Zo kom je nog eens ergens

Arnhemse afvalcoaches met Laura Thuis en Maaike Kuyvenhoven, de bedenkers van het Ad Lansink Ladderspel

Spreekbeurt
is een wat schools woord, dat in mijn politiek actieve jaren vaak werd gebruikt voor toespraken in eigen of zelfs andermans kring. Uitleg geven en verantwoording afleggen, dat waren meestal dankbare aangelegenheden ondanks ook gehoorde kritiek. Ik moet de laatste tijd vaak terugdenken aan die spreekbeurten en autoritten, vaak ver van den Haag of Nijmegen. Want de publicatie van Challenging Changes – mijn nieuwe boek over de relatie tussen de afvalhierarchie en circulaire economie – heeft geleid tot allerlei verzoeken om presentaties over de oorsprong en toekomst van de Ladder van Lansink: de bijna 40 jaar oude voorkeursvolgorde voor afvalbeheer. En opnieuw zeg op de terugreis tegen mezelf: zo kom je nog eens ergens.

Cover Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy

Leiden – Profburgwijk
Neem bij voorbeeld de spreekbeurt voor de Profburgwijk in Leiden, een zeer geïnteresseerd gezelschap van jonge en oude 65-plussers dat na een suggestie van wijkgenoot Herman Lansink wel eens wilden weten, waarom een gepensioneerd politicus en wetenschapper nog een boek moest schrijven over de betekenis van zijn ladder voor het sluiten van kringlopen. De talloze vragen – merendeels to the point – toonden de inhoudelijke betrokkenheid van het gemêleerde gezelschap. Dat de organisatoren ook nog een digitale doventolk hadden ingeschakeld was een positief, niet eerder beleefd teken aan de wand met mooie verrassingen.

Jong geleerd, oud gedaan: kleuters op de bovenste trede van de ladder

Arnhem – Stadsboerderij Presikhaaf
De ene spreekbeurt is de andere niet, zo bleek een week later, toen ik op verzoek van de organisatoren van de Arnhemse Afvalkaravaan tijdens het Lentefeest bij de Stadsboerderij in het Park Presikhaaf het Ad Lansink Ladderspel mocht onthullen en toelichten. De uiterst nieuwsgierige ouders en kinderen luisterden aandachtig naar de uitvinder van de afvalhierchie. Ik probeerde in zo eenvoudig mogelijke maar met jeugdherinneringen doorspekte woorden de treden van de ladder uit te leggen. De ontwerper en maker van de groot uitgevallen maar fraaie keukentrap had de laagste trede terecht weggelaten. De uit afvalhout gemaakte trap had immers de bodem nodig om overeind te blijven. De moeilijkste vraag kwam van een moeder, die vroeg waarom en hoe een Arnhemmer in Nijmegen terecht kon komen. Dat een van de afvalcoaches een echte Vitesse-fan was, deerde mij minder.

Workshop Ieders Pakkie An van RTA Recycling bij Coolrec in Dordrecht

Dordrecht – RCA Workshop
Een dag later trok ik naar Dordrecht om een groot aantal leden en gasten van RTA toe te spreken tijdens een workshop over recycling van veelal hoogwaardige technologische apparatuur zoals laboratorium-instrumenten en allerhande ICT-spullen. Na een sterk betoog van Miele-topman Stefan Verhoeven mocht ik naast het zicht op ‘lekken’ in circulaire systemen vertellen, waartoe producenten verantwoordelijkheid kan en moet leiden: een van de circulaire dilemma’s zoals verwoord in Challenging Changes. De impressie op RTA-website verraste mij. Onder de kop ‘Profetisch inzicht’ lees ik: Hij bestaat echt! De niet brood etende profeet van de duurzaamheid,  die zich niet ijdeltuiterig opdringt aan de meest betalende would be-congresorganisator en hypemedia. Zijn naam is Ad Lansink, 83 jaar inmiddels.

Demontage van afgedankte koelkasten bij Coolrec in Dordrecht (Foto: Ad Lansink)

Dordrecht – Coolrec
De onverwachte lof gaat verder: Zijn profetische inzicht stamt uit 1979. De ‘Ladder van Lansink’ wordt nu internationaal omarmd, dankzij zijn Engelstalige boek over het connecten van ‘Waste Hierarchy and Circular Economy’. Wat een voorrecht was het om hem bij ons, Stichting RTA, Recycling Technologische Apparatuur, te hebben, op 12 april 2018 in Dordrecht, in onze voeten-op-de-grond workshop ‘Ieders Pakkie An’, over Waardeketens, Afvalketens en de Overheid. De rondleiding door de de-assemblage-plant van Coolrec maakte duidelijk, dat aan demontage van koelkasten nog stevige handen te pas komen voordat de shredders hun tanden in de afgedankte apparaten kunnen zetten.

Nijmegen en Vlaardingen
Zo kom je nog eens ergens: die uitdrukking blijft ook in het voorjaar van 2018 actueel, nu de volgende ‘spreekbeurten’ voor de deur staan, notabene op dezelfde dag. Op donderdag 17 mei 2018 mag ik in eigen omgeving tijdens het Circulaire Economie Festival te Nijmegen laten zien en horen, welke Challenging Changes ons te wachten staan, en hoe we met die uitdagingen om moeten gaan. Een vijftal uren later, en 120 km verder mag ik met bij de opening van de Groen Gas Installatie van het Hoogheemraadschap Delfland met de presentatie Biomassa: bouw- en brandstof bij de transitie naar circulaire economie aangeven, of en zo ja hoe de biologische kringloop van biomassa past in de transitie naar circulaire economie. Na afloop zal opnieuw blijken, dat ‘ergens komen’ ook ‘weer wat leren’ inhoudt.

 

Challenging Changes in Nieuwspoort

Staatssecretaris Stientje van Veldhoven spreekt bij Grondstoffenpoort over de transitie-agenda’s circulaire economie (Foto: Sophie van Kempen)

Vrolijke boekpresentatie met Staatssecretaris Stientje van Veldhoven
Ruim voor het verschijnen van Challenging Changes bespraken Jan Storm, voorzitter van de ‘Editorial Board’ en ik de plaats voor de boekpresentatie. De keuze viel op Brussel: ‘the place to be’ vanwege de medewerking van de Europese Commissie. Maar enkele aansluitende presentaties in Nederland leken ons ook wenselijk, met als opties: den Haag, omdat in Nieuwspoort destijds De kracht van de Kringloop was gepresenteerd; Nijmegen vanwege de uitverkiezing van de stad aan de Waal tot European Green Capital; en Gorkum, waar elk jaar de succesvolle Recyclingbeurs wordt gehouden. De invitaties pakten zo uit, dat ik kort na de Brusselse presentaties Challenging Changes mocht tonen aan de gasten van het BRBS-Symposium en de bezoekers van de beurs in Gorkum. De feestelijke presentatie in de Nijmeegse Raadzaal vond plaats op 18 december 2017, een maand voor de start van het European Green Capital-jaar. Nieuwspoort werd de plaats waar de reeks officiele presentaties werd afgesloten. Dat gebeurde op 23 januari 2018 tijdens de Nieuwjaarsbijeenkomst van Grondstoffenpoort, waar Stientje van Veldhoven voor het eerst haar opwachting maakte als staatssecretaris.

