Categorie archief: Ladder van Lansink

Onvergetelijke dagen in Brussel (3)

Keynote speaker brings ‘wise old man’s words’ to G-STIC 2107

Dank zij de voornaam de eerste plenaire spreker van het programma

Ruim een week na de onvergetelijke presentatie van Challenging Changes in Brussel, kreeg ik via E-mail een uitnodiging voor een erediner in het gebouw van KBC op de Grote Markt in Brussel. De invitatie had iets te maken met G-STIC 2017: een conferentie, die van 23 tot en met 26 October in Brussel zou plaats vinden. Een dag later volgde een nieuw bericht, met het verzoek om tijdens een plenaire sessie van G-STIC 2017 een ‘keynote’ te verzorgen over mijn nieuwe boek. VITO, de organisator van de internationale conferentie, bood een driedaags verblijf in Brussel aan, en zou ons – de invitatie gold ook voor echtgenote Ans – in Nijmegen ophalen en terugbrengen. Al snel bleek, dat Walter Buydens – in 2012 CEO van Royal Haskoning België, nu CEO van VITO Arabia LLC – ons deze verrassing had bezorgd. Hij had de boekpresentatie in Brussel meegemaakt, en de G-STIC-organisatoren kennelijk overtuigd van het nut van mijn deelname aan het – achteraf unieke – congres over duurzame ontwikkeling.

Ad Lansink aan het woord tijdens de plenaire zitting van G-STIC in Brussel

De ‘keynote’ zou ik moeten uitspreken op de slotdag van de conferentie op dezelfde datum en hetzelfde uur, waarop ik bij het BRBS-symposium op Recycling 2027 in Gorinchem werd verwacht. Gelukkig bleken de organisatoren van G-STIC bereid om het programma aan te passen. Ik mocht aan het slot van de eerste dag de conferentie toespreken, overigens met het verzoek  Challenging Changes waar mogelijk te koppelen aan de 17 SDG’s: de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties.

Die poging lukte wonderwel, net zoals de ‘keynote’ aan de hand van een powerpoint-presentatie, waarin ik naast de geschiedenis van de ladder en het overzicht van circulaire concepten mijn bevindingen over de verbinding tussen de afvalhierarchie en de circulaire economie uiteenzette. De positieve reacties leerden mij, dat het onderwerp de toehoorders boeide. En – ook belangrijk – mijn Engelse taalvaardigheid viel alleszins mee. Wie wil nalezen wat de de ‘old man’s words’ – twitterbericht van organisator Kar Vranken, tevens moderator van de deelsessie over circulaire economie  – inhielden, verwijs ik naar de CC Keynote Brussel 23-10 , waarmee ik de wisselwerking tussen afvalhierarchie, circulaire economie en een deel van de SDG’s heb proberen te verduidelijken..

Antonis Mavropoulos, President van ISWA, en een van de geïnterviewde personen in Challenging Changes aan het woord in bij G-STIC bij de deelsessie over circulaire economie

Na een snel gas wijn in de fraaie, omgebouwde havenloods, toog ik met Karl Vrancken in de pendelbus naar het hotel in het centrum van Brussel om Ans af te halen. Vervolgens reden (en liepen) we naar de Grote Markt om ons te voegen bij de overige gasten, die inmiddels aan het aperitief waren begonnen. Walter Buydens nam ons meteen na binnenkomst mee naar de delegatie uit Oman, met in hun midden een stralende Prinses van Oman. Ook andere gasten, waaronder de CEO van VITO werden aan ons voorgesteld. De tafelschikking maakte duidelijk, dat we in een eerbiedwaardig gezelschap waren beland. Dat we de tafel deelden met de gasten uit Oman was  gelet op de inbreng van Walter Buydens, geen toeval. HH Princess Dr Mona bint Fahad Al Said en Sheikh Mohammed Sulaiman Al-Harty, Executive-Vicepresident van Oman Environmental Services, wilden van alles weten over de Ladder van Lansink. Tijdens het voortreffelijke diner in een fraaie zaal van het mooie KBC-pand hadden we intussen goed zicht op de sprookjesachtige verlichting van de Grote Markt.

De trotse bezitter van een van de 72 exemplaren van Challenging Changes

De organisatoren van G-STIC hadden vijftig exemplaren van Challenging Changes besteld voor de deelnemers aan de deelsessies over circulaire economie. Voor alle zekerheid had ik zes dozen met elk twaalf boeken meegenomen. De chauffeur van de VIP-taxi’ een gloednieuwe Mercedes, was zo vriendelijk om de dozen in Nijmegen en Brussel in en uit te laden. Op de tweede congresdag werden de boeken – alle 72, dat wel – naar het ‘dirculaire-economie-eiland’ gebracht. Daar mocht ik vanaf 10.30 uur boeken uitdelen en signeren. Al voor het door Karl Vrancken aangegeven tijdstip meldde zich de eerste gast. Binnen een half uur volgden er nog 71, waarna ik nieuwe ‘klanten’ moest teleurstellen. De geste van VITO werd zeer gewaardeerd. Bij het signeren viel de jeugdige leeftijd en de gevarieerde komaf van de bezoekers op. Terug in Nederland kon ik inspirator Jan Storm melden, dat door mijn deelname aan G-STIC Challenging Changes opnieuw op  de internationaler kaart was gezet.

Challenging Changes komt ook in India op de leestafel

G-STIC is de afkorting van ‘Global Science Technology and Innovation Conference. VITO – het Vlaamse Instituut voor Technologisch Onderzoek – heeft G-STIC 2017 georganiseerd om via een betere benutting van wetenschap, technologie en innovatie katalysatoren te ontwikkelen om tegen 2030 de VN-SDG’s binnen bereik te brengen. Met die 17 SDG’s wordt mondiaal welzijn en welvaart bevorderd en verbeterd. De organisatoren mochten ca 700 deelnemers begroeten, uit alle windstreken, van binnen en ver buiten Europa. Opvallend was de grote betrokkenheid, bij sprekers en toehoorders, die zowel in de plenaire sessies als in de werkgroepen stevig met elkaar in discussie gingen. Wat ook opviel was het realistische en concrete karakter van de voordrachten: woorden gevolg door daden, uitvoerbare voorstellen naast werkbare pilotprojecten. Het was een voorrecht om twee dagen de gast te mogen zijn van VITO en G-STIC, dankzij Walter Buydens.

Onvergetelijke dagen in Brussel (2)

Hal van Brasserie Residence Palace in Brussel

Brunch met Vlaamse frites in Residence Palace

Na de geslaagde presentatie van Challenging Changes wandelde het vrijwel volledige ‘CC-Team’ met een goed gevoel naar Residence Palace, op iets meer dan een steenworp afstand van de Permanente Vertegenwoordiging. Jan Storm, die in Brussel minstens even goed de weg weet als in Nijmegen, leidde het twaalf personen sterke gezelschap behoedzaal langs stoplichten en oversteekplaatsen naar het gebouw dat in allerlei opzichten grandeur uitstraalt. In de opvallende hal vertelde de ‘Chairman of the Editorial Board’ het een en ander over de geschiedenis en betekenis van Residence Palace. Brasserie en keuken hebben een goede naam verworven onder politici, beleidmakers en lobbyisten: drie categorieën, die in de Belgische hoofdstad niet de dienst uitmaken maar wel veel te vertellen hebben, letterlijk en figuurlijk. Dat zij gek zijn op frites is minder bekend dan de gewoonte om tussen twaalf en twee zich te laten verwennen door een heerlijke lunch.

