top. Hoe meer preventie (en recycling), des te gemakkelijker is het afvalvraagstuk op te lossen, aldus Chandak, die (nog) niet spreekt over circulaire economie.

De Ladder van Lansink beklimmen, of toch maar beginnen bij preventie?

Na een duidelijke uitleg over de groene stappen van de afvalpiramide illustreert Chandak zijn betoog met enkele basale praktijkvoorbeelden:  hergebruik van draagtassen, prikstokken voor zwerfafval, anaerobe vergisters voor productie van biogas. Op zijn oproep tot hulp bij de oplossing van het afvalvraagstuk volgt een klaterend applaus. De presentatie van Chandak leert, dat ook in India de zorgen voor het leefklimaat erkend worden. Bij de beheersing van het afvalvraagstuk is ook daar de Ladder van Lansink het onbetwiste kader, overigens in relatie tot het klimaatvraagstuk en het energiebeleid. Desondanks blijven globalisering, geopolitieke ontwikkelingen en het tot nu vrijwel onbeheersbare vrije marktdenken zaken die aandacht verdienen.

Connecting waste hierarchy and circular economy Schema uit 'Challenging Changes' Ontwerp: Ad lansink en Sophie van Kempen
Connecting waste hierarchy and circular economy
Voorpublicatie uit ‘Challenging Changes’
Ontwerp: Ad Lansink en Sophie van Kempen

Chandak wijst in zijn boeiende voordracht terecht op de mogelijkheden en wenselijkheden van lokale initiatieven, zoals ook in Nederland vaak de nadruk wordt gelegd op decentraal afval- en energiebeheer. De spanning echter tussen regionalisatie en globalisering wordt in India nog niet ervaren, evenmin als de dilemma’s, die eerder vroeg dan laat om keuzes vragen: overheidssturing of producentenverantwoordelijkheid; fiscalisering of marktwerking; bindende richtlijnen of productenvrijheid; nationale aanpak of internationale speelruimt, leaseconstructies of eigendomsrecht. Gestimuleerd door het onverwachte emailbericht over de afvalhierarchie in India, werk ik nog even door aan ‘Challenging Changes’, een pittige maar mooie uitdaging op zichzelf.

Inspirerend afscheid van Stijn Mattheij bij Avans

Johan Raap, Lector Biobased Energy kondigt Ad Lansink aan. Stijn Matthey lacht op voorhand.
Johan Raap, Lector Biobased Energy kondigt Ad Lansink aan. Stijn Matthey lacht op voorhand (foto: Tanja Rizzo)

Enkele maanden geleden meldde Stijn Mattheij – docent en onderzoeker aan de Academie voor Technologie Gezondheid en Milieu van de Avans Hogeschool in Breda – mij, dat hij op een een CO2-conferentie in Essen (Duitsland) tot zijn verbazing door iemand uit Duitsland de Ladder van Lansink hoorde noemen. ‘Die ladder blijkt dus nog steeds actueel, met name in het Europese afvalbeleid’, schreef hij. Aan het onverwachte bericht – ik kende Stijn niet – koppelde hij de vriendelijke vraag of ik tijdens een symposium, dat hij bij zijn afscheid van Avans van de hogeschoolleiding mocht organiseren een voordracht wilde houden over de relatie tussen de ladder van Lansink en de circulaire economie. Mensen die mij kennen weten, dat ik vrijwel nooit nee kan zeggen. Dus ook niet bij Stijn Mattheij, naar later bleek een bevlogen docent en enthousiaste onderzoeker, die  – de geanimeerde borrel na afloop van het symposium maakte dat duidelijk – ook muzikale talenten bezit.

Stijn Mattheij, Docent Environmental Sciences for Sustainable Energy and Technology (ESSET), Coordinator minor Biobased Economy, Onderzoeker lectoraat Biobased Energy Academie
Stijn Mattheij, Environmental Sciences for Sustainable Energy and Technology, Coordinator minor Biobased Economy, Onderzoeker Biobased Energy Academie (foto: Tanja Rizzo)

Op 19 mei 2016 was het zover: het afscheidssymposium – ook wel masterclass genoemd – over het onderwerp, waaraan Stijn Mattheij de laatste jaren veel onderzoek besteed heeft. De aanvankelijke titel van het symposium ‘Biomassa in de stedelijke omgeving’ was vertaald in ‘Biobased and Circular Economy’. De stedelijke omgeving was wel de opmaat voor boeiende voordrachten van Berend de Vries, Wethouder Milieu Tilburg, over de optimalisering van de inzameling van huishoudelijk afval – met onder meer het belang van de publieksbenadering – en van Myranda Beljaars, Adviseur Milieu Gemeente Breda over biomassa als bron voor stadsverwarming, een actueel thema vanwege de dreigende sluiting van de Amercentrale. De warmte moet immers ergens vandaan komen, wanneer de gasvoorraad slinkt. Beseffen alle politici dat?