Ad Lansink leg uit wat Challenging Changes betekent (Foto: Sophie van Kempen)

Transitieagenda’s
Het toeval wilde, dat de bijeenkomst in Nieuwspoort een week na de start van de Week van de Circulaire Economie plaats vond. Die week was ingeluid – en dat was geen toeval – met de aanbieding van de vijf transitie-agenda’s circulaire economie aan de bewindsvrouw, die – ook dat was geen toeval – enkele dagen tevoren bij de opening van het European Green Capital jaar in de Sint Stevenskerk te Nijmegen al had laten zien uit het goede – dus duurzame – hout gesneden te zijn. De aanbieding van Challenging Changes paste wonderwel bij het thema van de transitie-agendas, belangrijke documenten die door gemengde werkgroepen zijn opgesteld op grond van het een jaar geleden door een groot aantal partijen ondertekende Grondstoffenakkoord. De gedegen, gevarieerde maar ook procedurele agendas hebben betrekking op vijf sectoren: bouw, kunststoffen, voeding en biomassa, consumentengoederen en maakindustrie.

Stientje van Veldhoven maakt reclame voor Challenging Changes (Foto: Sophie van Kempen)

Stientje van Veldhoven
nam Challenging Changes met een gulle lach in ontvangst. Na lezing zal zij ongetwijfeld vaststellen, dat een reeks thema’s uit de transitie-agenda’s ook in het boek aan de orde komen, inclusief aanbevelingen over het voorkomen en dichten van wat ik lekken in de systematiek van de circulaire economie noem. Ook een heldere stellingname inzake de dilemma’s lijkt geboden, wil de transitie goed op gang komen. In haar toespraak bij Grondstoffenpoort wees de actieve en enthousiaste bewindsvrouw terecht op de noodzaak van teamwork: de gezamenlijke inspanning van bedrijfsleven, waaronder de afval- en recyclingsector, overheid en samenleving voor het welslagen van de transitie naar de op kringlopen georiënteerde economie. De kabinetsreactie op de transitie-agenda’s wordt – als onderdeel van de uitwerking van de klimaatagenda – nog voor de zomer gepubliceerd, inclusief de doelstellingen voor de kabinetsperiode 2018-2020. Hopelijk vinden Stientje van Veldhoven en haar departementsstaf uitdaging, aanmoediging en inspiratie in Challenging Changes, het boek over de connectie tussen de afvalhierarchie en circulaire economie.

Stientje van Veldhoven, Ad Lansink en Marieke van der Werf, moderator van Grondstoffenpoort (Foto: Sophie van Kempen)

Grondstoffenpoort
is overigens een voortzetting van Milieupoort, de netwerkborrel voor bedrijfsleven, beleidsambtenaren, milieubeweging en politici, met name leden van Eerste en Tweede Kamer en bewindpersonen. In 1993 heb ik die formule bedacht samen met Jules Wilhelmus, die ook nu aanwezig was. Nieuwspoort kent inmiddels meer dan 20 ‘Poorten’, vrijwel allemaal volgens dezelfde formule. Verrassend genoeg waren drie leden van de ‘Editorial Board’ van Challenging Changes aanwezig: Jan Storm, Hannet de Vries – in ‘t Veld en Ton Holtkamp. Met de ook aanwezige vormgeefster Sophie van Kempen konden zij ervaren, dat de belangstelling en waardering voor het boek groot is, zowel waar het de inhoud als de vormgeving betreft: een mooie stimulans om ook in de komende tijd verder te werken aan wat een grote uitdaging blijft: de transitie naar een circulaire, aanzienlijk duurzamer economie. De bestellingen uit een grote reeks landen – in Europa, maar ook daarbuiten = leren, dat de overgang naar de kringloop-economie ook buiten Nederland sterk leeft.

Groene preek in Petrus Canisiuskerk 

Toren van de Petrus Canisiuskerk aan de Molenstraat in Nijmegen (Foto: Ad Lansink)

Nijmegen is op initiatief van de Europese Commissie verkozen tot European Green Capital 2018. Pater Eduard Kimman SJ, pastoor van de Petrus Canisiuskerk, wil bijdragen aan het waarmaken van deze eretitel, onder meer met het verzoek aan enkele leken om met een ‘groene verkondiging’ hun visie te geven op duurzame ontwikkeling. De publicatie van mijn boek Challenging Changes was voor hem aanleiding mij uit te nodigen om de spits af te bijten. Ik preekte in het weekend, waarin de Groene Hoofdstad van Europa door Eurocommisaris Karmenu Vella werd geproclameerd. Diverse kerkgangers wilden de tekst nog eens rustig nalezen, ook vanwege de (te) bondige samenvatting: Van onthaasten en ontzaken naar ontdekken en ontmoeten.

De zware westerstorm
die onlangs over Nederland raasde, slachtoffers eiste en schade toebracht, deed mij denken aan woorden van Wubbo Ockels. Ik ontmoette de ruimtevaarder in Delft, toen ik met hem in 2006 een proefschrift over afvalbeheer mocht beoordelen. De natuur heeft altijd gelijk: zei hij. Hij doelde op de wetten van de natuur, maar was ook bezorgd over de vervuiling van de aarde. Zijn aandacht voor de natuur en zijn zorgen over het milieu deel ik al een halve eeuw. De natuur, de Schepping: wie brachten mij dat onmetelijke en toch tastbare begrip bij? Wel: op de eerste plaats mijn ouders. Oorlog en geldgebrek maakten reizen onmogelijk. Maar de omgeving van Arnhem bood de kans om de natuur te ontdekken; bossen, heidevelden, rivieren. Was ik in Nijmegen geboren, dan zouden de stadsparken, het Heumensoord en de Ooijpolder  doel van de zondagse tochten zijn geweest.

Pater Picard,
de godsdienstleraar van het KG, bewees eind jaren veertig op heldere wijze het bestaan van God en Schepping. Hij verdiepte daarmee het geloof, dat mijn ouders hadden doorgegeven. Voor twijfel was geen plaats en geen tijd, omdat het leven in de breedte toen al begon. Want de actieve rector haalde mij ook bij de toneelclub, zij het als souffleur. De natuur kreeg nog meer betekenis, toen ik in Utrecht bij Veritas Dries van Melsen ontmoette. De befaamde Nijmeegse hoogleraar leerde in de Domstad het dispuut De Pyramide de beginselen van de natuurfilosofie. In 1964 kwam ik hem weer tegen bij mijn eigen promotie. Toen Dries van Melsen bestuursvoorzitter van de KU was, reden we soms samen in zijn fraaie Rover naar den Haag. De wisselwerking tussen wetenschap en geloof was dan een dankbaar gespreksthema.