Achter de in Daily News verpakte Vlaamse frieten Cobie Joling, Bart de Bruijn, Dick Zwaveling en Ton Holtkamp (Foto: Sophie van Kempen)

Hoewel de lunchtijd bijna verstreken is, mochten we op ons gemak de gerechten uitzoeken. De kaart bood voor elk wat wils, plus de even onvermijdelijke als lekkere ‘Vlaamse frites’, volksvoedsel  in het meertalige Brussel. De feestelijke brunch vormt voor mijn Challenging Changes gasten de feestelijke afsluiting van wat geleidelijk een gezamenlijk project is geworden.

Signeren van Challenging Changes voor de leden van de Klankbordgroep. Ans Lansink en Jan Storm houden een oogje in het zeil (Foto: Sophie van Kempen)

De leden van de Klankbordgroep – in het boek de ‘Editorial Board’ genoemd – hebben mij vanaf de eerste meeting bij de Dar in Nijmegen met raad en daad terzijde gestaan, onder aanvoering van Jan Storm: de noeste werker van het eerste en laatste uur. Hannet de Vries – in Brussel afwezig wegens andere verplichtingen – en Ton Holtkamp waren in 2009 en 2010 al betrokken bij De Kracht van de Kringloop.

Pieter-Balth Linders, Leo Schrijver en Michelle Kluiver kijken naar de auteur; Sophie van Kempen ziet iets anders (Foto: Ans Lansink)

Eind 2015 voegden Bart de Bruin en Michelle Stuiver, allebei zeer actief bij Dar zich bij hen. Dick Zwaveling volgde in de loop van 2016. Pieter Balth Linders, directeur van Dar, was tweevoudig betrokken bij het boek: gastheer van de Klankbordgroep bij Dar en een van de geïnterviewde deskundigen. Mijn ‘thuisfront’ – zo genoemd omdat vertaling en vormgeving voor een deel thuis plaats vonden – was compleet aanwezig: Cobie Jolink hielp mij in 2015 en 2016 bij de ordening van de documentatie en bij het vertaalwerk.

Dick Zwaveling en Ton Holtkamp achter de Vlaamse frites (Foto Sophie van Kempen)

Boekontwerpster Sophie van Kempen tekende met groot enthousiasme en doorzettingsvermogen voor de fraaie lay out en vormgeving,  en was ook verantwoordelijk voor de boekverzorging van Challenging Changes. Leo Schrijver, senior accountmanager van DPN Rikken Print, toonde zich een meervoudig adviseur en verbinder, ook naar Boekbinderij van der Burg. Last but not least schoof mijn echtgenote aan bij de ronde tafel van Residence Palace: Ans Lansink-van Dam verzorgde voor een groot deel de eindredactie, en leverde zonder veel discussie een deel van de geplande vakantie in.

Ad Lansink bedankt het hele gezelschap voor de fantastische mede- en samenwerking aan en bij het Challenging Changes-project (Foto: Sophie van Kempen)

Het late middagmaal in Residence Palace bood mij de gelegenheid om alle disgenoten te bedanken voor hun medewerking en inzet, veelal vanaf het moment, dat Jan Storm en ik besloten echt te gaan werken aan het Challenging Changes: het Engelstalige boek, dat de betekenis van de Ladder van Lansink voor de transitie naar circulaire economie zichtbaar moest maken. Dat Challenging Changes feitelijk meer is dan een loutere boekproductie, blijkt uit de aan het boek gekoppelde, door Dick Zwaveling in het leven geroepen website www.challengingchanges.eu. Het blijkt ook uit de invitaties voor ‘keynotes’ en presentaties in Nederland en België. Voor de nodige hulpmiddelen mag ik een beroep blijven doen op Sophie van Kempen en Leo Schrijver; en ook op Dar, met name Bart de Bruin en Michelle Stuiver, wanneer Nijmegen Green Capital Europe 2018 nieuwe ‘challenges’ biedt.

Jan Storm bewondert onder toeziend oog van Cobie Jolink en Bart de Bruyn de sculptuur van Harrie Gerritz (Foto: Sophie van Kempen)

Tussen de gangen van de brunch door mocht ik stil staan bij de activiteiten van de Klankbordgroep en  het ‘Thuisfront. Dat ik daarbij wat meer woorden nodig had om Jan Storm te bedanken, verraste geen van de disgenoten. Hij was en is de man, die mij aan het schrijven zette. Hij benaderde het merendeel van de sponsoren en de bedrijven, die via een voorbestelling de financiering van het project veiligstelden. Jan Storm zorgde ook voor de organisatie en invulling van de boekpresentatie bij de Permanente Vertegenwoordiging.Dat was lachen, joh’ – zijn stopzin wanneer hij weer een geslaagde interventie kon melden – is in mijn geheugen gegrift, als teken van optimisme en verbondenheid. Als blijk van herinnering aan die verbondenheid kon ik Jan Storm een bronzen sculptuur van Harrie Gerritz overhandigen.

Sophie van Kempen en Ad Lansink bekijken de drukproef van de boekomslag (Foto: Leo Schrijver)

De verbeelding van de Ladder van Lansink door de kunstenaar uit Woezik (bij Nijmegen) vormde de basis voor het omslagontwerp van Challenging Changes. Boekontwerpster Sophie van Kempen maakte een even sobere als opvallende cover voor het boek, aansluitend bij de titel en inhoud. Zij heeft – zelfs outsiders zien dat – een onmisbare bijdrage geleverd aan Challenging Changes. Sophie van Kempen maakte ook op een na alle alle foto’s bij dit bericht, en bleef zelf nagenoeg onzichtbaar. Vandaar ter afsluiting een opname uit ons werkarchief, gemaakt enkele weken voor de boekpresentatie in Brussel.

 

 

 

 

Onvergetelijke dagen in Brussel (1)

Challenging Changes als brug tussen Nijmegen en Europa

Hoofdingang van de Permanente Vertegenwoordiging van Nederland bij de EU

Spannend, zenuwachtig, nieuwsgierig of onbevangen: zomaar wat vragen van vrienden en kennissen in de dagen voor de officiële presentatie van ‘Challenging Changes’, het boek over de relatie tussen de Ladder die al decennia mijn naam draagt en circulaire economie, een ‘trending and important topic’. Welnu: een mix van gezonde spanning en normale onzekerheid hield mij in de ban tot ik op 11 October 2017allerlei gasten al voor de presentatie de hand kon schudden. De files op weg naar Brussel hadden trouwens zoveel aandacht gevraagd, dat weinig ruimte overbleef voor enige vorm van vooruitdenken. Bovendien hielden reisgenoten Ans Lansink, Sophie van Kempen en Cobie Jolink – in meer disciplines noeste medewerkers aan het boek – mij onderweg bij de les.

Jan Storm, voorzitter van de Editorial Board overziet de zaal, waar de eigen ploeg (Ans Lansink, Cobie Jolink en Leo Schrijver wachten op wat komen gaat. Sophie van Kempen maakt foto’s.