De man van de ladder begint met het verhaal van de BelG 'Goh, ik dacht dat u allang dood was'
De man van de ladder begint met het verhaal van de Belg in Brussel:  ‘Goh, ik dacht dat u allang dood was’ (foto: Tanja Rizzo)

Zelf benadrukte ik de dilemma’s op de driesprong van de lineaire naar de circulaire economie, in het spanningsveld van overheid en markt,  met de onmiskenbare problematiek van een op preventie en hergebruik gericht beleid in een op consumptie ingestelde samenleving, Biomassa speelt daarbij een meervoudige rol; als voeding maar ook als grondstof, en zelfs als brandstof. De ladder van Moerman – een latere variant van de ladder van Lansink – heeft zelfs tien sporten nodig om de diverse functies een ‘hiërarchische’ plaats te geven. Voedselverspilling is een bekend probleem, ook elders in Europa, terwijl aan winning van biomassa voor de productie van industriele grondstoffen en energie – denk aan de import van houtsnippers – ook grenzen worden gesteld. Kortom: ook hier genoeg dilemma’s.

Stijn Mattheij over groei of broei: op de achtergrond de Rijn-Schelde-Delta met de rode (CO2) vlekken
Stijn Mattheij over groei of broei: op de achtergrond de Rijn-Schelde-Delta met de rode (CO2) vlekken (foto: Tanja Rizzo)

Uiteraard kwam Stijn Mattheij zelf ook aan het woord. Met een tiental studenten had hij onderzocht waar en hoeveel CO2 in de Rijn-Schelde-Delta – ruwweg noordwest België en zuidwest Nederland – wordt uitgestoten. De enorme hoeveelheid zou de aanleg van een CO2-pijpleiding rechtvaardigen om vraag en aanbod op elkaar af te stemmen, vooropgesteld dat voldoende vraag ontwikkeld zou kunnen worden. Omzetting van duurzaam geproduceerde waterstof om met CO2 methaan en water te maken is dan wel een vereiste. Toekomstmuziek? Wellicht. De gasten begrepen in elk geval, waarom Stijn zijn ‘openbare slotles’ de titel ‘CO2: groei of broeigas?’ had gegeven. Zijn poging om via een goed onderbouwde kostenraming  de ladder van Lansink te vertalen in een voorkeursvolgorde voor energie uit biomassa bleek  (nog) niet haalbaar, onder meer door de te lage prijs van CO2-rechten.

Enemmers onder elkaar: Stijn Mattheij was aanwezig bij de presentatie van 'Arnhem 1950-1960 Beelden van een stad tussen ooit en nu; op 17 april 2016 in Arnhem
Enemmers onder elkaar: Stijn Mattheij was aanwezig bij de presentatie van ‘Arnhem 1950-1960 Beelden van een stad tussen ooit en nu’, 17 april 2016 , Arnhem (foto: Tanja Rizzo)

Dat Stijn Mattheij na zijn afscheid van Avans niet achter de bekende geraniums terecht komt werd duidelijk toen hij een kort overzicht van zijn toekomstplannen presenteerde. De ‘groene samenleving’ is gelukkig nog niet van hem af, ook al waren de gasten graag bereid om hem uit te vlaggen toen hij in een gloednieuwe truck van Rolande LNG een korte rit mocht maken. Peter Hendrickx, de CEO van RolandeLNG, had even daarvoor uiteengezet, wat voor zware transporten de voordelen zijn, wanneer de trucks rijden op LNG, CNG en de Biobased varianten van deze schone – gekoelde en dus vloeibare – gassen. Zijn voorspelling dat voor personenauto’s elektriciteit en voor vrachtwagens en bussen gas de ideale brandstof zal worden, snijdt hout, een vorm van ideële biomassa. Waarmee de cirkel rond was, en de titel van Stijn’s afscheidsmiddag (in)gevuld.