Eurocommissaris Karmenu Vella proclameert in de Sint Stevenskerk Nijmegen European Green Capital 2018 (Foto: Ad Lansink)

De geschiedenis van de natuurwetenschappen
kwam op mijn pad via de colleges van Dijksterhuis, schrijver van de Mechanisering van het Wereldbeeld. Het plan om bij hem te promoveren viel in duigen door een slecht tentamen. Gevolg was wel, dat ik tot vreugde van mijn ouders in Nijmegen belandde. Toen ik hier aan een fysisch-chemisch proefschrift werkte, groeide het besef, dat wetenschap het geloof eerder verdiept dan ondermijnt. Tijdens mijn baan in het Radboudziekenhuis kreeg ik belangstelling voor politiek en wat dichtbij en veraf in de samenleving en de natuur gebeurt. Klimaatverandering was in 1979 nog geen thema, maar het dreigende tekort aan grondstoffen en signalen van ernstige milieuvervuiling maakten de politiek wakker. Als lid van de Tweede Kamer voelde ik wat mij te doen stond: beleid controleren maar ook vormgeven, wanneer dat nodig en mogelijk was. Achteraf bleek, dat mijn bijdrage aan de milieubegroting in 1979 een lijn heeft opgeleverd, die al bijna 40 jaar bepalend is voor de afvalwetgeving. Ik doel op de Ladder van Lansink, ook wel de afvalhierarchie genoemd, nu kader voor en wegwijzer naar de circulaire economie. Het leven zelf is lineair, en dus eindig. Maar de stof waartoe mens en natuur weerkeren blijft in enigerlei vorm bestaan. De afvalhierarchie – preventie, scheiding bij de bron, scheiding achteraf, verbranding en desnoods storten – is gemeengoed geworden, de kringloopfilosofie nog niet.

Ad Lansink achter de kansel in de Petrus Canisiuskerk; Joop van Banning SJ ziet met genoegen toe (Foto: Sophie van Kempen)

Rentmeesterschap
is het Bijbels begrip, waarmee ik in politieke zin ben opgegroeid. Eduard Kimman zei me: Gebruik tuinman van de aarde, om de ecologie, en niet de economie te benadrukken. God maakte de mens een zorgzame beheerder en geen verkwister, geen overheerser, zoals enkelingen wellicht opmaken uit Genesis 1: En God zegende hen, en God zeide tot hen: Weest vruchtbaar, en vermenigvuldigt, en vervult de aarde, en onderwerpt haar, en hebt heerschappij over de vissen der zee, en over het gevogelte des hemels, en over al het gedierte, dat op de aarde kruipt! Rentmeesterschap – gast in eigen huis, zoals Pieter Winsemius zei – houdt erkenning van de intrinsieke waarde in, zorg voor ongeschonden overdracht van de aarde aan toekomstige generaties. Psalm 24 zegt in andere woorden: De aarde is niet van ons: Van de Heer is de aarde en alles wat daar leeft, de wereld en wie haar bewonen Hij heeft haar op de zeeën gegrondvest, op de stromen heeft hij haar verankerd. De aarde kan zichzelf niet beschermen, niet tegen onuitwisbare natuurrampen en evenmin tegen menselijke ingrepen, die vaak niet omkeerbaar zijn. Voeg daarbij de gevolgen voor volkeren, die niet in staat zijn om zich te weren tegen onheil en onrecht, en duidelijk wordt waarom Paus Franciscus in de encycliek Laudato Si gerechtigheid en duurzaamheid op een lijn zet. Zijn opriep heeft terecht wereldwijd een grote indruk gemaakt.

Nineveh – Hoofdstad van een wereldrijk, geschenk van Eduard Kimman SJ voor ‘Groenprediker’ Ad Lansink

Toeval of niet:
de lezingen van zondag 21 januari 2018 bieden rake aanknopingspunten voor een ‘groene verkondiging’. Kunstenaar Han Klinkhamer leerde mij overigens, dat toeval niet bestaat, genade wel. Is het misschien Gods genade, dat volgens de eerste lezing Jona in het woord des Heren een stevige opdracht ziet: ‘Begeeft u op weg naar Nineveh, de grote stad en verkondig haar de boodschap, die Ik u zal ingeven’, waarna hij waarschuwde ‘Nog veertig dagen en Nineveh zal vergaan’Voorkwam Jona een natuurramp of zou Nineveh ten onder gaan door milieuvervuiling of losbandigheid? Hoe het ook zij: De mensen van Nineveh geloofden het woord van God, zij riepen een vasten af en deden van groot tot klein het boetekleed aan. En God: hij voerde zijn dreiging niet uit. In 612 voor Christus ging Nineveh alsnog te gronde als gevolg van de verovering door een naburig Rijk. Waarschijnlijk konden de decadente (?) inwoners zich niet meer verdedigen.

Deel van het portaal van de Petrus Canisiuskerk (Foto: Ad Lansink)

De oproep van Jona
samengevat in slechts twee woorden ‘Bekeert u’ is ook de kern van de Evangelielezing (Marcus 1, 14-20), wanneer Jezus door Galilea trekt om Gods Blijde Boodschap te verkondigen met de woorden: De tijd is vervuld en het Rijk Gods is nabij: bekeert u en gelooft in de Blijde Boodschap. De vissers lieten alles in de steek om vissers van mensen te worden. Het bekeert u ging dus heel ver. Ook vandaag wordt ons gevraagd nogal wat in de steek te laten. Of beter: achter ons te laten. Afzien van verworvenheden, vermindering van dingen waaraan we gewend zijn. De geschiedenis leert. dat dat niet eenvoudig is. Kijk maar naar het vraagstuk van de mobiliteit, met als blikvanger het vliegverkeer. Of denk aan het consumentisme: de zucht naar meer, beter, nieuwer. Passen op de plaats zijn al moeilijk genoeg, laat staan stappen terug om natuur en Schepping door te geven aan de generaties na ons. Toch moet er wat gebeuren, in de geest van wat Paus Franciscus ons in Laudato Si voorhoudt in het snijvlak van gerechtigheid en duurzaamheid. Mag ik de oneliner ‘Bekeert u’ eigentijds vertalen imet de oproep: Onthaasten en ontzaken om te onderzoeken en te ontdekken wat bewaard en doorgegeven moet worden. Onthaasten en ontzaken om onrecht uit te bannen en onheil te bestrijden, om vervolgens uit te komen bij geloof, dat inspireert; bij hoop, die levend maakt en bij liefde, die verbindt.

 

Onvergetelijke dagen in Brussel (3)

Keynote speaker brings ‘wise old man’s words’ to G-STIC 2107

Dank zij de voornaam de eerste plenaire spreker van het programma

Ruim een week na de onvergetelijke presentatie van Challenging Changes in Brussel, kreeg ik via E-mail een uitnodiging voor een erediner in het gebouw van KBC op de Grote Markt in Brussel. De invitatie had iets te maken met G-STIC 2017: een conferentie, die van 23 tot en met 26 October in Brussel zou plaats vinden. Een dag later volgde een nieuw bericht, met het verzoek om tijdens een plenaire sessie van G-STIC 2017 een ‘keynote’ te verzorgen over mijn nieuwe boek. VITO, de organisator van de internationale conferentie, bood een driedaags verblijf in Brussel aan, en zou ons – de invitatie gold ook voor echtgenote Ans – in Nijmegen ophalen en terugbrengen. Al snel bleek, dat Walter Buydens – in 2012 CEO van Royal Haskoning België, nu CEO van VITO Arabia LLC – ons deze verrassing had bezorgd. Hij had de boekpresentatie in Brussel meegemaakt, en de G-STIC-organisatoren kennelijk overtuigd van het nut van mijn deelname aan het – achteraf unieke – congres over duurzame ontwikkeling.