Ruim drie uur na het vertrek uit Nijmegen ontdekte Sophie de drukknop van de garagedeur van de Permanente Vertegenwoordiging van Nederland bij de EU aan de Rue de Cortenbergh in Brussel. Ans vroeg intussen bij de hoofdingang de portier om de deur te openen. Nadat Sophie het nummer van de Volvo V60 had doorgegeven openden de dubbele garagedeuren zich als bij toverslag. Na de controle van de namen en het eerste welkom in de hal van de Permanente Vertegenwoordiging, konden de uit alle windstreken gearriveerde gasten acclimatiseren en netwerken, met koffie en gebak. Zelf verdeelde ik de tijd tussen de controle van de beamer en het begroeten van gasten: Jan Stuyt SJ uit Antwerpen en Antonis Mavropoulos uit Griekenland, de Spaanse DC Daniel Calleja Crespo naast AVR Directeur Jasper de Jong uit Rotterdam, en veel andere bezoekers, te veel om op te noemen.

Harriet Tiemens en Daniel Calejja poseren met het kort tevoren gepresenteerde Challenging Changes (Foto: Michelle Kluiver)

Tegen halftwaalf warden de gasten verzocht om plaats te nemen aan een grote ovalen tafel in de schitterende vergaderzaal. Enkele bezoekers moesten genoegen nemen met een stoel langs de lange wand, onder een uitzonderlijk mooi wandtapijt. Richard Ossendorp, hoofd van de PV, sprak verwelkomde alle gasten,en met name  ‘hoofdrolspelers’: Harriet Tiemens, Vice-mayor of Nijmegen, Daniel Calleja Crespo, Director-General DG Environment van de Europese Commissie, en mij: de man van de bijna veertig jaar oude ladder. Het was een even bijzondere als vreemde gewaarwording op voorhand zoveel lof te krijgen toegezwaaid, ook door Calleja Crespo, die in zijn bijdrage ‘Circular Economy, …it’s the way forward’ met veel nadruk wees op de betekenis van de afvalhiërarchie voor een succesvolle transitie naar circulaire economie.

Jan Storm, onbetwiste gangmaker, promoot ten overvloede Challenging Changes. Julius Langendorff weegt het boek, Bart de Bruin en Ad Lansink zien toe (Foto: Sophie van Kempen)

Vervolgens mocht ik met de overhandiging van de eerste exemplaren van Challenging Changes aan wethouder en locoburgemeester Harriet Tiemens en Daniel Calleja Crespo een brug slaan tussen de stad, die uitgeroepen is tot Green Capital Europe 2018 en de Europese instituties, zoals verenigd bij de boekpresentatie. De organisatoren van de bijeenkomst hadden mij een kwartier toebedeeld om de gasten te informeren over de ‘key messages of Challenging Changes’. Aan de hand van een vijftiental sheets probeerde ik me zo goed mogelijk van die pittige taak te kwijten, beseffend, dat Engels schrijven mij beter afgaat dan Engels spreken. Dat enkele toehoorders mij na afloop verzekerden, dat de gebrekkige uitspraak het verhaal authentieker maakte, stemde mij voor de helft gerust. De andere helft is een aansporing om die tekortkoming in taalvaardigheid te gaan aanpakken.

Ad Lansink tussen Richard Ossendorp (PV) en Julius Langendorff (EC (Foto: Sophie van Kempen)

Het officiële gedeelte van de boekpresentatie werd afgesloten met een paneldiscussie onder voorzitterschap van gastheer Richard Ossendorp. Achtereenvolgens gaven Piotr Barczak (European Environmental Bureau), Harriët Tiemens (Municipality of Nijmegen); Julius Langendorff (European Commission); Hans van Bochove (Europen) en Antonis Mavropoulos (President van de ISWA) commentaar op de inhoud van het boek.

Hans van Bochove (Europen), Antonis Mavropulos (President ISWA) en Harriet Tiemens (Gemeente Nijmegen) tijdens de discussie (Foto: Sophie van Kempen)

De veelal positieve kanttekeningen noopten nauwelijks tot enig weerwoord. Ik kon in mijn slotwoord eigenlijk volstaan met dank voor de vele woorden van waardering, plus de toezegging om via de website www.challengingchanges.eu zorg te dragen voor een follow-up van de hoofdlijnen van het gloednieuwe boek. Elk van de paneldeelnemers kwam met onderwerpen, waarover het laatste woord nog niet is gezegd.

Ad Lansink is druk met signeren: Jan Storm ontfermt zich over Ans Lansink-van Dam; Julius Langendorff blijft lezen in Challenging Changes (Foto: Sophie van Kempen)

Na afloop van het officiële gedeelte was het uiteraard signeren geblazen. Vrijwel alle bezoekers van de onvergetelijke bijeenkomst kwamen een handtekening halen, in sommige gevallen voorzien van een stichtelijk woord.  In de zijzaal ging het netwerken gestaag door, tot de koffie en het gebak op waren. Met de ‘Editorial Board’ en de ‘eigen ploeg’ wachtte een gezellige brunch om het verschijnen van Challenging Changes op gepaste wijze te vieren.

 

 

Een bijzondere verjaardag

Sophie op 24 augustus 2017

Het nuttige met het aangename verenigen: het positieve gezegde is alom bekend, maar wordt tegenwoordig niet vaak meer gehoord. Nuttig en aangenaam: is dat werk naast vermaak, of rust naast inspanning?  De tweeslag nuttig en aangenaam overkwam mij toen ontwerpster Sophie van Kempen, bezig met de boekverzorging van Challenging Changes Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy terloops meldde, dat zij op haar verjaardag verder wilde werken aan het boek, dat ons al maanden bezighoudt. Nu we toe zijn aan het opmaken van het definitieve manuscript, werkt een gezamenlijke aanpak achter (of voor) de computerschermen sneller en beter dan mailwisselingen en telefoongesprekken. Bovendien: vier ogen zien meer dan twee.

Nijmeegse Vla van Bakkerij Strik

Trouwens: de onverbiddelijke deadline nadert sneller dan verwacht: alle reden dus om enkele dagen stevig door te pakken. Mijn aanbod om voor gebak te zorgen, wees Sophie van de hand want – zei ze vriendelijk maar met veel nadruk – de jarige trakteert. De niet (maar wel goed-) gemutste boekverzorgster kwam dus aanzetten met een wat groot uitgevallen Nijmeegse Vlaai, die zij vervolgens zelf ging aansnijden. Het aangename – koffie en gebak – ging vooraf aan het nuttige: samen werken aan Challenging Changes: een nauwgezet karwei, dat vanwege de Engelse taal en de figuren, schema’s, tabellen en foto’s alle aandacht vraagt, zelfs op een buitengaatse gevierde verjaardag.

Ans Lansink bewondert het snijden van de vla

Het onderwerp van het boek – de relatie tussen de Ladder van Lansink en de circulaire economie – kent heel wat aspecten. Dat verklaart de pittige omvang van Challenging Changes: 52 paragrafen, verdeeld over 9 hoofdstukken. Voeg daarbij de zeven interviews met befaamde insiders, plus de uitvoerige begrippenlijst – Glossary geheten – en duidelijk wordt, dat de omvang van het boek dichter bij 400 dan bij 350 pagina’s zal uitkomen. Intussen wegen de laatste loodjes zwaarder dan schrijver en boekverzorgster aanvankelijk dachten. Passen en meten, nakijken en corrigeren: het kost allemaal tijd, net zoals de beeldredactie en de definitieve opmaak. Dat het boek onder vaardige handen van Sophie van Kempen met uur en dag vordert, blijkt een gedeelde opsteker, zelfs op dagen waarop het buiten beter toeven is dan op atelier of werkkamer.