 

 

Bedreigen ‘sprinkhanen’ Attero?

Recycling 'gefragmenteerde groeimarkt' (Foto: Pascal Vyncke, www.seniorennet.be)
Recycling ‘gefragmenteerde groeimarkt’ (Foto: Pascal Vyncke, www.seniorennet.be)

Twee jaar geleden schreef ik in Recycling Magazine Benelux een kritische column over het besluit van de Attero-aandeelhouders om de met publieke middelen gefinancierde afvalonderneming te verkopen aan Waterland, een private-equity-zaak, die bekend staat om het aankopen en weer verkopen van bedrijven. De overdracht van Attero aan Waterland, naar eigen zeggen ‘actief in gefragmenteerde groeimarkten’, riep allerhande vragen op. Passen afvalbeheer en recycling wel in het portfolio van Waterland? Is de interesse in afvalverwerking tijdelijk of blijvend? Was Attero niet meer waard dan de €170 mln euro, die Waterland betaalde voor het bedrijf, dat om meer dan historische redenen van betekenis was en is voor duurzaam afvalbeheer? Zou Waterland het risico van de nazorg op stortplaatsen volledig overnemen? Zou Waterland gelet op zijn ‘track record’ afvalverwerking, recycling en ketenbeheer tot in lengte van jaren waarborgen? Rob Thielen, CEO van Waterland, zag goede mogelijkheden voor groei, via inzet van scheidingstechnologieen en internationalisatie. Het deed mij denken aan het optimisme van Ruud Sondag, toen hij de Van Gansewinkelgroep bestuurde voor nog befaamder private-equity-partners.

VAM Compost : karakteristieke blikvanger van Attero in Wijster (Bron: www.afvalonline.nl)
VAM Compost : karakteristieke blikvanger van Attero in Wijster (Bron: www.afvalonline.nl)

Attero-topman Pierre Vincent hechtte in 2013 terecht veel waarde aan continuïteit en werkgelegenheid. Maar die trefwoorden pleitten – zo schreef ik –  voor aansluiting bij in afvalbeheer gespecialiseerde ondernemingen. Private-equity-bedrijven zien vaak hun aankoop als een tijdelijke investering, die vroeg of laat te gelde moet worden gemaakt. Waterland gaf begin 2014 te kennen, dat bij noch na de aankoop schulden zouden worden overgeheveld naar Attero. Dat de aankoop uit het eigen vermogen van Waterland werd betaald, was mooi maar blijkt achteraf geen geruststelling. Integendeel. Want onlangs meldden RTV Drenthe en FNV, dat als gevolg van winstmaximalisatie en superdividenden de motivatie van de medewerkers behoorlijk is aangetast. Voor innovatie – broodnodig in de boeiende wereld van het afvalbeheer – dreigt een tekort aan middelen. Conclusie: Attero krimpt, terwijl groei en continuïteit waren beloofd.

Over voetafdruk gesproken AL
Attero verdient een betere en goed onderhouden route naar een duurzame toekomst (Foto: Ad Lansink)

Intussen raken de bedrijfsreserves uitgeput door de uitkering van superdividend tot een bedrag van €183 mln, ruim boven de som die Waterland betaalde voor de aankoop van Attero. Volgens FNV is voor de  betaling van het superdividend maar liefst €49,9 mln onttrokken aan de voorziening voor nazorg van stortplaatsen. Bedenkelijk nieuws, dat het beeld van ‘sprinkhanen’, negative koosnaam voor private-equity-bedrijven, bevestigt. Twee jaar geleden leek het erop, dat Waterland in Attero een duurzame kernactiviteit zou zien, een serieuze deelneming gedurende een lange reeks van jaren zonder de dreiging van voortijdige vervreemding. Die hoop lijkt begraven onder de stortplaatsen van Attero. De vroegere aandeelhouders wisten volgens Waterland, dat de nieuwe eigenaar €85 mln van de reserves zou overhevelen naar eigen rekening. Of die publieke aandeelhouders ook weet hadden van het instrument – het superdividend – is onzeker. De oude eigenaren – gemeenten en provincies –  zijn als verkoper medeverantwoordelijk voor de (onzekere?) toekomst van Attero.  De tijd zal leren, of oude en nieuwe aandeelhouders ‘sprinkhanen’ zijn. De plaag is nog niet voorbij.