Ad Lansink aan het woord tijdens de plenaire zitting van G-STIC in Brussel

De ‘keynote’ zou ik moeten uitspreken op de slotdag van de conferentie op dezelfde datum en hetzelfde uur, waarop ik bij het BRBS-symposium op Recycling 2027 in Gorinchem werd verwacht. Gelukkig bleken de organisatoren van G-STIC bereid om het programma aan te passen. Ik mocht aan het slot van de eerste dag de conferentie toespreken, overigens met het verzoek  Challenging Changes waar mogelijk te koppelen aan de 17 SDG’s: de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties.

Die poging lukte wonderwel, net zoals de ‘keynote’ aan de hand van een powerpoint-presentatie, waarin ik naast de geschiedenis van de ladder en het overzicht van circulaire concepten mijn bevindingen over de verbinding tussen de afvalhierarchie en de circulaire economie uiteenzette. De positieve reacties leerden mij, dat het onderwerp de toehoorders boeide. En – ook belangrijk – mijn Engelse taalvaardigheid viel alleszins mee. Wie wil nalezen wat de de ‘old man’s words’ – twitterbericht van organisator Kar Vranken, tevens moderator van de deelsessie over circulaire economie  – inhielden, verwijs ik naar de CC Keynote Brussel 23-10 , waarmee ik de wisselwerking tussen afvalhierarchie, circulaire economie en een deel van de SDG’s heb proberen te verduidelijken..

Antonis Mavropoulos, President van ISWA, en een van de geïnterviewde personen in Challenging Changes aan het woord in bij G-STIC bij de deelsessie over circulaire economie

Na een snel gas wijn in de fraaie, omgebouwde havenloods, toog ik met Karl Vrancken in de pendelbus naar het hotel in het centrum van Brussel om Ans af te halen. Vervolgens reden (en liepen) we naar de Grote Markt om ons te voegen bij de overige gasten, die inmiddels aan het aperitief waren begonnen. Walter Buydens nam ons meteen na binnenkomst mee naar de delegatie uit Oman, met in hun midden een stralende Prinses van Oman. Ook andere gasten, waaronder de CEO van VITO werden aan ons voorgesteld. De tafelschikking maakte duidelijk, dat we in een eerbiedwaardig gezelschap waren beland. Dat we de tafel deelden met de gasten uit Oman was  gelet op de inbreng van Walter Buydens, geen toeval. HH Princess Dr Mona bint Fahad Al Said en Sheikh Mohammed Sulaiman Al-Harty, Executive-Vicepresident van Oman Environmental Services, wilden van alles weten over de Ladder van Lansink. Tijdens het voortreffelijke diner in een fraaie zaal van het mooie KBC-pand hadden we intussen goed zicht op de sprookjesachtige verlichting van de Grote Markt.

De trotse bezitter van een van de 72 exemplaren van Challenging Changes

De organisatoren van G-STIC hadden vijftig exemplaren van Challenging Changes besteld voor de deelnemers aan de deelsessies over circulaire economie. Voor alle zekerheid had ik zes dozen met elk twaalf boeken meegenomen. De chauffeur van de VIP-taxi’ een gloednieuwe Mercedes, was zo vriendelijk om de dozen in Nijmegen en Brussel in en uit te laden. Op de tweede congresdag werden de boeken – alle 72, dat wel – naar het ‘dirculaire-economie-eiland’ gebracht. Daar mocht ik vanaf 10.30 uur boeken uitdelen en signeren. Al voor het door Karl Vrancken aangegeven tijdstip meldde zich de eerste gast. Binnen een half uur volgden er nog 71, waarna ik nieuwe ‘klanten’ moest teleurstellen. De geste van VITO werd zeer gewaardeerd. Bij het signeren viel de jeugdige leeftijd en de gevarieerde komaf van de bezoekers op. Terug in Nederland kon ik inspirator Jan Storm melden, dat door mijn deelname aan G-STIC Challenging Changes opnieuw op  de internationaler kaart was gezet.

Challenging Changes komt ook in India op de leestafel

G-STIC is de afkorting van ‘Global Science Technology and Innovation Conference. VITO – het Vlaamse Instituut voor Technologisch Onderzoek – heeft G-STIC 2017 georganiseerd om via een betere benutting van wetenschap, technologie en innovatie katalysatoren te ontwikkelen om tegen 2030 de VN-SDG’s binnen bereik te brengen. Met die 17 SDG’s wordt mondiaal welzijn en welvaart bevorderd en verbeterd. De organisatoren mochten ca 700 deelnemers begroeten, uit alle windstreken, van binnen en ver buiten Europa. Opvallend was de grote betrokkenheid, bij sprekers en toehoorders, die zowel in de plenaire sessies als in de werkgroepen stevig met elkaar in discussie gingen. Wat ook opviel was het realistische en concrete karakter van de voordrachten: woorden gevolg door daden, uitvoerbare voorstellen naast werkbare pilotprojecten. Het was een voorrecht om twee dagen de gast te mogen zijn van VITO en G-STIC, dankzij Walter Buydens.

Onvergetelijke dagen in Brussel (2)

Hal van Brasserie Residence Palace in Brussel

Brunch met Vlaamse frites in Residence Palace

Na de geslaagde presentatie van Challenging Changes wandelde het vrijwel volledige ‘CC-Team’ met een goed gevoel naar Residence Palace, op iets meer dan een steenworp afstand van de Permanente Vertegenwoordiging. Jan Storm, die in Brussel minstens even goed de weg weet als in Nijmegen, leidde het twaalf personen sterke gezelschap behoedzaal langs stoplichten en oversteekplaatsen naar het gebouw dat in allerlei opzichten grandeur uitstraalt. In de opvallende hal vertelde de ‘Chairman of the Editorial Board’ het een en ander over de geschiedenis en betekenis van Residence Palace. Brasserie en keuken hebben een goede naam verworven onder politici, beleidmakers en lobbyisten: drie categorieën, die in de Belgische hoofdstad niet de dienst uitmaken maar wel veel te vertellen hebben, letterlijk en figuurlijk. Dat zij gek zijn op frites is minder bekend dan de gewoonte om tussen twaalf en twee zich te laten verwennen door een heerlijke lunch.

Achter de in Daily News verpakte Vlaamse frieten Cobie Joling, Bart de Bruijn, Dick Zwaveling en Ton Holtkamp (Foto: Sophie van Kempen)

Hoewel de lunchtijd bijna verstreken is, mochten we op ons gemak de gerechten uitzoeken. De kaart bood voor elk wat wils, plus de even onvermijdelijke als lekkere ‘Vlaamse frites’, volksvoedsel  in het meertalige Brussel. De feestelijke brunch vormt voor mijn Challenging Changes gasten de feestelijke afsluiting van wat geleidelijk een gezamenlijk project is geworden.