Sophie schiet een Selfie: Ans kijkt toe

Over drie weken geven we het printklare manuscript via een eenvoudig ‘sticky’ uit handen, nadat een kleine week besteed is aan de eindredactie van de drukproef. De drukker en de binder gaan dan definitief aan de slag om de volledige productie van de boeken – naar verwachting 4000 exemplaren – op tijd te kunnen afleveren. De boekpresentatie vindt plaats op 11 october 2017 in het gebouw van de Permanente Vertegenwoordiging van Nederland in Brussel. Het ziet ernaar uit, dat ik de eerste boeken mag overhandigen aan Frans Timmermans, vice-president van de Europese Commissie en aan Harriet Tiemens, wethouder van Nijmegen, de Green Capital Europe van 2018. Zij overbruggen letterlijk en figuurlijk de afstand tussen Nijmegen en Europa met de Ladder van Lansink. Wie had dat in 1979 gedacht?

En nog een, want Ad wil ook wel vastgelegd worden

Ongetwijfeld wordt ook in Brussel het nuttige met het aangename verenigd, wanneer de gasten van de boekpresentatie ervaren hebben, wat schrijver en boekverzorgster in de afgelopen maanden hebben gedaan, naar vorm en inhoud. Het was een hele klus, maar ook een mooie opgave, dankzij de voortdurende steun en stimulansen van Jan Storm, de man die mij na een werkbezoek aan AVR (Rotterdam) – halverwege 2015 –  aan het schrijven zette. Twee jaar later is Challenging Changes een feit. Waarschijnlijk kijken Sophie van Kempen en Ad Lansink dan even voldaan als tijdens een korte pauze in hun werk op een in meer opzichten bijzondere verjaardag.

Een verrassende ‘dummy’

Logo Challenging Changes (Ontwerp: Sophie van Kempen)

Prelaunch Challenging Changes
Geïnspireerd door een werkbezoek dat ik in 2015 met Jan Storm aan AVR (Rijnmond) bracht, begon ik op initiatief van de oud-directeur van Nedvang aan Challenging Changes, een boek over de relatie tussen circulaire economie en afvalhiërarchie. Reacties uit de recyclingsector en bijdragen aan websites in UK en USA hadden al eerder laten zien, dat nogal wat mensen uit de afval- en recyclingwereld – ook buiten Nederland – geïnteresseerd waren in een Engelstalig vervolg op De Kracht van de Kringloop. Dat boek over de geschiedenis en toekomst van de Ladder van Lansink had ik in 2010 met Hannet de Vries- in ’t Veld gepubliceerd. Het besef dat preventie, hergebruik en recycling essentieel zijn voor de transitie naar circulaire economie vormt de rode draad voor Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy. Die rode draad heb ik vastgelegd in de volgende hoofdstukken

  • Linear waste and circular resource management
  • Waste hierarchy: a challenging framework
  • Transition aspects
  • Closing different and difficult loops
  • Exemplary resource flows
  • Waste management and climate policy
  • Need for (international) legislation
  • Changes for circular economy
  • Finally – het afsluitende hoofdstuk – met als afzonderlijke onderdelen: Main lines for circular economy, Commentary, Outlook, Recommendations.
Voorzijde boekomslag Challenging Changes naar een ontwerp van Sophie van Kempen

Opzet
De rode draad – een uitgewerkte opzet van de negen hoofdstukken, elk bestaande uit zes paragrafen – heb ik tegen het einde van 2015 voorgelegd aan een klankbordgroep, die door Jan Storm intussen was geformeerd. Sindsdien staat die groep insiders (Hannet de Vries – in ’t Veld, Bart de Bruin, Ton Holtkamp, Jan Storm en Dick Zwaveling) mij met raad en daad terzijde bij de totstandkoming van het manuscript en de productie van het boek. Jan Storm nam, ook met steun van de klankbordgroep, in de loop van 2016 de fondsenwerving ter hand. Al vrij snel werd duidelijk, dat voldoende middelen bijeengebracht konden worden voor het nieuwe boek. Het echte denk- en schrijfwerk kon beginnen, naast het vergaren van documentatie en de bestudering van nieuwe ontwikkelingen in afvalbeheer en circulaire economie. Het bleek opnieuw een forse maar ook dankbare klus. De klankbordgroep werd geleidelijk een ‘Editorial Board’, die mij mondeling in enkele bijeenkomsten en schriftelijk via het onmisbare emailverkeer behulpzaam was.

Sophie van Kempen en Ad Lansink bekijken het resultaat van de proefdruk. Op de achtergrond de digitale HP Galaxy 8000 voor de waarop de dummy van Challenging Changes gedrukt is (Foto: Leo Schrijver, DPN)

Dummy
Boekontwerpers en drukkers werken graag met dummy’s: een of twee exemplaren van een boek met enkele gevulde en verder zoveel lege pagina’s, dat het resultaat overeenkomt met de vorm en omvang van het uiteindelijke boek. De ontwerper kan zien of de lay out aan de verwachtingen voldoet en de drukker kan nagaan of het druksel de toets van de kritiek kan doorstaan. Klopt de gekozen papiersoort, hoe houdt de inkt zich op het papier, deugt de druktechniek? Boekontwerper  en drukker kunnen ook vaststellen of de rugdikte genoeg ruimte biedt voor de titel van het boek en de naam van de auteur. De schrijver kijkt – wanneer hij de kans krijgt – natuurlijk graag mee, al was het alleen al om zich te laten verrassen met het resultaat van zijn denk- en schrijfwerk.  Het aanbod van Leo Schrijver – senior accountmanager van DPN Rikken Print Nijmegen – om de productie van enkele dummy’s mee te maken was dan ook niet tegen dovemansoren gezegd. Integendeel. Met boekontwerpster Sophie van Kempen begaf ik me onlangs naar het fraaie pand van DPN om de ‘prelaunch’, een soort voorgeboorte, van Challenging Changes te beleven.

Sophie van Kempen en Ad Lansink met de door de boekontwerpster uitgedachte boekomslag. Op de achtergrond de vierkleuren offset pers waarop Challenging Changes eind augustus 2017 gedrukt gaat worden (Foto: Leo Schrijver, DPN)

Eerste indruk
DPN beschikt over een fraaie HP Indigo 7800, een digitale drukpers, waarmee snel kwalitatief uitstekend drukwerk kan worden geproduceerd. Challenging Changes zal later op een vierkleuren-offset-pers worden gedrukt. Maar voor een dummy is de digitale pers het aangewezen instrument. De in technologisch opzicht fabelachtige machine produceert in zeer korte tijd een uiterst hoogwaardig druksel. De eerste twee hoofdstukken van Challenging Changes en twee interviews waren voor de ‘prelaunch’ tekst- en print-klaar: totaal 92 pagina’s, ongeveer een kwart van de te verwachten omvang van het boek. Aanvulling met lege pagina’s tot de geraamde 360 pagina’s bood de gelegenheid om de waarschijnlijk definitieve rugdikte vast te stellen. Aangezien ook het ontwerp van de omslag gereed was inclusief de flaptekst op de achterzijde, zou de dummy al een goede indruk geven van het te verwachten eindresultaat. Na enkele instellingen kwamen in een hoog tempo de drukvellen uit de machine. Enkele handelingen en minuten later waren de dummy’s klaar: een verrassing op zichzelf. Wie niet beter weet, waant zich het volledige boek rijker. Auteur en boekontwerpster zien met ingehouden trots het (eerste) resultaat van hun inspanningen. Het is tegelijk een stimulans om met gepaste spoed verder te werken aan wat – zo nu al lijkt vast te staan – een fraai eindresultaat zal opleveren.