Signeren van Challenging Changes voor de leden van de Klankbordgroep. Ans Lansink en Jan Storm houden een oogje in het zeil (Foto: Sophie van Kempen)

De leden van de Klankbordgroep – in het boek de ‘Editorial Board’ genoemd – hebben mij vanaf de eerste meeting bij de Dar in Nijmegen met raad en daad terzijde gestaan, onder aanvoering van Jan Storm: de noeste werker van het eerste en laatste uur. Hannet de Vries – in Brussel afwezig wegens andere verplichtingen – en Ton Holtkamp waren in 2009 en 2010 al betrokken bij De Kracht van de Kringloop.

Pieter-Balth Linders, Leo Schrijver en Michelle Kluiver kijken naar de auteur; Sophie van Kempen ziet iets anders (Foto: Ans Lansink)

Eind 2015 voegden Bart de Bruin en Michelle Stuiver, allebei zeer actief bij Dar zich bij hen. Dick Zwaveling volgde in de loop van 2016. Pieter Balth Linders, directeur van Dar, was tweevoudig betrokken bij het boek: gastheer van de Klankbordgroep bij Dar en een van de geïnterviewde deskundigen. Mijn ‘thuisfront’ – zo genoemd omdat vertaling en vormgeving voor een deel thuis plaats vonden – was compleet aanwezig: Cobie Jolink hielp mij in 2015 en 2016 bij de ordening van de documentatie en bij het vertaalwerk.

Dick Zwaveling en Ton Holtkamp achter de Vlaamse frites (Foto Sophie van Kempen)

Boekontwerpster Sophie van Kempen tekende met groot enthousiasme en doorzettingsvermogen voor de fraaie lay out en vormgeving,  en was ook verantwoordelijk voor de boekverzorging van Challenging Changes. Leo Schrijver, senior accountmanager van DPN Rikken Print, toonde zich een meervoudig adviseur en verbinder, ook naar Boekbinderij van der Burg. Last but not least schoof mijn echtgenote aan bij de ronde tafel van Residence Palace: Ans Lansink-van Dam verzorgde voor een groot deel de eindredactie, en leverde zonder veel discussie een deel van de geplande vakantie in.

Ad Lansink bedankt het hele gezelschap voor de fantastische mede- en samenwerking aan en bij het Challenging Changes-project (Foto: Sophie van Kempen)

Het late middagmaal in Residence Palace bood mij de gelegenheid om alle disgenoten te bedanken voor hun medewerking en inzet, veelal vanaf het moment, dat Jan Storm en ik besloten echt te gaan werken aan het Challenging Changes: het Engelstalige boek, dat de betekenis van de Ladder van Lansink voor de transitie naar circulaire economie zichtbaar moest maken. Dat Challenging Changes feitelijk meer is dan een loutere boekproductie, blijkt uit de aan het boek gekoppelde, door Dick Zwaveling in het leven geroepen website www.challengingchanges.eu. Het blijkt ook uit de invitaties voor ‘keynotes’ en presentaties in Nederland en België. Voor de nodige hulpmiddelen mag ik een beroep blijven doen op Sophie van Kempen en Leo Schrijver; en ook op Dar, met name Bart de Bruin en Michelle Stuiver, wanneer Nijmegen Green Capital Europe 2018 nieuwe ‘challenges’ biedt.

Jan Storm bewondert onder toeziend oog van Cobie Jolink en Bart de Bruyn de sculptuur van Harrie Gerritz (Foto: Sophie van Kempen)

Tussen de gangen van de brunch door mocht ik stil staan bij de activiteiten van de Klankbordgroep en  het ‘Thuisfront. Dat ik daarbij wat meer woorden nodig had om Jan Storm te bedanken, verraste geen van de disgenoten. Hij was en is de man, die mij aan het schrijven zette. Hij benaderde het merendeel van de sponsoren en de bedrijven, die via een voorbestelling de financiering van het project veiligstelden. Jan Storm zorgde ook voor de organisatie en invulling van de boekpresentatie bij de Permanente Vertegenwoordiging.Dat was lachen, joh’ – zijn stopzin wanneer hij weer een geslaagde interventie kon melden – is in mijn geheugen gegrift, als teken van optimisme en verbondenheid. Als blijk van herinnering aan die verbondenheid kon ik Jan Storm een bronzen sculptuur van Harrie Gerritz overhandigen.

Sophie van Kempen en Ad Lansink bekijken de drukproef van de boekomslag (Foto: Leo Schrijver)

De verbeelding van de Ladder van Lansink door de kunstenaar uit Woezik (bij Nijmegen) vormde de basis voor het omslagontwerp van Challenging Changes. Boekontwerpster Sophie van Kempen maakte een even sobere als opvallende cover voor het boek, aansluitend bij de titel en inhoud. Zij heeft – zelfs outsiders zien dat – een onmisbare bijdrage geleverd aan Challenging Changes. Sophie van Kempen maakte ook op een na alle alle foto’s bij dit bericht, en bleef zelf nagenoeg onzichtbaar. Vandaar ter afsluiting een opname uit ons werkarchief, gemaakt enkele weken voor de boekpresentatie in Brussel.

 

 

 

 

Een verrassende ‘dummy’

Logo Challenging Changes (Ontwerp: Sophie van Kempen)

Prelaunch Challenging Changes
Geïnspireerd door een werkbezoek dat ik in 2015 met Jan Storm aan AVR (Rijnmond) bracht, begon ik op initiatief van de oud-directeur van Nedvang aan Challenging Changes, een boek over de relatie tussen circulaire economie en afvalhiërarchie. Reacties uit de recyclingsector en bijdragen aan websites in UK en USA hadden al eerder laten zien, dat nogal wat mensen uit de afval- en recyclingwereld – ook buiten Nederland – geïnteresseerd waren in een Engelstalig vervolg op De Kracht van de Kringloop. Dat boek over de geschiedenis en toekomst van de Ladder van Lansink had ik in 2010 met Hannet de Vries- in ’t Veld gepubliceerd. Het besef dat preventie, hergebruik en recycling essentieel zijn voor de transitie naar circulaire economie vormt de rode draad voor Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy. Die rode draad heb ik vastgelegd in de volgende hoofdstukken

  • Linear waste and circular resource management
  • Waste hierarchy: a challenging framework
  • Transition aspects
  • Closing different and difficult loops
  • Exemplary resource flows
  • Waste management and climate policy
  • Need for (international) legislation
  • Changes for circular economy
  • Finally – het afsluitende hoofdstuk – met als afzonderlijke onderdelen: Main lines for circular economy, Commentary, Outlook, Recommendations.

Voorzijde boekomslag Challenging Changes naar een ontwerp van Sophie van Kempen

Opzet
De rode draad – een uitgewerkte opzet van de negen hoofdstukken, elk bestaande uit zes paragrafen – heb ik tegen het einde van 2015 voorgelegd aan een klankbordgroep, die door Jan Storm intussen was geformeerd. Sindsdien staat die groep insiders (Hannet de Vries – in ’t Veld, Bart de Bruin, Ton Holtkamp, Jan Storm en Dick Zwaveling) mij met raad en daad terzijde bij de totstandkoming van het manuscript en de productie van het boek. Jan Storm nam, ook met steun van de klankbordgroep, in de loop van 2016 de fondsenwerving ter hand. Al vrij snel werd duidelijk, dat voldoende middelen bijeengebracht konden worden voor het nieuwe boek. Het echte denk- en schrijfwerk kon beginnen, naast het vergaren van documentatie en de bestudering van nieuwe ontwikkelingen in afvalbeheer en circulaire economie. Het bleek opnieuw een forse maar ook dankbare klus. De klankbordgroep werd geleidelijk een ‘Editorial Board’, die mij mondeling in enkele bijeenkomsten en schriftelijk via het onmisbare emailverkeer behulpzaam was.

Sophie van Kempen en Ad Lansink bekijken het resultaat van de proefdruk. Op de achtergrond de digitale HP Galaxy 8000 voor de waarop de dummy van Challenging Changes gedrukt is (Foto: Leo Schrijver, DPN)

Dummy
Boekontwerpers en drukkers werken graag met dummy’s: een of twee exemplaren van een boek met enkele gevulde en verder zoveel lege pagina’s, dat het resultaat overeenkomt met de vorm en omvang van het uiteindelijke boek. De ontwerper kan zien of de lay out aan de verwachtingen voldoet en de drukker kan nagaan of het druksel de toets van de kritiek kan doorstaan. Klopt de gekozen papiersoort, hoe houdt de inkt zich op het papier, deugt de druktechniek? Boekontwerper  en drukker kunnen ook vaststellen of de rugdikte genoeg ruimte biedt voor de titel van het boek en de naam van de auteur. De schrijver kijkt – wanneer hij de kans krijgt – natuurlijk graag mee, al was het alleen al om zich te laten verrassen met het resultaat van zijn denk- en schrijfwerk.  Het aanbod van Leo Schrijver – senior accountmanager van DPN Rikken Print Nijmegen – om de productie van enkele dummy’s mee te maken was dan ook niet tegen dovemansoren gezegd. Integendeel. Met boekontwerpster Sophie van Kempen begaf ik me onlangs naar het fraaie pand van DPN om de ‘prelaunch’, een soort voorgeboorte, van Challenging Changes te beleven.

Sophie van Kempen en Ad Lansink met de door de boekontwerpster uitgedachte boekomslag. Op de achtergrond de vierkleuren offset pers waarop Challenging Changes eind augustus 2017 gedrukt gaat worden (Foto: Leo Schrijver, DPN)

Eerste indruk
DPN beschikt over een fraaie HP Indigo 7800, een digitale drukpers, waarmee snel kwalitatief uitstekend drukwerk kan worden geproduceerd. Challenging Changes zal later op een vierkleuren-offset-pers worden gedrukt. Maar voor een dummy is de digitale pers het aangewezen instrument. De in technologisch opzicht fabelachtige machine produceert in zeer korte tijd een uiterst hoogwaardig druksel. De eerste twee hoofdstukken van Challenging Changes en twee interviews waren voor de ‘prelaunch’ tekst- en print-klaar: totaal 92 pagina’s, ongeveer een kwart van de te verwachten omvang van het boek. Aanvulling met lege pagina’s tot de geraamde 360 pagina’s bood de gelegenheid om de waarschijnlijk definitieve rugdikte vast te stellen. Aangezien ook het ontwerp van de omslag gereed was inclusief de flaptekst op de achterzijde, zou de dummy al een goede indruk geven van het te verwachten eindresultaat. Na enkele instellingen kwamen in een hoog tempo de drukvellen uit de machine. Enkele handelingen en minuten later waren de dummy’s klaar: een verrassing op zichzelf. Wie niet beter weet, waant zich het volledige boek rijker. Auteur en boekontwerpster zien met ingehouden trots het (eerste) resultaat van hun inspanningen. Het is tegelijk een stimulans om met gepaste spoed verder te werken aan wat – zo nu al lijkt vast te staan – een fraai eindresultaat zal opleveren.

 

 

 

Aardgasloos Amsterdam

img_1134-2

Nog geen nul op de (aardgas) meter (Foto: Ad Lansink)

Amsterdam wil in 2050 een aardgasloze stad worden. Met gepaste trots kondigde Abdeluheb Choh, wethouder voor duurzaamheid aan dat de hoofdstad van Nederland tegen die tijd alle gasbuizen vervangen heeft – of wil hebben, een klein verschil – door andere buizen. Want Amsterdammers hebben in de herfst en winter wel warmte nodig. De leden van het voortvarende stadsbestuur kunnen, wanneer de gezondheid het toelaat, zelf de afsluiting van de laatste gasmeter nog meemaken. Drie decennia zijn immers te overzien. Daar staat tegenover, dat nog geen tien jaar geleden diverse politici pleitten voor een Nederlandse aardgasrotonde: een duurzaam vehikel voor de afstemming van vraag en aanbod op de internationale gasmarkt.  Russisch aardgas en LNG zouden de teruglopende Nederlandse voorraden gaan vervangen. De tijd heeft intussen niet stilgestaan, het denken over duurzaamheid evenmin. Terugdringing van de uitstoot van CO2 heeft nu de hoogste prioriteit. Het relatief schone aardgas moet dus met alle fossiele brandstoffen – kolen maar ook olie – het veld ruimen. Nul op de meter is het mooie, overigens discutabele parool. Want de gasmeter mag dan geen omwentelingen meer te zien geven, vast staat ook dat andere al dan niet digitale tellers de rol gaan overnemen.

Pompoenen (of zijn het kalebassen) te kust en te keur

Biomassa, niet om te stoken (Foto: Ad Lansink)

De zon gaat voor niets op, maar schijnt niet altijd. Windenergie omzetten in stroom en vervolgens in warmte is ook niet een voor de hand liggende optie. Geothermie en warmte-koude-pompen dan: in de oudere stadsdelen van Amsterdam zijn dat evenmin plausibel alternatieven, nog afgezien van de palen waarop de stad rust. Het warmtenet moet dus uitkomst brengen, gevoed door restwarmte van afvalverbranding en elektriciteitscentrales. Een vorm van nuttige toepassing, die de toets van de kritiek kan doorstaan. Maar die secundaire warmtebronnen inclusief de hier en daar bejubelde biomassacentrales stoten ook CO2 uit, met een lagere efficiëntie dan de met aardgasgestookte, snel regelbare aardgasbranders. Trouwens: wanneer Amsterdam zich met recht het etiket van de circulaire stad wil opplakken – met of zonder toeristen, die CO2-vrij op Schiphol zijn geland – dan zou verbranding van afval en houtresten op betrekkelijk korte termijn ook uitgesloten moeten worden. Kortom: wil aardgasloos niet synoniem met warmteloos worden, moet er meer gebeuren dan de loutere publicatie van mooie maar nog onvoldoende uitgewerkte plannen. Een zorgvuldige kosten-batenanalyse is nodig, al was het alleen al om geen onnodige verwachtingen te wekken. Of wil de Amsterdammer van 2030, 2040 en 2050 niet weten waar hij dan aan toe is?