 

 

 

Chinese Ladder

Ruim een jaar geleden schreef Hugo von Meijenfeldt, in de jaren 80 beleidsmedewerker op het ministerie van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer, mij dat de Ladder van Lansink nog springlevend was. Hij lichtte dat toe met de volgende anekdote: “Whatever happened to the famous Ladder Van Lansink?”, vroeg gouverneur Jerry Brown van Californië mij in mijn vorige functie als Consul-Generaal in San Francisco. Ik was stomverbaasd dat hij die 35 jaar oude ladder uit het kleine Nederland kende. Jerry Brown legde uit dat hij in de jaren tachtig, na zijn eerste twee termijnen, door Europa was gaan reizen en in Nederland onder de indruk was geraakt van het eerste Nationaal Milieu Beleidsplan ter wereld en de daarin verklonken afvalhiërarchie’. Zelf had ik via bijdragen aan Environmental Blog Isonomia, contacten met de staf van Eunomia en medewerking aan de website van Bewastewise gemerkt, dat de oorsprong van de ‘waste hierarchy’ in England en de Verenigde Staten inderdaad bekend was. 

Uit de talrijke hits – tegenwoordig ruim 42.000 – die de ‘Ladder van Lansink’ inmiddels scoort bij een zoektocht via Google blijkt, dat de voorkeursvolgorde van het afvalbeheer ook in andere landen veel aandacht krijgt van bewuste (na)volgers en toevallige passanten. Na Nederland bezetten de Verenigde Staten de tweede plaats op de ‘hitlijst’, nog voor België, UK en Duitsland. Volgens de statistiek van WordPress besloeg de totale lijst in 2016 maar liefst 58 landen. Voor 2017 staat de teller op 43 landen. Vragen o.m. uit Oekraïne, Filippijnen, Brazilië en India onderstrepen de wereldwijde bekendheid. Uit een recente link, toegestuurd door Gerard Nijssen, blijkt dat in China een vertaling van de ladder bestaat. Of de vertaling klopt, kunnen kenners van de Chinese taal en tekens misschien beoordelen. Zou ik ooit nog moeten denken aan een vertaling van Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy, het boek dat najaar 2017 verschijnt?

Voorbij de littekens

Hoofdingang RadboudUMC: de plaats waar de spannende maanden begonnen

Terugblik op een spannend begin van 2017 met een onverwachte samenloop van gebeurtenissen

Rond de jaarwisseling verwachtte ik een spannend 2017. De vraag of na ‘brexit’ en ‘Trump’ de verkiezingen in Nederland, Frankrijk en Duitsland ook onverwachte uitslagen zouden opleveren hield me bezig, Ook vroeg ik me af of NEC zich – al dan niet met moeite –  in de Eredivisie zou handhaven.  Zelf ging ik een spannend jaar tegemoet met de publicatie van Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy. Halverwege 2015 was ik op aansporing van Jan Storm, oud-directeur van Nedvang, nu voorzitter van Wecycle en president-commissaris van de Dar, begonnen aan het boek over de relatie tussen de Ladder van Lansink en de circulaire economie. Bij een gezamenlijk werkbezoek aan AVR in Rotterdam wist de enthousiaste gangmaker mij te overtuigen van het nut van een inhoudelijke, Engelstalige follow up van ‘De Kracht van de Kringloop’. Hij boorde financieringsbronnen aan, en regelde ook een ‘editorial board’, die mij met raad en daad terzijde zou staan. Tegen het einde van 2016 was het manuscript grotendeels klaar, inclusief interviews met insiders als Eurocommissaris Karmenu Vella, Eunomia CEO Dominic Hogg en ISWA-chairman Antonis Mavropoulos. Het eerste kwartaal van 2017 had ik gereserveerd voor schema’s, afbeeldingen, tabellen en eindredactie, plus de controle van de vertaling. Vormgeefster Sophie van Kempen was intussen begonnen aan de lay out en de vormgeving van schema’s en figuren.

De man van de Ladder met schaatskampioenen op de voorpagina van de Gelderlander – 13 februari 2017

Het werk aan Challenging Changes vorderde zo goed, dat ik soms wat losliet over mijn poging om afvalhiërarchie en circulaire economie –  al enige tijd trending topic – met elkaar te verbinden. De Gelderlander zag plotseling aanknopingspunten voor een artikel over de intussen bijna veertig jaar oude Ladder van Lansink. Ik stemde toe. Enige publiciteit leek van belang, ook omdat de gemeente Nijmegen en de DAR meewerken aan het project, financieel en inhoudelijk via een interview met wethouder Harriet Tiemens en Dar-topman Pieter Balth Linders. Toevallig vond het gesprek met de Gelderlander plaats, kort voor mijn bezoek aan Dr Camaro, interventie-cardioloog van UMC Radboud. De huisarts had mij naar hem verwezen vanwege aanhoudende hoge bloeddruk en forse borstpijn na pittige inspanningen. Op de dag waarop ik te horen kreeg, dat hartkatheterisatie noodzakelijk was, stuurde Sjors Molenaar mij de foutloze tekst van zijn interview voor De Gelderlander. En een dag voor duidelijk werd, dat ik met spoed een open-hart-operatie moest ondergaan, verscheen het uitgebreide verhaal over de Ladder van Lansink in de krant, met een aankondiging op de voorpagina. Geen wonder dus, dat een verpleegkundige van de afdeling hartkatheterisatie kort voor het onderzoek zei: kijk nou eens wie we op de afdeling hebben.

Leven als nooit tevoren: dat was nog maar de vraag, vlak voor de hartkatheterisatie op 14 februari 2017. In het interview de eerste aankondiging van ‘Challenging Changes’, het boek dat in het najaar van 2017 verschijnt

De uitkomst van de hartkatheterisatie was duidelijk. Een dotterbehandeling was te riskant. Om verder onheil te voorkomen was een snelle bypassoperatie noodzakelijk. Na een angstige avond en nacht op de afdeling hartbewaking was het zover: een operatie, waar ik vaak over had gehoord, zou ik zelf ‘aan den lijve’ meemaken. De verzekering van de cardiochirurg, dat in het overgrote deel van de gevallen de ingreep slaagt, gaf mij voldoende vertrouwen in een goede afloop. Achteraf is de operatie mij geweldig meegevallen. De nachtelijke uren op de intensive care vlogen voorbij, ook al hield pijn mij uit de slaap. De regelmatige controles, de toediening van medicijnen en de maaltijden vormden een dankbare afwisseling in het rustige post-operatie-ritme. Na de overbrenging naar de verpleegafdeling veranderde eigenlijk weinig, behalve dan de kennismaking met patiënten, die al eerder geopereerd waren. Opnieuw begon een verpleegster over het interview in De Gelderlander. De gedwongen rugligging viel niet mee, de pijn wel dankzij de toediening van pijnstillers. Toen eenmaal drains, infuus en urinekatheter verwijderd waren, werd het verblijf in het ziekenhuis nog dragelijker, ook dankzij de voortreffelijke inzet van de verpleegkundigen, die dag en nacht klaar staan voor hun patiënten.

Welkomstboeketten van de buren, Ds Visscherfonds, Energiepoort, Prinsenconvent, Volvo Nijmegen, Familie,  Editorial Board Challenging Changes en Nijmeegs Ondernemerscafe als teken aan betrokkenheid en meeleven.

Drie dagen na de operatie kon ik al zelfstandig douchen, met moeite maar toch. De maaltijden gingen steeds beter smaken.  De bezoekers – die tussen 15 en 20 uur welkom waren – troffen op de afdeling cardiochirurgie patiënten, die zonder uitzondering uitkeken naar de dag waarop zij naar huis of naar hun eigen ziekenhuis – Rijnstate in Arnhem of CWZ in Nijmegen – mochten terugkeren. Dat gold ook voor mij: precies zes volle dagen na de operatie werd ik ontslagen, gewapend met een medicijnenpaspoort en een recente hartfilm. De fysiotherapeut had al vastgesteld, dat traplopen weer mogelijk was. De artsen, aan wie ik was toevertrouwd – interventiecardioloog dokter Camaro en cardiochirurg doctor Geuzebroek – hadden mij intussen bezocht en teruggekeken op de geslaagde katheterisatie en omleidingsoperatie. Voortgeduwd door echtgenote Ans bracht een verrijdbare stoel mij naar de hoofdingang van het RadboudUMC. Boekontwerpster Sophie van Kempen, die op de middag van het ontslag op ziekenbezoek kwam reed mij naar huis, waar net het eerste boeket werd afgeleverd. Een week na de katheterisatie, waarmee de onverwachte ziekenhuisopname begon, was ik weer thuis. Dat ik een week later een vijftal uren op de Spoedeisende Hulp zou belanden, was even onverwacht als de toename van de pijn na de thuiskomst.

RadboudUMC op Dekkerswald: de plek van de hartrevalidatie

Pijnstillers bleven noodzakelijk, naast de medicijnen die voortaan tot het vaste inname-ritueel behoren. Met de woorden ‘eenmaal hartpatiënt, altijd hartpatiënt’ valt natuurlijk te leven, zeker waar de forse ingreep ook een ‘wake up call’ was. De zichtbare littekens op de borst en het rechterbeen herinneren voortaan aan de geslaagde ingreep. Ik bewaar ook goede herinneringen aan het verblijf in het RadboudUMC, aan de voortreffelijke zorg van staf en verpleging van de afdelingen cardiologie en cardiochirurgie en aan familieleden, vrienden en kennissen, die mij letterlijk en figuurlijk een hart onder de riem hebben gestoken. Het oude hart is vernieuwd, met hergebruik van eigen lichaamsmateriaal. Met dat begrip is ook de cirkel naar ‘Challenging Changes’ weer rond. De dag voor het ontslag kwam ik op de gang Fred Bouman tegen, ook achter een rollator. ‘Pas nog in de krant’, zei hij verbaasd, ‘en nu hier’. Tijdens de hartrevalidatie-middagen op Dekkerswald – tot eind mei ben ik daar bezig – ontmoeten we elkaar opnieuw. Een paar dagen geleden kwam de Ladder van Lansink toevallig weer ter sprake. Ook die cirkel was dus rond. Ik kon Fred en de andere, even sympathieke lotgenoten van de hartrevalidatie melden, dat de publicatie van ‘Challenging Changes’ doorgaat, in het najaar van 2017: een jaar met onverwachte gebeurtenissen. En de andere potentiele littekens: de Tweede Kamerverkiezingen vielen mee, Frankrijk koos voor Europa, en NEC blijft voorlopig in de Eredivisie. 

 

Afvalhiërarchie in India

Afvalpiramide met preventie aan de basis Bron: Still van TEDxMITID
Mr Anurak Chandak aan het woord
Bron: Still van TEDxMITID presentatie

Toeval bestaat niet, zo leerde ik van kunstenaar Han Klinkhamer die meer voelde voor genade, van waar dan ook. Was het dus geen toeval, dat ik tijdens het werk aan ‘Challenging Changes – Connecting Waste Hierarchy and Circular Economy’ een emailbericht ontving over de promotie van de afvalhiërarchie in India? Ik was net bezig met een paragraaf over de invloed van globalisering op landen als Brazilië, China en India. Het bericht was afkomstig van Peter Wiers, een consultant, die in het voorjaar van 2014 een tiental in afvalbeheer en waterzuivering geinteresseerde managers uit India kennis wilde laten maken met het Nederlandse afvalbeleid. Ter voorbereiding van zijn rondtocht langs instellingen en bedrijven had hij mij gevraagd, wat in het programma kon of moest worden opgenomen. Twee uur brainstormen in Nijmegen leidde tot diverse suggesties, onder meer over werkbezoeken, en tot een uiteenzetting over de Ladder van Lansink.

Afvalpiramide van Chandak met 'Disposal' an de top (Bron: Still van TEDxMITID-presentatie)
Afvalpiramide van Chandak met ‘Disposal’ an de top (Bron: Still van TEDxMITID-presentatie)

Vandaag – ruim twee jaar later dus – schreef Peter Wiers: ‘Zoals u weet, heb ik in 2014 een team van Indiase afval en energie-experts rondgeleid in Nederland. Misschien vindt u het leuk om te zien hoe de zoon van een van hen nu de Ladder van Lansink actief gebruikt om de situatie in India te verbeteren’. Hij voegde een link toe naar de TEDxMITID-presentatie van Mr. Anurag Chandak over de aanpak van de afvalproblematiek in India. Zijn even heldere als inspirerende presentatie, waarin de afval hiërarchie een prominente plaats heeft, is te vinden op https://youtu.be/1TAR9skA6VA. De toehoorders luisteren vol aandacht naar de man, die van de afvalhiërarchie een piramide maakt, met preventie (reduce) aan de basis en verwijdering (disposal) aan de top. Hoe meer preventie (en recycling), des te gemakkelijker is het afvalvraagstuk op te lossen, aldus Chandak, die (nog) niet spreekt over circulaire economie.

De Ladder van Lansink beklimmen, of toch maar beginnen bij preventie?

Na een duidelijke uitleg over de groene stappen van de afvalpiramide illustreert Chandak zijn betoog met enkele basale praktijkvoorbeelden:  hergebruik van draagtassen, prikstokken voor zwerfafval, anaerobe vergisters voor productie van biogas. Op zijn oproep tot hulp bij de oplossing van het afvalvraagstuk volgt een klaterend applaus. De presentatie van Chandak leert, dat ook in India de zorgen voor het leefklimaat erkend worden. Bij de beheersing van het afvalvraagstuk is ook daar de Ladder van Lansink het onbetwiste kader, overigens in relatie tot het klimaatvraagstuk en het energiebeleid. Desondanks blijven globalisering, geopolitieke ontwikkelingen en het tot nu vrijwel onbeheersbare vrije marktdenken zaken die aandacht verdienen.