Volvo V60 Hybride: laden en rijden maar

Herfst 2016 en toch onverwoestbaar geel, groen en wit (Foto: Ad Lansink)

Herfst 2016 en toch onverwoestbaar geel, groen en wit (Foto: Ad Lansink)

De sjoemelsoftware van Volkswagen heeft onlangs gezelschap gekregen van de zogenaamde ‘defeat devices’, slimme onderdelen, waarmee autofabrikanten de strenge emissieregels kunnen omzeilen. De RWD – vroeger de Rijksdienst voor het Wegverkeer, nu opererend onder de welbekende afkorting – maakte onlangs bekend, dat enkele van de dertig onderzochte auto’s via die ‘defeat devices’ veel te mooie emissiecijfers lieten zien dan in de werkelijkheid werden gemeten. Bij de boosdoeners troffen de onderzoekers ook de Volvo XC 90, terwijl de V40 en de XC70 te vinden waren in de lijst van niet verdachte automobielen. Vreemd eigenlijk, die tegenstelling tussen goed en kwaad, temeer waar onduidelijk is, wat ‘defeat devices’ zijn. Ook is onduidelijk of die waarschijnlijke hardware volgens de regels wel of niet is toegestaan. Ik weet niet of de Volvo-voorlieden in Beesd en Gothenburg wakker liggen van de RDW-bevindingen. Zou dat wel het geval zijn, laat ik dan tot troost, lering en vermaak nog eens benadrukken, dat de Volvo V60 hybride de toets van de verbruikskritiek glansrijk kan doorstaan.

Illustratie van Hein de Kort bij de opinie-bijdrage van Herbert Blankesteijn in het Financieele Dagblad over het plan van Elon Musk om over een paar jaar met 100 toeristen naar Mars te vliegen

Illustratie van Hein de Kort bij de opinie-bijdrage van Herbert Blankesteijn in het Financieele Dagblad over het plan van Elon Musk om over een paar jaar met 100 toeristen naar Mars te vliegen: ‘Plan van Elon Musk om Mars te koloniseren grenst aan bedrog’

Het passeren van de kilometerstand van 16.000 km is een mooie aanleiding om (opnieuw) de (tussen) stand van de verbruikscijfers op te maken. Welnu, het verbruik aan dieselbrandstof bedraagt 2,7 liter op 100 km: in ouderwetse termen dus 1 op 37, een getal, dat ik bij de aanschaf van de Volvo V60 Hybride niet voor mogelijk had gehouden. Toegegeven: nogal wat ritten vinden plaats in de naaste omgeving. Maar daar staat tegenover, dat de tochten naar het westen en noorden van Nederland de beperkte voorraad aan elektrische kilometers – in mijn geval schommelend tussen 40 en 50 km, afhankelijk van de omstandigheden – ver te boven gaan. Een ruwe schatting leert, dat ongeveer de helft van de 16.000 km volledig elektrisch zijn gereden. De prijs per km kan dus eenvoudig berekend worden: aan de 160 x 2,7 x €1,10 (= €475) van de diesel moet ik de kosten van de elektriciteit toevoegen. Die gemiddelde kosten belopen voor elke 45 km 9 kWh ofwel 9 x €0,22 = €1,98: ofwel per km €0,044. Bij 8000 elektrische km’s wordt dat €352. Vermeerderd met de dieselkosten levert dat een totaal bedrag van €827. Mijn 5,16 cent per km vind ik een alleszins mooi getal.

Volvo V60 Hybride op weg naar het stopcontact: het thuis-laad-punt (Foto: Ad Lansink

Volvo V60 Hybride op weg naar het stopcontact: het thuis-laad-punt (Foto: Ad Lansink

Kenners hebben natuurlijk al opgemerkt, dat ik een kWh prijs van 22 cent hanteer. In de praktijk van alledag valt die prijs nog wat lager uit, omdat de Volvo V60 hybride meestal ’s nachts wordt opgeladen. Hang ik de auto overdag aan het stopcontact, dan zorgen de zonnepanelen voor voldoende CO2-vrije stroom. Zou ik een van de 69 nu in Nijmegen beschikbare laadpalen gebruiken, dan verandert het beeld: niet veel maar evenmin weinig. Want het tarief van die hier en daar beschikbare palen bedraagt maar liefst €0,30 tot €0,36 per kWH. Zou dat de reden zijn, waarom de app’s – jawel: die digitale dingen zijn tegenwoordig onmisbaar – vrijwel altijd aangeven, dat de openbare laadpalen op stroom-beluste klanten staan te wachten? Ook voor laden geldt: oost-west, thuis-best, om over Mars nog maar te zwijgen. Tesla-baas Egon Musk kan er over meepraten, Hein de Kort in het Financieel Dagblad ook.

Afvalhiërarchie in India

Afvalpiramide met preventie aan de basis Bron: Still van TEDxMITID

Mr Anurak Chandak aan het woord
Bron: Still van TEDxMITID presentatie

Toeval bestaat niet, zo leerde ik van kunstenaar Han Klinkhamer die meer voelde voor genade, van waar dan ook. Was het dus geen toeval, dat ik tijdens het werk aan ‘Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy’ een emailbericht ontving over de promotie van de afvalhiërarchie in India? Ik was net bezig met een paragraaf over de invloed van globalisering op landen als Brazilië, China en India. Het bericht was afkomstig van Peter Wiers, een consultant, die in het voorjaar van 2014 een tiental in afvalbeheer en waterzuivering geinteresseerde managers uit India kennis wilde laten maken met het Nederlandse afvalbeleid. Ter voorbereiding van zijn rondtocht langs instellingen en bedrijven had hij mij gevraagd, wat in het programma kon of moest worden opgenomen. Twee uur brainstormen in Nijmegen leidde tot diverse suggesties, onder meer over werkbezoeken, en tot een uiteenzetting over de Ladder van Lansink.

Afvalpiramide van Chandak met 'Disposal' an de top (Bron: Still van TEDxMITID-presentatie)

Afvalpiramide van Chandak met ‘Disposal’ an de top (Bron: Still van TEDxMITID-presentatie)

Vandaag – ruim twee jaar later dus – schreef Peter Wiers: ‘Zoals u weet, heb ik in 2014 een team van Indiase afval en energie-experts rondgeleid in Nederland. Misschien vindt u het leuk om te zien hoe de zoon van een van hen nu de Ladder van Lansink actief gebruikt om de situatie in India te verbeteren’. Hij voegde een link toe naar de TEDxMITID-presentatie van Mr. Anurag Chandak over de aanpak van de afvalproblematiek in India. Zijn even heldere als inspirerende presentatie, waarin de afval hiërarchie een prominente plaats heeft, is te vinden op https://youtu.be/1TAR9skA6VA. De toehoorders luisteren vol aandacht naar de man, die van de afvalhiërarchie een piramide maakt, met preventie (reduce) aan de basis en verwijdering (disposal) aan de top. Hoe meer preventie (en recycling), des te gemakkelijker is het afvalvraagstuk op te lossen, aldus Chandak, die (nog) niet spreekt over circulaire economie.

De Ladder van Lansink beklimmen, of toch maar beginnen bij preventie?