Connecting waste hierarchy and circular economy Schema uit 'Challenging Changes' Ontwerp: Ad lansink en Sophie van Kempen
Connecting waste hierarchy and circular economy
Voorpublicatie uit ‘Challenging Changes’
Ontwerp: Ad Lansink en Sophie van Kempen

Chandak wijst in zijn boeiende voordracht terecht op de mogelijkheden en wenselijkheden van lokale initiatieven, zoals ook in Nederland vaak de nadruk wordt gelegd op decentraal afval- en energiebeheer. De spanning echter tussen regionalisatie en globalisering wordt in India nog niet ervaren, evenmin als de dilemma’s, die eerder vroeg dan laat om keuzes vragen: overheidssturing of producentenverantwoordelijkheid; fiscalisering of marktwerking; bindende richtlijnen of productenvrijheid; nationale aanpak of internationale speelruimt, leaseconstructies of eigendomsrecht. Gestimuleerd door het onverwachte emailbericht over de afvalhierarchie in India, werk ik nog even door aan ‘Challenging Changes’, een pittige maar mooie uitdaging op zichzelf.

EU CEP: realisme zonder veel ambitie maar met afvalhierarchie

Verpakkingsmateriaal (Foto: Ad Lansink)
Verpakkingsafval (Foto: Pascal Vyncke, www.seniorennet.be)

De Europese Commissie heeft op de afgesproken datum – 2 december 2015 – de nieuwe strategie voor de bevordering van de circulaire economie gepubliceerd. ‘Closing the loop’ is de naam van het ‘Circular Economy Package’ (CEP), dat naar eigen zeggen ambitieus genoemd wordt. Dat klinkt overdreven, temeer waar de kwantitatieve doelstellingen lager uitpakken dan die van het programma van de vroegere EC-commissaris Janez Potočnik. Frans Timmermans, de vicepresident van de EC trok dat stevige programma kort na zijn aantreden in. Zijn dereguleringsopdracht liet hem geen andere keus zo leek het. Na kritiek uit diverse hoeken, ook uit het Europees Parlement zegde Timmermans toe, dat hij samen met enkele betrokken collega’s een ambitieuzer programma zou opstellen. In het nieuwe bredere pakket zou circulaire economie de grondslag vormen.

Kwantitatieve verschillen tussen het ingetrokken en nieuwe pakket aan maatregelen
Kwantitatieve verschillen tussen het ingetrokken en nieuwe pakket aan maatregelen

De toezegging van een ambitieuzer programma is met ‘Closing the loop’ niet waargemaakt. Nog afgezien van de vraag of alle kringlopen volledig gesloten kunnen worden, kiezen Timmermans c.s wel en  terecht de afvalhierarchie – de Ladder van Lansink – als kader voor de nieuwe aanpak.  Van deregulering is geen sprake. Dat is maar goed ook, want de weg naar circulaire economie vergt nu eenmaal sturing van overheidswege. Voeg daarbij de grote verschillen tussen de lidstaten, en duidelijk wordt, dat ook op het vlak van de harmonisatie nog veel te doen is. Het tijdpad van 15 jaar en het in 2030 te behalen recyclingpercentage van 65% betekenen een versoepeling ten opzichte van het door Potočnik ingediende plan, dat – zo bleek al eerder – op tegenstand van andere Europese commissarissen stuitte.

From linear to circular : Schema uit De kracht van de Kringloop (2010) door Ad Lansink en Hannet de Vries-in 't Veld
From linear to circular : Schema uit De kracht van de Kringloop (2010) door Ad Lansink en Hannet de Vries-in ’t Veld

Het CEP oogt al met al realistisch. Maar betwijfeld mag worden of de circulaire economie de impulsen krijgt, die in het vooruitzicht zijn gesteld. Terugdringen van voedselverspilling en aanpak van het plastic vraagstuk zijn terechte prioriteiten. Maar deze actiepunten zouden ook buiten het ‘frame ‘ van de circulaire economie tot uitvoering moeten komen. Tegengaan van verspilling is feitelijk een zaak van keiharde preventie, en aanpak van de plasticvervuiling een soortgelijke uitdaging, liefst binnen maar eigenlijk ook buiten materiaalketenbeheer. Dat de EC het storten van afval sterk wil terugdringen is prijzenswaardig. Maar ook in dit geval wordt gekozen voor een geleidelijke weg. Een eerder overwogen ‘ban on landfilling’ is kennelijk van tafel geraakt. Ook verbranding van afval in het kader van ‘Energy of Waste’ programma’s blijft mogelijk. Wie het hele pakket aan maatregelen – een actieprogramma en een reeks voorstellen tot aanpassing van de richtlijnen – overziet, stelt vast dat ecodesign, recycling en industriele symbiose de pijlers zijn, waarmee de circulaire economie gestalte moet krijgen. De EC hecht terecht waarde aan de Extended Producer Responisibility. De gebruikers mogen echter niet vergeten worden. Daarom moeten naast gebruik van duurzame materialen ook product- en materiaalhergebruik krachtig bevorderd worden.

Pallets (Foto: Pascal Vyncke, www.seniorennet.be)
Pallets (Foto: Pascal Vyncke, www.seniorennet.be)

‘Timmermans gaat Europese afvalberg te lijf’, luidt de kop in het Financiële Dagblad van 2 december 2015. De onbevooroordeelde lezer vraagt zich af, of de vicepresident van de EC het hele afvalbeleid naar zich toe heeft getrokken, en ook of hij de eerste Eurocommissaris is, die de afvalproblematiek aanpakt. Dat is niet het geval. Eerdere milieucommissarissen wisten echt wel van wanten, getuige ook de verdergaande  voorstellen van Janez Potočnik. Timmermans is evenmin alleen verantwoordelijk voor het CEP. Zijn medecommissarissen Elzbieta Bienkowska (interne markt), Karmenu Vella (milieu) en Jyrki Katainen (banen en groei) hebben ongetwijfeld ook een bijdrage geleverd. De keuze van een bredere, op circulaire economie, gerichte aanpak, compenseert misschien de magere kwantitatieve doelstellingen van het in woorden wel omvangrijke pakket. Dat er nog veel werk aan de winkel is blijkt uit de  ‘circulaire dilemma’s, die hooguit impliciet aan de orde komen:

  • Sturing door de overheid of producentenverantwoordelijkheid
  • Fiscale regelgeving of geliberaliseerde markt (met internalisering van milieukosten?)
  • Bindende richtlijnen of vrijheid productontwerp(ers)
  • Nationaal beleid of internationale samenwerking en regelgeving
  • ‘Lease society’ of recht op eigendom
  • Regionale of continentale markten

Of de waar- en werkelijkheid wel of niet in het midden liggen moet de toekomst uitwijzen. Stakeholders hebben de tijd tot 2030.  Intussen blijft de Ladder van Lansink richtingwijzer voor het materiaalketenbeheer. Dat is geen verassing voor politici en beleidsmakers, die weten dat alleen het uitspreken van de woorden ‘circulaire economie’ onvoldoende is voor een echte transitie.

 

 

 

 

Klimaatwet: wensdenken of werkelijkheid

OLYMPUS DIGITAL CAMERAHet discutabele Urgenda-vonnis, waarmee de (lagere, dat wel) rechter het kabinet opdroeg om een krachtiger klimaatbeleid te voeren, heeft geleid tot nieuwe pleidooien voor een Klimaatwet. De Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur (RLI) dringt aan op een dergelijke wet, en een deel van de Tweede Kamer klampt zich om begrijpelijke redenen vast aan het RLI-advies om de noodzakelijke CO2-reductie wettelijk te borgen. Wetgeving waarin lange termijn doelstellingen worden vastgelegd – soms toegepast in de VS – is nieuw voor Nederland. Duitsland en Frankrijk hadden geen Klimaatwet nodig om de Europese doelstellingen te halen. De Duitse wet met de regeling van de terugleververgoeding steekt overigens anders in elkaar dan de door de RLI bepleite Klimaatwet naar Amerikaanse snit. Frankrijk bereikt een aanzienlijke CO2-reductie door de combinatie van kernenergie en waterkracht.

Transitieopgave per energiefunctie Paars = Hoge energiewarmte; Blauw = Transport en mobiliteit; Lichtblauw = Verlichting en apparaten; Oranje = Lage temperatuurwarmte Bron: Rijk zonder CO2, RLI, september 2015
Transitieopgave per energiefunctie
Paars = Hoge energiewarmte; Blauw = Transport en mobiliteit; Lichtblauw = Verlichting en apparaten; Oranje = Lage temperatuurwarmte
Bron: Rijk zonder CO2, RLI, september 2015

RLI: Rijk zonder CO2
Toch verdient ‘Rijk zonder CO2’, het RLI-advies  aandacht, al was het alleen al omdat kernenergie niet wordt uitgesloten en fossiele energie pas op termijn in de ban wordt gedaan. Anders dan sommige lieden willen doen geloven, is directe sluiting van alle kolencentrales niet de hoogste wijsheid, evenmin als het kennelijke dogma om van kernenergie af te zien. De RLI richt trouwens de aandacht niet alleen op de elektriciteitssector, maar analyseert ook drie andere sectoren: de energievraag bij gebruik van lage en hoge temperatuurwarmte, en de sector transport en mobiliteit. Wie het grote aantal verkeersbewegingen waarneemt, weet, dat ook daar forse milieuwinst te behalen is. Kennelijk kan de mobiliteitssector zich nog steeds onttrekken aan de pressie een stevig klimaatbeleid. Het vliegverkeer mag nog groeien en het transport over de weg ondervindt – afgezien van tolplannen – geen belemmeringen. Hoe het ook zij: pleidooien voor een Klimaatwet verdienen serieuze aandacht. Maar dat wil niet zeggen, dat wettelijk afdwingbare verplichtingen eenvoudig zijn op te leggen. Integendeel. Daarbij komt, dat de energiemarkt geen grenzen kent, letterlijk noch figuurlijk. Dat geldt voor primaire energiebronnen als kolen, olie en gas maar ook voor de energiedrager elektriciteit, op welke wijze opgewekt dan ook.

Gewenste ontwikkelingen
De RLI maakt in het even degelijke als verrassende rapport ook duidelijk, dat alles moet meezitten wil het doel van een nagenoeg fossielvrij Nederland in 2050 gehaald worden. Naast positieve, feitelijk gewenste ontwikkelingen, die er inderdaad toe doen zijn schetst de RLI even zo vele ‘tegenhangers’, die er niet om liegen. Eerst de gewenste ontwikkelingen op een rij:

  • Een klimaatakkoord met bindende afspraken voor China, India, Noord-Amerika en Europa
  • Waarmaken van de ambities van de Europese Energie-unie in alle lidstaten
  • Zon wordt de belangrijkste energiebron, waardoor de vraag naar kolen sterk afneemt en uitstoot van CO2 na 2040 sterk daalt.
  • Maatschappelijk aanvaardbare en betaalbare ondergrondse opslag van CO2 (CCS) waardoor fossiele brandstoffen ruimte houden binnen een koolstofarme economie
  • Sterke verbetering van geopolitieke verhoudingen, waardoor afhankelijkheid van brandstoffenimport niet langer relevant is
  • Geïntegreerde bedrijfsmodellen benadrukken comfort, waardoor gekoppelde technologieën diverse marktpartijen bedienen.
  • Versnelde elektrificatie van het energiesysteem door ruime en betaalbare stroomopslag voor decentrale energiesystemen,
  • Doorbraak van thorium-reactortechnologie als goedkope en betrouwbare energiebron voor grote elektriciteitscentrales.
Primaire energievraag in PJ (links) en CO2-emissies in Mt (rechts) in 2012 voor de functies lage temperatuurwarmte (paars), hoge temperatuurwarmte (groen), licht,apparaten en databeheer (blauw) en transport en mobiliteit (oranje) Bron: Rijk zonder CO2, RLI (september 2015)
Primaire energievraag in PJ (links) en CO2-emissies in Mt (rechts) in 2012 voor de functies lage temperatuurwarmte (paars), hoge temperatuurwarmte (groen), licht,apparaten en databeheer (blauw) en transport en mobiliteit (oranje)
Bron: Rijk zonder CO2, RLI (september 2015)

Contra-indicaties
Maar de RLI schetst ook de overeenkomstige ‘tegenhangers’, negatieve ‘drivers ‘dus die een fossiel-arme, laat staan fossiel-vrije toekomst tot een illusie kunnen maken. Blijft een klimaatakkoord uit, dan gaat of moet elk land zelf kiezen tussen aanpakken van of aanpassen aan de klimaatproblematiek. Komt geen Europese Energie-unie tot stand, dan leidt nationaal energie- en klimaatbeleid tot concurrentie en tot nieuwe energiegrenzen binnen de EU. Een ander risico ligt in het onvolledig doorbreken van zonne-energie door onvoldoende koopkracht en te hoge kapitaalkosten. Zou CCS ook na 2030 niet van (of beter: in) de grond komen, wordt de rol van fossiele brandstoffen kleiner, maar nemen de energiekosten toe. Wanneer geopolitieke verhoudingen slechter worden, daalt het vertrouwen in internationale energiemarkten. De voorkeur voor Nederlandse energie neemt – zo lang gas gewonnen wordt – toe. Een andere tegenvaller is de eventuele versnippering van de markt van energietechnologieën:  de overheid moet dan (bij) sturen om een veilige, betrouwbare en betaalbare energievoorziening te waarborgen. Leveringszekerheid blijft immers het trefwoord. De RLI noemt ook expliciet tegenvallers bij voorzieningen, die ik al jaren geleden essentieel achtte: opslag van duurzame energie en kernenergie voor productie van basisvermogen. Blijft opslag van duurzame elektriciteit onhaalbaar, zullen schommelingen in de productie – dagelijks maar tussen de jaargetijden – het aandeel van zon- en windenergie beperken. En kernenergie gaat verder terrein verliezen, vooral wanneer de thorium-reactortechnologie niet tot wasdom komt: een negatieve ontwikkeling voor grootschalige stroomopwekking, die nodig blijft voor de industrie.

the-waste-hierarchyVoorkeursvolgorde met criteria
Hoewel een Klimaatwet een goed instrument kan zou zijn voor een consistent en geloofwaardig klimaatbeleid, kan moeilijk ontkend worden, dat bij de keuze van de energiebronnen in beginsel alle opties open moeten blijven. Daarbij kan een voorkeursvolgorde  – naar analogie van de afvalhierarchie – aan de hand van criteria behulpzaam zijn. Ook dient onderscheid gemaakt te worden tussen nationale resultaat-verplichtingen en internationale inspannings-verplichtingen. De afdwingbaarheid speelt daarbij een belangrijke rol, omdat de vrije energiemarkt geen grenzen kent. De tijd zal niet alleen leren of en in hoeverre een fossiel-vrije toekomst mogelijk is, maar ook of een Klimaatwet al dan niet blijft steken in wensdenken. Kenners van transities weten, dat de ene overgang de andere niet is. Wil Nederland de ambities waar maken, dan zijn daden – effectieve maatregelen – nodig, naast een groot draagvlak.