Na een duidelijke uitleg over de groene stappen van de afvalpiramide illustreert Chandak zijn betoog met enkele basale praktijkvoorbeelden:  hergebruik van draagtassen, prikstokken voor zwerfafval, anaerobe vergisters voor productie van biogas. Op zijn oproep tot hulp bij de oplossing van het afvalvraagstuk volgt een klaterend applaus. De presentatie van Chandak leert, dat ook in India de zorgen voor het leefklimaat erkend worden. Bij de beheersing van het afvalvraagstuk is ook daar de Ladder van Lansink het onbetwiste kader, overigens in relatie tot het klimaatvraagstuk en het energiebeleid. Desondanks blijven globalisering, geopolitieke ontwikkelingen en het tot nu vrijwel onbeheersbare vrije marktdenken zaken die aandacht verdienen.

Connecting waste hierarchy and circular economy Schema uit 'Challenging Changes' Ontwerp: Ad lansink en Sophie van Kempen

Connecting waste hierarchy and circular economy
Voorpublicatie uit ‘Challenging Changes’
Ontwerp: Ad Lansink en Sophie van Kempen

Chandak wijst in zijn boeiende voordracht terecht op de mogelijkheden en wenselijkheden van lokale initiatieven, zoals ook in Nederland vaak de nadruk wordt gelegd op decentraal afval- en energiebeheer. De spanning echter tussen regionalisatie en globalisering wordt in India nog niet ervaren, evenmin als de dilemma’s, die eerder vroeg dan laat om keuzes vragen: overheidssturing of producentenverantwoordelijkheid; fiscalisering of marktwerking; bindende richtlijnen of productenvrijheid; nationale aanpak of internationale speelruimt, leaseconstructies of eigendomsrecht. Gestimuleerd door het onverwachte emailbericht over de afvalhierarchie in India, werk ik nog even door aan ‘Challenging Changes’, een pittige maar mooie uitdaging op zichzelf.

De ene transitie is de andere niet

Kop Financieele Dagblad 30 augustus 2016

Kop Financieele Dagblad 30 augustus 2016

Shell-bashing, daar kon je natuurlijk op wachten, nadat het Financieel Dagblad op 30 augustus 2016 opende met de kop: ‘Shell-topman hekelt gebrek aan realisme bij energietransitie’. Bestuursvoorzitter Ben van Beurden stelde in het Noorse Stavanger op het olie- en gascongres van Offshore Northern Seas, dat de overgang naar duurzame energie een veel complexer operatie is dan hier en daar wordt gedacht. Het wereldwijde energiesysteem blijft voorlopig – volgens de CEO van Shell zelfs de hele eeuw – bestaan uit een lappendeken van fossiele brandstoffen en hernieuwbare energie. Vreemd genoeg vergeet hij kernenergie, maar dat terzijde, want kernenergie ligt nu eenmaal niet op ieders lippen.  Onder vakbroeders kon Ben van Beurden zonder tegenspraak uiteenzetten, dat de emissie van broeikasgassen niet terug gaat naar nul: ‘een niet te ontkennen waarheid’ die overigens door vrijwel niemand bestreden zal worden. Meer opwinding veroorzaakte de Shell-topman met zijn uitspraak, dat realisme absoluut cruciaal is om een effectieve en efficiënte energietransitie te krijgen, temeer waar sommige opvattingen over duurzame energie niet op stevige feiten zijn gebaseerd. Zijn critici hebben zich waarschijnlijk het meest gestoord aan de uitspraak ‘Als het gaat om sommige opvattingen over de uitdagingen van de energietransitie, moet onze industrie er niet voor terugdeinzen tegendraads te zijn’. Dat is op het eerste gezicht inderdaad een regelrechte knuppel in het veelkleurige hoenderhok van in- en outsiders, van echte kenners en halve betweters.

Innovatie? Ja zeker - de Zonneboom van Andreas Hetfeld in Nijmegen (Foto: Ger Loeffen)

Innovatie? Ja zeker – de Zonneboom van Andreas Hetfeld in Nijmegen (Foto: Ger Loeffen)

Op sociale media werd Shell neergezet als een bewuste remmer van de energietransitie. En topman Ben van Beurden kreeg het verwijt van onvoldoende leiderschap om zijn oren. In het koor van de Shell-critici zong transitie-deskundige Derk Loorbach zijn partij mee met de tweet‪’#transitiekunde houdt zich al 15 jaar met die complexiteit bezig, #Shell komt er nu pas achter dat er transitie is’. Loorbach vergeet al het werk, dat Shell al sinds de jaren tachtig heeft gestoken in allerhande scenariostudies. Hij vergeet ook, dat Shell al voor de eeuwwisseling in Helmond zonnepanelen maakte. Ik herinner me mijn werkbezoek en de uitleg van Gosse Boxhoorn als de dag van gisteren. Maar gisteren is vandaag niet meer. Shell trok zich – achteraf te snel? – terug uit de wereld van de zonne-energie, die pas door de Duitse Energiewende en de Chinese innovatie – fors gesubsidieerd door de Chinese overheid – een geweldige boost kreeg. Dat Shell zich niet afzet tegen hernieuwbare energie, blijkt uit de beoogde participatie in grootschalige offshore windenergie: Noordzeewind, een samenwerkingsverband van Nuon en Shell.  Ben van Beurden erkent ook de grote betekenis van zonne-energie. Ik wijs de mensen, die Shell als remmer duiden op de volgende passage, ontleend aan https://cleantechnica.com (15 september 2015):

Solar energy will comprise the backbone of the world’s energy system in years to come, according to the CEO of Shell (yes, that Shell), Ben van Beurden. The exact words used by Van Beurden were that he has “no hesitation to predict that in years to come solar will be the dominant backbone of our energy system, certainly of the electricity system.” Considering that these words were from the CEO of one of the largest oil companies in the world, one would assume that he has good reasons for saying what he did.

Zonde-energie thuis: opbrengst op een zonnige dag

Zonde-energie thuis: opbrengst op een zonnige dag

Shell-bashing is even onterecht als green-washing: het zich groener of maatschappelijk verantwoorder voordoen dan een bedrijf of organisatie daadwerkelijk is. Ik reken mezelf al sinds de jaren, dat ik me in de Tweede Kamer inzette voor wind- en zonne-energie tot een fan van het transitiedenken. Ik herinner me de pleidooien voor het Plan Lievense of voor een verstandige toepassing van de belastingen op milieugrondslag. Dat Plan Lievense leerde overigens ook, dat hernieuwbare energie in de vorm van het nu eenmaal discontinue karakter van wind- of zonne-energie midden- en grootschalige opslagsystemen vergen. Het ontbreken daarvan is veeleer een rem op de duurzame energie dan het gas- en olieconcern, dat zijn betekenis voor de transportsector beseft en de complexiteit van een alles omvattend energie benadrukt. Met de Ladder van Lansink begaf ik me trouwens al in 1979 op het pad van de transities in het afvalbeheer, dat diverse raakvlakken heeft met het energiebeleid. Dat de ene transitie is de andere niet is, werd mij in 2004 duidelijk tijdens een workshop in Utrecht. Die workshop leverde in 2007 een interessante publicatie op: PARTO, S., LOORBACH, D., LANSINK, A., KEMP, R. (2007) Transitions and Institutional Change: the case of the Dutch waste system, in S. Parto & B. Herbert-Copley (eds.) Industrial Innovation and Environmental Regulation. United Nations University Press, New York, pp. 233-258. Waarmee de cirkel (helemaal of gedeeltelijk) rond is, en de complexiteit van transities vast staat.